God maakte een foutje toen Hij de wereld schiep: mannen met de griep

Blog van Elbert Smelt

Sniffend en rillend schuifel ik door het huis. Ben op weg naar een nieuwe dosis paracetamol. Ik voel me een schaduw van de bezige bij die ik dacht te zijn. Ik ben geveld. Geveld door de griep.

Het begint met een hangerige peuter die terugkomt van de opvang met een of ander virus. Nee, niet dat ene virus dat begint met een grote C, maar gewoon een ouderwets griepvirus. Na de peuter krijgt de een na de ander het. Ons dochtertje van 6 glundert als ze eindelijk koorts heeft en niet naar school mag. “Eindelijk kwarantaine,” verzucht ze. Linda en ik slaken een zucht van een heel andere aard: topsport dit.

Linda doet rillend van de koorts de nachtvoedingen en telkens hoest de baby zich weer wakker. De oudsten zijn al een paar dagen thuis van school en ondertussen moet ik nog allemaal dingen afronden.

Tijdens mijn laatste werkdag voor de vakantie ben ik aan de beurt. Huiverend van de koorts sta ik ’s nachts thee te maken en trek ik voor de zoveelste keer een droog T-shirt aan. Ik kijk in de spiegel. M’n wallen komen tot m’n enkels en de moed zakt me in de schoenen. En dan te bedenken dat ik Linda een paar dagen eerder, in zieke toestand, alleen heb achtergelaten met alle kids, omdat ik moest presenteren! Ik kan nog amper een kind in m’n omgeving verdragen. Ze bewegen zo erg. En dat lawaai de hele tijd. En alles doet me pijn: m’n botten, zelfs m’n haar op m’n hoofd!

Trillend en huiverend klik ik de volgende dosis aspirinepillen uit hun stripjes, stop ze snel in m’n mond, doe een schietgebedje, en slik ze in met een slok thee. Ik vind het buffelen om in zieke toestand voor een gezin te zorgen terwijl het kerstvakantie is. Als estafetterunners geven we het stokje half ziek, of half herstellend, aan elkaar over. Blij dat de een net wat ‘beterder’ is dan de ander. Je zult maar alleenstaand ouder zijn, zoals onze buurvrouwen. Ik ben heus wel dankbaar dat onze rampspoed beperkt blijft tot een griepje. Maar echt, Rikkert heeft gelijk: “God maakte een foutje toen Hij de wereld schiep: mannen met de griep.” En met mannen met de griep omgaan, dat is pas écht topsport.

Tip voor de redactie?

Of heb je een foutje gezien? Mail ons