‘Ik had wel meer briefjes uit de hemel willen ontvangen’

Marlies Coppoolse (39) over haar kookstudio Studio Izzy

Marlies Coppoolse (39) is de trotse eigenaar van kookstudio Studio Izzy en sinds kort ook van Izzy Kafeetje in Doetinchem. Dat was in eerste instantie niet de toekomst die ze voor ogen had. “Ik heb daarin Gods leiding ervaren en zie het bedrijf ook echt als Zijn eigendom. Als Hij wil dat we vertrekken, gaan we. Ik zit nergens aan vast.”

“Hét voordeel van een eigen koffiezaak,” lacht Marlies, hintend op de nieuwe zak met bonen die ze uit de voorraadkast haalt. Na een rondleiding door Studio Izzy – gelegen in de achtertuin – staan we nu in de ruime keuken. Terwijl Marlies de bonen in het koffiezetapparaat laat glijden, legt ze uit dat deze koffie niet ‘fair trade’ maar ‘direct trade’ is. “Een Nederlandse afnemer koopt de bonen direct in bij de lokale boer. Zo weten we zeker dat de koffieboer eerlijk betaald krijgt.”

Dat is een bewuste keuze, zegt ze. “Want God heeft ons allemaal gemaakt met een talent. Het is onze verantwoordelijkheid om dat in mensen naar boven te laten komen en ze daar dus ook eerlijk voor te betalen.” En dat is terug te zien in meer keuzes die Marlies maakt.

God heeft ons allemaal gemaakt met een talent

‘Waar ben ik mee bezig?’

Het is 2014. Marlies besluit te stoppen met haar werk als groepsbegeleider in de jeugdzorg. “Ik trok het gewoon niet,” vertelt ze nadat ze aan de eetkamertafel is aangeschoven.

Als ze terugdenkt aan die tijd, verdwijnt haar glimlach. “Ik sliep slecht en had veel buikpijn als ik naar mijn werk reed.”

In de vijf jaar dat Marlies op de woongroep werkt, merkt ze dat de problematiek steeds heftiger wordt. Ook de agressie neemt toe. “Kinderen vielen mij of elkaar aan, spullen vlogen door het huis. Als groepsbegeleider mag je alleen je mond gebruiken. Geen lichamelijk contact. Maar als kinderen elkaar aanvallen, dan moet je wel. Terwijl je daar niet op getraind bent.” Ze zucht. “Dat vond ik heftig.”

Gevoelige kant

Wanneer de komst van een jongere met intense problemen voor nóg grotere spanningen op de groep zorgt, belandt Marlies in de ziektewet. “Ik geloof dat God mij toen heeft laten zien: dit werk past niet bij jou. Ik ben altijd al gevoelig geweest voor sfeer en ruzie. Als mijn ouders ruzie maakten, riep ik al heel snel: ‘Nee, jullie gaan toch niet scheiden?!’ De conflicten in de jeugdzorg botsten hard met mijn gevoelige kant. Ik dacht: waar ben ik mee bezig? Hier ben ik niet voor gemaakt.”

Toch besluit ze, na een korte periode in de ziektewet, haar werk weer op te gaan pakken. “Dat deed ik om er weer sterker uit te komen, en daarna mijn eigen weg te kiezen.”

‘Op de knip’

Zonder een concreet plan voor ‘erna’ zegt Marlies uiteindelijk haar werk op. In diezelfde tijd verandert haar man Elkin van baan, waardoor hij er in salaris op achteruitgaat. “Het was voor ons een stap in geloof om te zeggen, ook qua financiën: we leggen het in Uw handen.”

Met het verlaagde salaris van Elkin en het wegvallen van Marlies’ inkomen, leeft het gezin een tijdlang ‘op de knip’. Iedere week mogen ze maximaal vijftig euro besteden; daar worden de boodschappen van gehaald en af en toe een cadeautje. “Met de calculator van mijn telefoon telde ik in de supermarkt alles wat ik in mijn wagentje gooide op. Aan de hand daarvan besloot ik wat ik wel kon kopen en wat niet.”

Anders leren koken

Glimlachend: “Ik zag dat toen echt als een uitdaging. Naast bewuster met spullen en geld omgaan, heb ik in die tijd ook anders leren koken. Ik keek in de koelkast en zag: er ligt nog wat feta, wat andijvie en ik heb nog een beetje rijst… Wat kan ik hiervan maken? Zo hadden we elke avond toch weer een pan met een verse, gezonde maaltijd op tafel staan. Hoewel we van minder geld moesten zien rond te komen, kwamen we nooit iets tekort.”

Nog steeds probeert Marlies van zo weinig mogelijk zo veel mogelijk te maken én geen onnodige spullen te kopen. “Voordat ik naar de winkel ga, kijk ik eerst of ik iets kan hergebruiken wat ik al heb. Zo heb ik aan een verwarmingsbuis – die we nog overhadden na de verbouwing – plafondlampen opgehangen. En als ik bijvoorbeeld andere eetkamerstoelen wil, verkoop ik deze eerst op Marktplaats. Van de opbrengst koop ik dan weer nieuwe, tweedehands. Zo kun je je interieur, zonder dat het iets kost, toch vernieuwen.”

Afspoelen met de doucheslang

Nadat Marlies is gestopt met haar werk in de jeugdzorg, besluit ze het bakken van taarten – wat ze eerst hobbymatig deed – professioneler op te pakken. Vanuit huis bakte ze taarten op bestelling. Na een paar maanden kopen zij en Elkin een kleine caravan op Marktplaats, die ze ombouwen tot een foodtruck. Hiermee staat ze op verscheidene bruiloften; mensen kunnen bij haar koffie en een taartje halen. Glimlachend: “Ik heb heel wat feestjes mogen meemaken.”

God zet mensen op de voor hen bedoelde plek

Na een jaar loopt het allemaal zelfs zo goed, dat ze stopt met de losse taartbestellingen en zich alleen op de foodtruck richt.

Maar gaandeweg merken Marlies en Elkin dat ze uit hun huis groeien. “Dan kwam ik weer terug van een bruiloft met allemaal vieze kopjes en gebaksbordjes, die ik in mijn kleine keuken niet kwijt kon. Ik zette de kratten met servies in de badkamer neer en spoelde alles direct af met de doucheslang, zodat er niet allemaal fruitvliegjes op afkwamen. De volgende dag ging alles in de vaatwasser en daarna verplaatste ik het naar de schuur. Het werd al snel duidelijk: we hadden extra plek nodig.”

Tot hun verrassing

De zoektocht naar een nieuw thuis begon, terwijl ze baden om Gods leiding. Al was het niet altijd duidelijk welke bestemming God voor hen op het oog had. “We hadden bijna een huis in Enschede gekocht,” blikt Marlies terug. “Door meerdere ‘tekens’ hadden we beiden het gevoel dat God dat wilde. Zo vonden we het bijzonder dat we ineens de eigenaar van dat pand door onze straat zagen rijden. Dat kon toch geen toeval zijn? We dachten echt dat het Gods stem was die ons vertelde dat we het moesten kopen.”

Niet verfrommeld

“Het zou een stuk makkelijker zijn als er een stem uit de hemel kwam die je precies vertelde wat je moet doen,” vervolgt Marlies. Die stem heeft ze nog niet gehoord, wel ontving ze naar eigen zeggen ooit een ‘briefje uit de hemel’.

“Toen we nog vrij jong waren, werden we gevraagd oudsten te worden in de kerk. Ik had er eigenlijk helemaal geen zin in, maar we hebben ervoor gebeden en het in Gods handen gelegd. Op een ochtend opende ik de deuren naar onze tuin en daar lag een A4’tje met daarop Matteüs 16:18. We hebben die Bijbeltekst opgezocht: ‘Jij bent Petrus, en op die rots zal Ik Mijn kerk bouwen.’ Het was een heel mooi A4’tje, niet verfrommeld of zo. Hoe kan het dan dat het precies voor jouw deur ligt? Op basis daarvan zeiden we tegen elkaar: we gaan het doen.” Peinzend: “Eerlijk gezegd had ik wel meer briefjes uit de hemel willen ontvangen. Dat is zo zichtbaar. Heel vaak is het niet zo tastbaar: is dit echt wat God wil? Of niet? Ik denk dat je daar vaak pas later achter komt.”

‘Is dit toeval, of een teken?’

Korte tijd voordat ze hun woning in Enschede uit moeten, zien ze opnieuw – eerder op Marktplaats, nu op Funda – hun huidige huis in Doetinchem langskomen. Hoewel Marlies nooit had gedacht weer in haar geboorteplaats te gaan wonen, besluiten ze toch te gaan kijken. En na de bezichtiging hun keuze bij God neer te leggen.

Een lang proces van bidden en zoeken volgt, met meerdere ‘tekenen van Boven’, waaronder een letterlijke wake-upcall. “Elkin wordt nóóit in de nacht wakker,” vertelt Marlies verwonderd. “Maar nu werd hij dat ineens wel. De digitale klok stond op 03:14 – het netnummer van Doetinchem. Dan blijf je je toch afvragen: is dit toeval, of een teken? Daar baden we later ook voor: ‘Als het niet zo moet zijn, laat de deur dan sluiten.’”

Maar die deur bleef wagenwijd open en ze kochten het huis. “Ik geloof dat God antwoordt, als je Hem bewust om een keuze vraagt. Net als bij het verhaal van Gideon, waarin God hem duidelijk maakt wat hij moet doen aan de hand van een droog of nat kleed.”

Heb je ook periodes ervaren waarin het wel stil bleef?
“Wel een periode waarin mijn lijn met God vager was, doordat ik – tegen beter weten in – een relatie in stand hield die niet goed voor me was. Voordat ik ging studeren had ik een klein jaar een relatie met een moslimjongen. Ik voelde: dit is niet Gods plan met mij. Uiteindelijk werd hij uitgehuwelijkt en vertelde hij mij: ‘Ik wil jou er wel bij houden.’ Het was net of ik toen wakker schrok en dacht: waar ben ik mee bezig? Gaan!”

Vier weken voordat Marlies de relatie met hem verbreekt, heeft ze voor hem haar plannen gewijzigd. Ze besluit zich niet meer aan te melden bij de opleiding sociaal-pedagogische hulpverlening in Nijmegen, maar in Enschede, omdat haar toenmalige vriend daar in de buurt woont. “Ik had het goed uitgezocht en wilde in Nijmegen gaan studeren omdat de studie daar een stuk creatiever was. Maar vrij spontaan heb ik me toen toch ingeschreven in Enschede. Daar heb ik ook Elkin leren kennen. Zou het – achteraf gezien – dan toch onderdeel van het plan van God zijn geweest? Als ik God later ontmoet, wil ik Hem dat graag vragen.”

Aandacht

Een jaar nadat het stel zijn intrede heeft genomen in hun nieuwe huis en de schuur erachter heeft opgeknapt, stopt Marlies met de foodtruck. De ruimte is klaar en die is zo groot: die kan als meer dienen dan alleen maar een ‘opslagruimte’. “We hebben er een bank in gezet, wat lange tafels en zijn daarin begonnen met het geven van pizza-workshops.”

Al gauw komen daar meer kookworkshops bij en organiseren ze aanschuifmaaltijden. “Iedereen kon gewoon komen eten. We organiseerden ook weleens een pizza-avond, dan kon men zich inschrijven voor iets van vijftien euro en onbeperkt pizza’s eten. Dat was erg gezellig en mensen vonden het fijn dat ze met anderen konden eten, in plaats van alleen thuis te zitten. Het is mooi om met anderen in gesprek te gaan, aandacht voor hen te hebben en ze echt te zien.”

God heeft ons niet op de wereld gezet om ons eigen leven te leiden

Na een korte stilte: “God heeft ons niet op de wereld gezet om ons eigen leven te leiden. We zijn gemaakt om elkaar te helpen en daarin te kunnen getuigen van God. Dat is de basis. Wanneer ik me later – op mijn oude dag – afvraag of mijn leven nuttig is geweest, dan hoop ik dat ik voldoende tijd en aandacht aan anderen heb besteed, en niet geprobeerd heb zo veel mogelijk geld te verdienen. Al kun je met dat laatste uiteraard ook weer nuttige dingen doen. Maar dit is een levenshouding die beter bij mij past.”

‘Extra ouders’

“Het is iets wat ik van huis uit heb meegekregen,” vervolgt Marlies. “Het huis van mijn ouders stond altijd open. Op vrijdagavond kwam er vaak een man met het syndroom van Down bij ons koffiedrinken. En in het weekend logeerde er weleens iemand die geen fijne thuissituatie had en in mijn vader en moeder ‘extra ouders’ vond. We hadden een soort van inloophuis. Met op een gegeven moment ook pleegkinderen en jongens en meiden die in het weekend kwamen logeren.” Met een glimlach: “Mijn ouders hielpen altijd anderen, dat typeert hen.”

Nieuwe uitdaging

Diezelfde glimlach komt terug als Marlies even later vertelt over haar nieuwe uitdaging: Izzy Kafeetje. “Het is altijd mijn droom geweest om een koffiecafeetje te hebben. Ik ben blij met de studio en vind het fijn om aan huis te werken. Maar dat koffiecafé bleef altijd nog wel in mijn achterhoofd zitten.”

Als ze via via gevraagd wordt of ze een vaste horecazaak wil beginnen in een nog te openen pand voor verschillende sociale en culturele activiteiten, moet ze daar toch even over nadenken. Want is dat wel verstandig, zo midden in de coronacrisis? “Het is gekkenwerk, maar het is zo’n mooie kans dat ik ja heb gezegd. En eind januari zijn we gestart.”

Een andere bestemming

Voordat ze ‘ja’ kon zeggen, wilde Marlies eerst een andere bestemming vinden voor Studio Izzy. “Ik dacht heel lang: dan heeft de studio geen functie meer. Ik heb daarom een nieuw plan bedacht voor de ruimte. Wat nou als we er een bed in zetten en een badkamer in laten maken? Dan kunnen we het verhuren.”

Zo gezegd, zo gedaan. Ze kregen van iemand uit hun netwerk een lening voor de verbouwing, die ze al snel weer konden terugbetalen dankzij de goede verhuur. “Nu is het geen nutteloze ruimte meer, want mensen kunnen er toch nog van genieten.”

Stille evangelisatie

“Wanneer ik terugkijk op de afgelopen jaren vind ik het zo bijzonder dat God alles leidt. Ik hoef nooit mijn best te doen om opdrachten binnen te krijgen, en we hebben ons geen dag zorgen gemaakt om onze financiën. Geld interesseert me ook niet; zolang je ervan kunt leven, is het goed. Het is vooral belangrijk dat je iets doet waar je blij van wordt en waarin je anderen tot zegen mag zijn.”

Wanneer ik terugkijk op de afgelopen jaren vind ik het zo bijzonder dat God alles leidt

Het is niet zo tastbaar als het opnemen van een pleegkind, evangeliseren op straat – wat ze als tiener deed – of hulp verlenen in Afrika, bedenkt Marlies hardop. “Maar toch, je kunt ook een zaadje in iemands leven planten in Nederland. God leeft in mij, dus waar ik ben, is Hij. Hij is mijn kompas, mijn geestelijke adem. En ik geloof dat mensen dat zien. Een soort stille evangelisatie.”

Tot bloei komen

“Ik geloof ook dat God anderen op je pad brengt,” vervolgt Marlies. “Dat zie ik nu al bij het café. Ik heb niemand gevraagd te komen helpen, maar mensen bieden zichzelf aan, omdat het ze ontzettend leuk lijkt. Zo zijn alle dagen al gevuld. Ik zie dat zij het leuk vinden en dat ze ook tot bloei komen. Daarin zie ik Gods hand: Hij zet mensen op de voor hen bedoelde plek.”

Een plan

“In dit verband vind ik het verhaal van Ester erg mooi. Als jonge vrouw wordt zij door de koning uitgekozen om een van zijn vrouwen te worden. In eerste instantie verwacht niemand dat. Maar God heeft met Ester – en haar positie – een hoger doel in gedachten. Ester moest ook dingen doen die voor haar gevaarlijk waren. Naar de koning gaan zonder toestemming? Daar riskeerde je je leven mee. Toch deed ze het. Ze zet die stap in geloof en doet wat ze moet doen. God beschermt haar en helpt – door Ester – Zijn volk. Mooi hoe je in dat verhaal Gods hand zo duidelijk terugziet. Hij heeft een plan met haar en helpt haar dat uit te voeren.”

Marlies gaat even verzitten en zegt: “Mijn ouders hebben mij altijd voorgehouden: God is als een Vader. Hij zoekt het beste voor ons, dat wat bij ons past. Het is aan ons om dat te vinden en daarnaar te luisteren.”

Geschreven door:

Elsina Neutel

Redacteur

Tip voor de redactie?

Of heb je een foutje gezien? Mail ons