‘Die vrucht? We slapen er nog een nachtje over’

In gesprek met Adam en Eva

In gesprek met Adam en Eva

Wanneer is het eens genoeg? Wanneer kan de dag stoppen en is ons takenlijstje leeg? Schrijver Reinier Sonneveld gaat in gesprek met Adam en Eva.

Een verhaal moet wel briljant zijn als je elke keer dat je het herleest, er weer iets nieuws in ontdekt. De zondeval in de Bijbel is zo’n verhaal. Toen ik het onlangs herlas, vroeg ik me bijvoorbeeld voor het eerst af waarom het eigenlijk een vrucht is die Adam en Eva verleidt. Waarom niet, zeg, een dier dat ze niet mogen aaien? Een steen die ze niet mogen gooien? Of een woord dat ze niet mogen uitspreken? En überhaupt, waarom is het eigenlijk een verbod, iets wat ze niet mogen, en geen eis, iets wat ze bijvoorbeeld dagelijks wél moeten? 

Verkooppraatje

Toen viel me eindelijk op dat het wel een verkooppraatje lijkt wat die slang bij die gevaarlijke boom doet. Als een soort marktkoopman prijst hij de waren in zijn kraampje aan. Kijk nou toch eens, hoe heerlijk! Als je dit eet, gebeuren er mirakels! En daarbij belooft hij iets in de toekomst, waarbij hij de fantasie van Adam en Eva activeert: ‘Jullie zullen helemaal niet sterven; jullie worden als goden.’ Op dat punt in het verhaal zijn er nog nooit mensen gestorven en ze geloven niet in goden, maar ze kunnen zich er wel iets bij voorstellen.

En dan gaan ze likkebaarden. De vruchten zagen er ‘heerlijk’ uit, staat er, ze waren ‘een lust voor het oog’, het was ‘aanlokkelijk’ wat ze er allemaal door zouden krijgen. Typisch iets wat mijzelf kan gebeuren als ik door een boekwinkel loop of bij een internetwinkel naar een cappuccinoapparaat zoek. Ik zie een buitenkant, die is veelbelovend, en ik stel me van alles voor bij wat mij dat allemaal kan bieden aan prettige gevoelens en belevenissen. Mijn verbeeldingskracht wordt geactiveerd en die verkoopt dat product aan mij. Net als bij Adam en Eva. In hun fantasie opent zich een wereld aan nieuwe mogelijkheden. Stel je voor dat… En opeens is de overvloed die ze hebben niet meer genoeg.

Koningen zonder kiespijn

Wanneer is het genoeg? Wanneer is mijn dag klaar en kan ik ophouden met denken en regelen? Wanneer kan ik stoppen met ‘aan mezelf werken’? Wanneer ben ik klaar met het kopen van boeken, opgezette vlinders en fossielen? Het is zelfs een van de grote kwesties van onze tijd, denk ik. Vergeleken met een paar eeuwen terug leven we tegenwoordig allemaal als koningen. Beter zelfs. De koningen in de middeleeuwen konden sterven aan een simpel griepje.

Wanneer kan ik stoppen met aan mezelf werken?

Ze hadden voortdurend kiespijn. Ze stonken. Ze waren voortdurend in oorlog. Hun kinderen overleden massaal. We beseffen nauwelijks hoe ongelooflijk comfortabel ons leven is geworden en hoeveel kansen we erbij hebben gekregen. Het is kortgeleden dat alleen de allerrijksten enige opleiding kregen en bijvoorbeeld boeken konden lezen of überhaupt in bezit hadden. Een boerenkind werd nooit een burgemeester. Nu zijn er tientallen voorbeelden van, alleen al in Nederland.

Verleiding weerstaan

Natuurlijk zijn er nog steeds allerlei beperkingen, maar historisch gezien kunnen we meer dan ooit. En – ook nieuw – we menen op meer dan ooit recht te hebben. De koningen van de middeleeuwen klaagden zelden over hun eeuwige kiespijn, laat staan de rest van de bevolking. Zoiets hoorde er gewoon bij. Boerenkinderen gingen niet de barricades op omdat ze geen burgemeester konden worden. Zij vonden zoiets niet gepast, niet hun plek. We zien echter overal om ons heen kansen – voor anderen én voor onszelf – en daar hebben we misschien wel recht op.
Die combinatie is explosief. Op zichzelf zijn die nieuwe mogelijkheden en onze emancipatie prachtig, het is iets goeds dat er veel meer kan en dat we zo veel trots hebben dat we het überhaupt overwegen of het voor ons is. Maar bij elkaar kunnen we er niet mee omgaan. Al was het maar omdat we er niet op gebouwd zijn. We komen uit een savanne met een dieet van twintig producten en honderd stamgenoten die allemaal hetzelfde werk deden. En met een brein dat dáárop gebouwd is, zitten we vervolgens op internet met een miljoen producten en zeven miljard medemensen die ons allemaal wat anders voorspiegelen. Het is alsof we in het paradijs zitten en er is niet één boom, maar een heel bos met overal slangen die ons toelispelen dat we niet alleen goden kunnen worden, maar ook popsterren, hardlopers, nieuwslezers, topkoks… Hoe hadden Adam en Eva díé verleidingen kunnen weerstaan en een beetje tevreden kunnen blijven? En hoe kunnen wij dat?

Een hek om de boom

Het kan helpen ons in te leven in Adam en Eva en ons voor te stellen wat in hun geval een oplossing was geweest. Het eerste wat ik dan bedenk, is dat ze eigenlijk best een hek om die gevaarlijke boom hadden kunnen zetten. Nietwaar?

Na etenstijd die vervloekte smartphone niet meer aanraken

Of anders die boom zelfs omhakken. Waarom niet eigenlijk? Dan waren ze in elk geval van de druk af. Het is maar een gedachte-experiment, maar het helpt me wel om voor onze eigen situatie iets te bedenken. Afgrenzen dus. Een soort hek zetten om al die ‘bomen’ in ons leven die er ‘heerlijk’ uitzien. Concreet: dat we die vervloekte smartphone eens kunnen laten liggen. Na etenstijd dat ding niet meer aanraken. Daarmee zouden we – dat denk ik echt – miljarden aan therapie en antidepressiva besparen.

Aangepraat probleem

Wat hadden Adam en Eva nog meer kunnen doen? Stel dat ze geen hek hadden gebouwd of hun eigen hek hadden geopend; wat hadden ze bijvoorbeeld tegen die slang kunnen zeggen? Een van de beste vragen die ik bedenk, is dan: ‘Wat, beste slang, is nu eigenlijk het probleem? Wat wordt ermee opgelost als ik die vrucht eet?’ Bijna alles wat ons verkocht wordt, in het echte leven of online, lost niet echt meer iets op, maar praat ons eerst een probleem aan: je hoort er niet bij, je bent ouderwets, je bent niet aantrekkelijk, je bent fout en immoreel. Het verkoopt ons een schijnoplossing, zoals de slang in het paradijs al deed.

‘Morgen weer een dag’

Ik denk dat dit een bruikbare vraag is om jezelf dagelijks te stellen: wat los ik nu eigenlijk op? Ben ik nu echt een wond aan het genezen, een gevaar aan het bestrijden? En draag ik nu echt iets bij? Je wijdt je dan eerder aan de echte issues en de rest laat je gaan. Heel veel van waar wij ons druk over maken, valt dan weg. De dag is tenminste eens een keertje klaar. Morgen weer een nieuwe dag. Ja, misschien hadden Adam en Eva dát moeten terugzeggen: ‘Nou, beste slang, vandaag is ook maar vandaag. Die vrucht? We slapen er nog een nachtje over. Eens zien of die dan nog steeds zo vreselijk belangrijk voelt…’

Beeld: Jedi Noordegraaf

Tip voor de redactie?

Of heb je een foutje gezien? Mail ons