Elbert onderging een transitie

‘Ik was bang alles en iedereen kwijt te raken’

Jarenlang ligt Elsbeth Bot met zichzelf overhoop en weet ze: er klopt iets niet. Ze heeft het lichaam van een meisje, maar voelt zich een jongetje. Lange tijd begraaft ze haar gevoelens en leeft ze een diepongelukkig leven. Tot ze een drastisch besluit neemt. “Sinds twee jaar ga ik als Elbert door het leven.”

“Elsbeth? Die had een jongetje moeten zijn,” zeggen mijn ouders vaak. Ik speel het liefst met mijn broers, en ga met vriendjes voetballen en hutten bouwen. Ik gruw van de rokken en jurkjes die ik altijd aan moet. Jaloers kijk ik naar de stoere broeken en gympen van mijn broers en ik voel me intens gelukkig als ik tijdens een potje voetbal een trainingspak aan heb. Nieuwe kleding kopen is een beproeving voor me. Standaard sta ik bij de jongensafdeling. Ik heb het niet eens door. Dáár liggen toch de leuke kleren?

Elsbeth? Die had een jongetje moeten zijn

Spannend

Over de vraag of hij zijn verhaal wil vertellen, hoeft hij niet lang na te denken. Spannend vindt hij het wel, geeft hij toe op een winderige ochtend in de woonkamer van zijn rijtjeshuis in Maassluis. Op de hoek van de bank ligt een opengeslagen medisch boek. In een hok aan de tegenoverliggende wand steekt een cavia nieuwsgierig zijn kop boven de tralies uit. De twee kinderen van Elbert Bot (35) zijn uit logeren en zijn partner Mark is boven aan het werk, dus voorlopig heeft hij het rijk alleen.

Kop boven het maaiveld

Eerlijk is eerlijk, Elbert vindt het veel makkelijker om gewoon anoniem zijn leven te leven en niet zijn kop boven het maaiveld uit te steken. “Het is een heel persoonlijk en kwetsbaar verhaal,” zegt hij, terwijl hij een theezakje zachtjes laat dansen in de theepot die hij zojuist op tafel heeft gezet. “Mijn eigen gezin en familie worden er nu ook weer mee geconfronteerd, en ergens wil ik ze dat besparen. Tegelijkertijd hoop ik dat mensen hierdoor het thema beter begrijpen.”

Als ik 14 ben, verlies ik totaal onverwacht mijn vader. Tijdens een vakantie in Oostenrijk gaat hij wandelen in de bergen, raakt vermist en komt nooit meer terug. Dat heeft enorm veel impact op ons gezin en op mijzelf. Mijn vader was mijn identificatiefiguur: hij was wie ik wil zijn.

Een dikke laag beton

In Elsbeths jeugd en christelijke milieu waarin ze opgroeide, had nog nooit iemand gehoord van transgenders. Ze wist sinds ongeveer haar 8e dat ze zich een jongetje voelde, maar zolang ze daar geen woorden aan kon geven – laat staan begreep wat transgender was – bleef het ongrijpbaar. Op school werd ze gepest. Dat ze een jongetje was. Onzijdig.

Ik schaam me verschrikkelijk in die lelijke jurk

Er zal bij mij wel iets niet kloppen, dacht ze, want ik ben niet zoals de andere meisjes. Erover praten deed ze niet. Ze voelde zich sociaal onwenselijk, had voortdurend het idee dat mensen haar raar vonden en durfde niet te zijn wie ze was. Omdat ze niet wist hoe ze met haar verwardheid moest omgaan, hield ze zichzelf voor dat ze maar niet te veel moest voelen. In de loop der jaren begroef Elsbeth al haar schaamte en ongemak onder een dikke laag beton.

Op de middelbare school trekken jongens en meiden meer gescheiden op en raak ik mijn vriendjes kwijt. Ik hoor ineens bij de meisjes. Daar voel ik me doodongelukkig. Ik heb altijd het gevoel dat ik ze niet begrijp. Zomers lopen ze in topjes, maar ik schaam me naar in die dingen. Geen haar op m’n hoofd die eraan denkt een topje aan te trekken. Op sommige momenten denk ik: het leven hoeft voor mij niet meer.

‘Niets voor meisjes’

Het was misschien wel Elsbeths doorzettingsvermogen wat haar door haar middelbareschooltijd heen sleepte. Ze koos na haar examen voor een hbo-opleiding in de zorg. Hoewel ze ook interesse had in de hogere agrarische school, maar dat raadde haar decaan af. “Niets voor meisjes.”

Nieuwe vriendschappen en een leuke studententijd gaven Elsbeth weer wat moed. Tijdens deze opleiding hoorde ze voor het eerst iets over intersekse, waarbij iemand geboren wordt met zowel mannelijke als vrouwelijke geslachtskenmerken.

Zie je wel, dát is het vast bij mij. Als ze ooit een echo bij mij maken, ontdekken ze dat ik vanbinnen een jongetje ben.

Relaxte moeder

Die ontdekking gaf een klein beetje woorden aan hoe Elsbeth zich voelde. En het bood haar ook weer wat perspectief, alsof er nog een uitweg was. Toch was de confrontatie nog zo groot, dat Elsbeth haar gevoel opnieuw wegstopte. Aan het einde van haar opleiding ontmoette ze Mark, op wie ze spontaan verliefd werd. Mark viel voor haar stoerheid en zocht daar verder niets achter. Ze trouwden toen Elsbeth 23 was.

Op onze trouwdag lopen we van het stadhuis naar de kerk. Ik schaam me verschrikkelijk in die lelijke jurk, opgedirkt en al. Dat vind ik wel gek. Want iedere vrouw voelt zich toch gelukkig in een trouwjurk? Waarom vind ik het dan weer vreselijk? Ik zie het opnieuw als een bevestiging: o ja, er is iets met mij. Maar ik heb geen idee wat. Kort erna zet ik de jurk te koop op Marktplaats. Weg ermee!

Elsbeth en Mark kregen twee kinderen. Toch voelde ze zich nooit echt ‘moeder’. Iedereen vond haar zo’n relaxte moeder, dus ook daarin was ze anders dan de rest. Maar met twee jonge kinderen en een baan in de zorg gunde Elsbeth zich niet veel tijd om daarover na te denken.

In 2016 krijg ik de ziekte van Lyme. Ik zit zeven maanden ziek thuis en kan niet meer vluchten in hard werken en doen of er niets aan de hand is. Ik raak depressief en kom terecht bij een hulpverlener. Daar komt veel pijn uit het verleden boven, en gaat het ook over mijn identiteit. Na diverse gesprekken kan ik begin 2018 eindelijk woorden geven aan mijn jarenlange verwarring: ik ben transgender. Mijn wereld stort in.

‘Het greep me bij de keel’

“Er was vooral paniek,” herinnert Elbert zich nu. “Hélp! Misschien was er ook wel opluchting, maar omdat het zo groot was, greep het me vooral bij de keel. Want ik kon zéggen dat het zo was, maar daarmee was nog niets opgelost. Ik moest nog steeds als vrouw door het leven, het had alleen een naam.

En dan natuurlijk nog de vraag: wat moet ik ermee? Ik ga écht niet in transitie, dacht ik. Dat kan niet en dat mag niet. En dat durf ik nooit.”

Wat was je grootste angst?
“Dat ons huwelijk zou stranden. Later, toen ik serieus over transitie nadacht, wist ik: als dit het einde van ons huwelijk betekent, vind ik dat ik het niet mag doen. Omdat ik daarmee iets kapotmaak. Dan kan ik mezelf niet meer in de spiegel aankijken.”

En dan komt het moment dat je aan Mark en de kinderen moet vertellen dat je eigenlijk een man bent…
“Een paar dagen later heb ik het op een avond inderdaad aan Mark verteld. Nee, het was geen grote schok voor hem. Ik denk omdat hij wel aanvoelde dat er iets was en omdat we al meer gesprekken in die richting hadden gehad. Er vielen voor hem ook puzzelstukjes op hun plek. Na dertien jaar huwelijk ken je elkaar natuurlijk wel een beetje. Wat ik enorm heb gewaardeerd, is dat Mark altijd respectvol is geweest. We konden erover praten en ik voelde me veilig bij hem. Alleen dán blijf je met elkaar in verbinding.”

Op losse schroeven

Even is het stil. Alleen het tikkende geluid van de cavia die uit zijn waterfles drinkt, is te horen. Dan zegt Elbert: “Het besef dat onze eigen relatie, maar óók die met mensen om ons heen, ineens op losse schroeven stond, heeft ons dichter bij elkaar gebracht. Want we wisten: we moeten elkaar vasthouden en er voor elkaar zijn. Dat hebben we bewust naar elkaar uitgesproken. Mark besefte hoe heftig het voor mij was en ik besefte hoe ingrijpend het voor hem was.”

‘Je ware identiteit ligt in Christus,’ zeggen mensen soms tegen me, als ik hun vertel dat ik nadenk over transitie. En ze hebben helemaal gelijk. Zoals met zo veel dingen die mensen de laatste tijd tegen me zeggen. Maar het is geen antwoord op mijn worsteling. Want God, moet ik dan mijn hele leven toneelspelen? Is dat wat U wilt?

Je hoeft het niet met mijn keuze eens te zijn

Maakte het feit dat je christen bent dit proces extra moeilijk voor je, of bood het juist steun?
“Mijn geloof gaf me veel steun en kracht in moeilijke periodes. Maar toen ik de keuze voor transitie overwoog, was het ook een hele worsteling. Want wat was een goede keuze? En is God er oké mee als ik kies voor transitie?”

Heb je daar antwoord op gekregen?
Glimlachend: “Ik heb geen briefje uit de hemel ontvangen. Het is een proces geweest. Ik merkte dat ik psychisch steeds meer vastliep door niet in transitie te gaan. Als je eenmaal echt eerlijk bent en toegeeft dat je man bent, kun je eigenlijk niet meer als vrouw verder.

Bovendien realiseerde ik me op een gegeven moment dat ik vooral bezig was met de vraag of het nu wel of niet mag. Maar dat is eigenlijk geen goede vraag. Het is meer de vraag: hoe kan ik God dienen, hoe kan ik met Hem leven? Van daaruit maak je keuzes.”

Wat me nog het meeste pijn doet, is als mensen vragen: ‘Wat doe je je man en kinderen aan?’ Want dat weet ik heel goed. Ik kies hier niet voor en ik wíl hun niets aandoen. Dat is ook de reden dat ik zo lang mogelijk heb geprobeerd niet in transitie te gaan. Omdat ik wéét dat ik het voor iedereen ontzettend ingewikkeld maak.

En weet je, ik heb over al die vragen – of het wel of niet mag, of het wel of niet verstandig is en of het wel écht zo is – al drieduizend keer nagedacht en nachten wakker gelegen. Dus het helpt niet als mensen me dat nog een keer zeggen of vragen.

Wat gaf voor jou de doorslag om te kiezen voor transitie?
“Ik wist dat als ik verder moest als vrouw, ik de rest van mijn leven depressief zou zijn. Erger nog, ik was misschien wel een keer met de auto tegen een boom gereden.

Ik droom nog weleens dat ik een vrouw ben; een nachtmerrie

Het gekke is: op het moment dat ik de keuze had gemaakt om in transitie te gaan, was mijn depressie weg. Van de ene op de andere dag. Ik zag het leven weer zitten. Dat was zó’n opluchting…”

‘Het kán niet anders’

“Toch, Mark?” vraagt Elbert aan Mark, die net op dat moment de kamer binnenkomt voor een kop koffie. Hij heeft de laatste zinnen opgevangen en knikt. “Op een zaterdagavond, ik weet het nog. Alles wat Elbert weggeduwd had omdat het te groot was om onder ogen te zien, viel die avond op z’n plek. Blijkbaar was dat het moment waarop hij het aankon om écht eerlijk te zijn. ‘De waarheid zal u vrijmaken’, zegt de Bijbel. En dit was de waarheid. We wisten allebei: het kán niet anders. Al kost het ons ons huwelijk of wordt het misschien wel heel moeilijk.”

Elbert: “Al dachten we toen ook allebei: help, wat nu?”

Mark: “Het heeft bij mij inderdaad een hoop stress en paniek opgeleverd. Tot ik na een maand of twee het rustpunt vond en wist: het is goed zo, we gaan het redden. Wat mij vooral hielp, is de ontdekking dat liefde meer is dan alleen hoe je eruitziet.”

Maar je bent toch niet voor niets op een vróúw gevallen?

“Ik zie Elbert niet als man, maar als transgender. Dat is voor hem heftig, want hij wil graag als man gezien worden. Maar door hem als transgender te zien, kan ik dit aan. Want nee, ik ben geen homo.

Bovendien ben ik op Elberts persoonlijkheid verliefd geraakt. Die is wel iets veranderd door testosteron – hij is iets nuchterder en mannelijker geworden – maar in de kern is zijn persoonlijkheid dezelfde gebleven. Het lichaam is dan slechts de buitenste schil. Als ik een foto zie uit onze verkeringstijd, denk ik: dit is hij nog steeds. Door Elbert heen zie ik altijd nog iets van Elsbeth.”

Schaamte

“Voor mij is dat wel echt anders,” zegt Elbert, als Mark de deur weer achter zich dichttrekt en de trap naar boven neemt. “Als ik nu naar die foto kijk – wat ik liever niet doe – denk ik: dat ben ik niet meer. Natuurlijk ben ik dat al die jaren geweest, en misschien gaat de lading er met de tijd wel vanaf. Maar het confronteert me nu nog te veel met de moeilijke tijd van toen: het niet kunnen zijn wie ik was. De schaamte van toen voel ik nog steeds als ik foto’s van vroeger zie.”

Nachtmerrie

Sinds 1 januari 2020 gaat Elsbeth als Elbert door het leven. Die datum viel samen met zijn medische transitie. Een aantal maanden later veranderde hij van baan, zodat hij op zijn werk met een nieuwe start kon beginnen. “Ik moet eerlijk zeggen: de keuze om als man verder te gaan, was doodeng. Wat als het niet de oplossing zou zijn? Nu kan ik zeggen dat ik geen spijt heb en dat gaat ook nooit komen. Maar dat weet je van tevoren niet. Ik droom nog weleens dat ik een vrouw ben. Dat is een nachtmerrie.

De keuze om als man verder te gaan, was doodeng

Wat het bovendien heel spannend maakte, was dat ik bang was alles en iedereen kwijt te raken. Dat is enorm meegevallen. Ontzettend veel mensen hebben liefdevol gereageerd. Anderen zeiden: ‘Ik ben het er niet mee eens, maar we accepteren het wel.’ En dat is prima, want je hoeft het niet met mijn keuze eens te zijn. Ik ben het misschien met de keuzes die een ander maakt, ook niet eens. Al maak je op ethisch gebied andere keuzes, het gaat erom dat we elkaar als christenen accepteren en één zijn in Jezus.”

Pa en papa

Elbert en Mark hebben geprobeerd hun kinderen van 7 en 9 zo goed mogelijk te begeleiden in de transitie. De oudste besloot dat hij Elbert voortaan ‘pa’ noemt, en heeft nu dus een papa en een pa. “Ik vind het belangrijk om er altijd open over te zijn. Ze mógen het moeilijk vinden, of stom. En ze mógen zeggen dat ze willen dat ik weer een meisje word. Het is voor hen net zo goed een proces.”

Als je nu in de spiegel kijkt, is dan alle schaamte weg?
“Die is grotendeels weg, ja. Wanneer die schaamte nog bovenkomt? Als ik me realiseer dat ik niet het lichaam van een biologische man heb. Dat ik altijd littekens heb bijvoorbeeld. Maar dat is zeer ondergeschikt. Opeens is kleding kopen weer leuk. En ik kan weer lachen in de spiegel, in plaats van dat ik spiegels mijd. Omdat ik weet: dít ben ik, nu klopt het. Zó had het moeten zijn.”

Het voelde heel onoprecht om als vrouw verder te gaan. Alsof je je hele leven toneelspeelt. Nu voelt het veel eerlijker. Zoals het nu is, is het goed.

Geschreven door:

Mirjam Hollebrandse

Tip voor de redactie?

Of heb je een foutje gezien? Mail ons