‘Ik ben helemaal happy met de coronacrisis. Gek, hè?’

‘Springkussenmiljonair’ John Bosscher blijft verrassend nuchter

John Bosscher uit Meppel, zittend op een springkussen

Wat hebben springkussens met God te maken? Alles. Althans, voor John Bosscher (38) uit Meppel. Na een eenvoudig gebed om Gods zegen begon hij als 22-jarige ondernemer met de verkoop van één exemplaar. Inmiddels bestempelt Quote hem als ‘springkussenmiljonair’. “Dat geld? Ik wens het mijn kinderen niet toe.”

De goedlachse John begon zestien jaar geleden in de garage van zijn ouders, maar bezit inmiddels drie forse panden op rij voor zijn springkussenimperium: JB Inflatables, op een industrieterrein aan de rand van Meppel.

Hij zag kansen

Bijna iedereen lachte de 22-jarige uit toen duidelijk werd dat hij zich op de handel in springkussens ging richten. Maar John zette door. Omdat hij kansen zag. En vooral: omdat hij ervan overtuigd was dat God hem zou zegenen.
John: “In mijn slaapkamer ben ik, voordat ik ook maar iets met springkussens heb gedaan, letterlijk op mijn knieën gegaan: ‘Here God, ik wil het teruggeven aan U, zodat het niet iets wordt wat tussen U en mij in komt staan áls het een succes wordt.’ Ik hoorde geen stem of zo, maar Hij maakte mij duidelijk: ‘Ik zal je overvloedig zegenen.’ Hoe, wanneer en waarom? Dat zei Hij er niet bij. Alleen dát Hij me zou zegenen. En dan begint de vertrouwensroute, hè?”

Op de rem getrapt

Tot zijn stomme verbazing verdiende hij in de jaren erna meer geld dan hij ooit voor mogelijk had gehouden (het blad Quote schat zijn vermogen op tien miljoen euro).

(Tekst loopt door onder de video)

Maar wie nu een bezoekje aan de onderneming brengt, merkt meteen dat de coronacrisis ook hier hard op de rem heeft getrapt. Waar normaliter vier vorkheftrucks door de hoge loodsen snorren om springkussens in alle vormen, formaten en kleuren naar diverse Europese landen te verschepen, heerst nu de stilte van een wachtkamer. Het is uitzien naar betere tijden.
“De hele markt ligt op z’n gat,” geeft John aan. “Wij hebben hier onze nek uitgestoken om groot, groter, grootst te worden. Daar heb je mensen en opslagcapaciteit voor nodig. Toen kwam deze crisis.”

Nieuwe producten

Hij haalt z’n schouders op. “Het is niet anders. Dankzij subsidieregelingen van onze vrienden in Den Haag kunnen we nog steeds met personeel werken, al is er relatief weinig te doen. Anders zouden we flink moeten snijden. Wel zijn we nu druk bezig met het verbeteren van het assortiment en het bedenken van nieuwe producten.”

Snoeihard omlaag

John Bosscher, foto van Eljee

“Ik ben helemaal happy met de coronacrisis,” zegt hij even later.

Háppy?
Lachend: “Gek, hè? Ja, ik heb er helemaal geen moeite mee. Terwijl ik vijftien of zestien jaar lang bezig ben geweest om dit bedrijf op te bouwen. En je bent continu bang dat je een keertje naar beneden gaat. Dan komt corona, ga je inderdaad snoeihard omlaag, en dan denk je: ach ja… Prima.”

Zo van: hier komen we wel doorheen?
“Nou, of niet.”

Stel: je gaat failliet…
“Dan is het toch prima? Kijk, ik begon met een handeltje waarvan iedereen dacht: die is gek. Maar het ging als een speer en we hebben mooie jaren gehad. Nu? De klap van corona. Als er ontslagen zouden vallen, is dat natuurlijk niet leuk. Wat mijn eigen inkomen betreft, denk ik: nou ja, dat gebeurt dan. Misschien heb ik ook wel makkelijk praten, omdat ik er geen boterham minder om hoef te eten. Ik kan me goed voorstellen dat horecamensen zeggen: ‘Ik heb al m’n geld in mijn bedrijf gestoken en ben nu alleen maar zenuwachtig…’”

‘God heeft de puzzel in de lucht gegooid’

In een interview met Quote gebruikte John, met het oog op deze coronacrisis, een mooi beeld: ‘God heeft de puzzel in de lucht gegooid.’

Je gaat opnieuw nadenken over wat Hij met je leven wil?
Na een korte knik: “Ik denk dat iedere christen, ondernemer of niet, weleens met die vraag bezig is. Blijven doen wat je doet, of misschien toch iets anders? Het lastige is: niemand weet precies wat Gods wil is met jouw leven. Dus ik bid om wijsheid en leiding.”

Jouw bedrijf is groter en groter geworden. Wordt het daarmee niet steeds lastiger om het eventueel zelfs los te laten?
“Ik ben met duizend euro begonnen. Wij hebben een mooie tijd gehad en ik heb er ook wat geld aan verdiend: prima. Zo nuchter sta ik er wel in. Want ik weet: waar God aan begonnen is, dat zal Hij ook zelf eindigen, of juist doorzetten. Op Zijn tijd en Zijn manier.”

‘Verbras het maar’

“Ik geloof niet dat God zegt: ‘John, ik ga je overvloedig zegenen: verbras het maar, lééf erop los en doe ermee wat je wilt.’ Zonder een relatie met Hem zou het beslist makkelijker zijn. Maar als je, zoals ik, vijf kinderen én een relatie met de Here God hebt, moet je keuzes maken. Doe ik het voor mezelf? Dan kan ik stoppen met werken en alles opmaken. Geef ik het aan mijn kinderen? Nou, ik wens ze het geld niet toe.”

Nee?
“Nee. Word je niet gelukkig van. Moet je ook niet willen. Natuurlijk zal ik ze misschien best een keer helpen, maar liever help ik hen met goed advies. Voor mijn part worden ze kapper, of wat dan ook. Als ze maar iets vinden waar ze plezier in hebben. Dus: ik wil het geld niet voor mezelf gaan uitgeven, het ook niet weggeven aan mijn kinderen. Maar naar de Here God toe… Als bedrijf hebben we een stichting, waarmee we bijvoorbeeld zendelingen in Suriname ondersteunen die veel mensen kunnen bereiken. Dat vind ik een mooie bestemming voor in ieder geval een deel van het geld.”

Is dat ook een gebedspunt voor je?
“Jazeker! Ik heb veel gebeden om mensen om me heen te krijgen die me daarbij konden helpen. Dat heeft al tot bijzondere contacten geleid. We ondersteunen nu onder meer projecten in Suriname en India, rond weduwen en wezen én evangelisatie. Daar probeer ik wat fanatieker in te worden: investeren in Gods Koninkrijk”

Dit is de sterk ingekorte versie van een interview met John uit Visie nr. 10 (2021). Meer van dit soort verhalen lezen? Vraag een gratis proefnummer aan!

Beeld: Eljee

 

Tip voor de redactie?

Of heb je een foutje gezien? Mail ons