Elbert Smelt lanceert podcast 'Kerk en ik'

‘Je vlucht voor iets wat je al bent’

Wat maakt de kerk tot kerk? Waarom heeft de kerk het zo moeilijk? Hoe geef je het kerkzijn door aan je kinderen? Waarom kunnen millennials zich zo moeilijk binden aan het instituut? Op deze en veel meer andere vragen zoekt EO-presentator Elbert Smelt een antwoord in de podcast Kerk en ik.

Maar liefst tien afleveringen staan er gepland voor de podcast die deze week het licht ziet. En de ideeën om er een langlopende serie van te maken, liggen al op de plank. De kerk leeft, én schuurt, zo veel wordt wel duidelijk als Elbert (37) van wal steekt over dit project. “In mijn beleving ben je de kerk vooral thuis, in je gezin,” antwoordt hij direct op de vraag wat de kerk tot kerk maakt. “Dáár leef je met elkaar, ben je een gemeenschap. Sinds ik met mijn gezin in Amsterdam woon, hebben we ons aangesloten bij de gemeente Hemelsbreed. Dat is een lokale, kleine, inclusieve gemeenschap. We hebben ons er vrijwel meteen, zonder veel speurwerk naar andere gemeenten, bij gevoegd. Iets wat millennials juist vaak níét doen. In de eerste aflevering ga ik daar – samen met Rachel Rossier, mijn co-presentator bij het kinderprogramma Topdoks – naartoe en beantwoorden we de vraag wat deze vorm van kerkzijn bij ons losmaakt.”

Cynisch worden

Elbert zag de kerk in veel verschijningen, en dat deed iets met hem. “Ik weet inmiddels dat je overal narigheid tegenkomt, dat in elke kerk lijken uit de kast kunnen komen, maar ook dat overal wel iets moois te ontdekken valt. Als zendings- en domineeskinderen – mijn vrouw Linda groeide net als ik op in het buitenland – liepen we het gevaar cynisch te worden. Toch heeft iets ons altijd tegengehouden om te breken met de kerk – ik denk aan een combinatie van aardse en hemelse factoren. Tijdens onze kringavonden in onze vorige woonplaats Hattem en nu in Amsterdam hebben we geleerd dat de kerk meer is dan ‘wachten tot het voorbij is en dan naar de koffie.’ We hadden het een tijdje terug bijvoorbeeld over Pinksteren en welke parallellen er te trekken zijn met de inwijding van de tempel. Bij die inwijding werd de tempel gevuld met een wolk, als teken dat God Zelf er zijn intrek nam. Tijdens Pinksteren zijn de vlammen op de hoofden van de apostelen het bewijs dat God niet langer in een tempel wil wonen, maar in óns. Wij zijn Zijn tempel. Ik wist nooit goed wat ik met Pinksteren moest, maar dit inzicht hielp me enorm. Alsof ik even horen moest: ‘Stop met zeuren en moeilijk doen, je vlucht voor iets wat je al bént: jíj bent de kerk!’”

In beweging

Om het thema van de podcast dichtbij te brengen, gaat Elbert de boer op. Hij wil in elke aflevering “niet alleen een held en expert aan het woord laten, maar ook de huisvader uit het dorp verderop met zijn struggles op zondagochtend. En ik wil mensen in beweging zetten, het moet niet bij luisteren op afstand blijven; ik hoop echt dat deze podcast mensen in gang zet om iets van de kerk te maken, verbinding te zoeken, de kerk eventueel een tweede kans te gunnen.”

Of we een ‘andere Elbert’ gaan ontmoeten in de podcast Kerk en ik? “Dat lijkt me sterk, ik ben gewoon Elbert. Mezelf zijn is mijn kracht. En ik zal zeker ook wat van mezelf laten zien. Zo ga ik met mijn vader en broers terug naar de kerk van mijn jeugd. En dat is best spannend, want ik ben vanuit die open Gereformeerde Bondsgemeente mijn eigen weg gegaan. Die opnames hebben we net achter de rug, en ik kijk terug op een mooi gesprek waarin geloof en loyaliteit mooi bij elkaar kwamen. Ik besefte ineens hoe kostbaar het is dat ik met mijn vader en broers over geloven en kerkzijn kan praten en dat we zelfs samen kunnen bidden.”

Kortzichtig

“Ik ga geheid de kritiek krijgen dat ik kortzichtig ben of zo,” vervolgt Elbert nog even goedlachs en ontspannen. “Dat gevaar loop je als je kriskras door de kerk in Nederland gaat. Maar ik wil het zo open en persoonlijk mogelijk doen, zonder een zure cynicus te zijn. Als luisteraars mij zien als de hoopvolle realist die na wat speurwerk in elke kerk iets moois ontdekt, is mijn missie geslaagd. Want we hebben elkaar nodig. Gelovigen die vurig branden, lopen het gevaar te zwart-wit en te veroordelend te zijn – en progressieve christenen en twijfelaars hebben de kans dat ze lauw worden en verzanden of nergens meer ontroerd door raken.”

Lachend: “Ik was pas in een migrantenkerk waar het hoogtepunt van de liturgie het aansnijden van de taart bleek te zijn. Hij werd uitgelegd, bewonderd, gezegend en alle jarigen of mensen die jarigen in Afrika kenden, kregen er een stuk van. Zo’n knipoog, of regenboog-momentje vanuit de hemel, of hoe je het noemen wilt, omarm ik. Het laat me zien wat een overvloed er in de kerk – en dus bij God – is.”

Beluister de podcast 'Kerk en ik' hier.

Tip voor de redactie?

Of heb je een foutje gezien? Mail ons