'Ik zie alleen die vijf donkergekleurde poppetjes: darmkanker'

Blog van Corien Oranje

Als je boven een bepaalde leeftijd komt, valt er eens in de twee jaar een paarse envelop in de bus met daarin de ‘zelfafname-test’. En dan weet je dat je jezelf weer moet overgeven aan dat ontluisterende tafereel van je eigen ontlasting opvangen en er in rond prikken met een plastic staafje, waarna je het staafje in een buisje moet steken en in een envelop op de bus dient te gooien.

Gelukkig ben je er daarna weer voor twee jaar vanaf. Want een week later krijg je altijd een standaard bericht dat er niets verontrustends is aangetroffen. Maar in de brief die ik dit keer krijg, staat iets anders: “Er is vervolgonderzoek nodig. We hebben bloed in uw ontlasting gevonden.”

Het begint meteen te knetteren in mijn hoofd. Kortsluiting. Ik vlieg over de woorden. Over anderhalve week naar de maag-lever-darmarts. Daarna een afspraak voor een colonoscopie en een week later de uitslag. In de envelop zit een folder met informatie over het kijkonderzoek. Interesseert me niet. Ik wil weten wat mijn kansen zijn. Helemaal op de laatste bladzijde hebben ze het voor me uitgetekend, voor het geval ik de cijfers niet begrijp. Honderd blauw gekleurde poppetjes. Sommige poppetjes hebben niks, maar de meeste hebben één of meer poliepen. Tijdens het kijkonderzoek snijdt de arts ze weg, zodat ze niet kunnen uitgroeien tot iets kwaadaardigs.

Ik zie alleen die vijf donkergekleurde poppetjes onderaan die slecht nieuws te horen krijgen: darmkanker. Vijf procent kans dus. Een kans van één op twintig. In mijn hoofd begint die vijf procent meteen uit te groeien tot vijftig procent. Ik verbeeld me dat ik het voel. Ja hoor, het is mis in mijn darmen. Helemaal mis. Gelukkig heb ik een meelevende familie.
“Je mag alles van mij hebben”, zegt mijn zus.
“Alles van je hebben?”
“Alle organen die je nodig hebt, bedoel ik.”
Wat zegt ze nou? Dat ik een stuk van haar darmen mag hebben? “En van Anton ook”, biedt ze gul aan.
Ik heb nog nooit gehoord van darmtransplantaties, maar je moet een gegeven paard niet in de bek kijken.
“O, wat lief. Maar ik wacht eerst even af wat de dokter zegt, oké?”

Geschreven door:

Corien Oranje

Auteur

Tip voor de redactie?

Of heb je een foutje gezien? Mail ons