Het unieke universum van regisseur Wes Anderson

Kijktips voor Disney+ van filmjournalist Rick de Gier

Wordt James Bond straks een collega van Mickey Mouse? Als het aan Disney ligt wel. Het bedrijf nam eerder al filmmaatschappijen als Pixar, Marvel, LucasFilm en Fox over, en schijnt nu z’n zinnen te hebben gezet op MGM, de studio achter geheim agent 007.

Je vraagt je af hoeveel concurrenten er ten slotte overblijven, maar voor de thuiskijker is Disneys heerszucht niet per se slecht nieuws. Zo werd onlangs een groot deel van de catalogus van Fox – ruim 300 films en series – toegevoegd aan Disney+. (Waarmee de streamingapp trouwens minder gezinsvriendelijk werd: veel van die titels hebben een 16+-keuring. Al kan daar wel een kinderslot op.)

Favoriete toevoeging

Het nieuwe aanbod bevat genoeg interessants, maar laat ik me voor nu beperken tot mijn favoriete toevoeging: maar liefst zes films van de Amerikaanse regisseur Wes Anderson. In chronologische volgorde: Rushmore, The Royal Tenenbaums, The Life Aquatic with Steve Zissou, The Darjeeling Limited, The Grand Budapest Hotel en animatiefilm Isle of Dogs.

Weinig filmmakers hebben zo’n eigen signatuur als Anderson. Zijn beelden herken je meteen: uiterst gestileerd, symmetrisch, vol pastelkleuren en retrodesign. Elke film is een klein, kunstmatig universum vol onderkoelde personages, droogkomische dialogen en absurdistische wendingen. Je moet ervan houden, sommige kijkers kunnen er niets mee. In Hollywood is Anderson sowieso erg geliefd: zelfs voor piepkleine bijrolletjes staan de sterren in de rij.

Tragikomedie ‘The Royal Tenenbaums’

De ene Anderson-film is sterker dan de andere, maar alle genoemde titels zijn aan te bevelen. Het best vind ik zelf nog altijd The Royal Tenenbaums uit 2001, een literair verpakte tragikomedie over een welgesteld gezin in New York, met drie hoogbegaafde kinderen en een onuitstaanbare pater familias (geweldige rol van Gene Hackman). De film behandelt heftige thema’s als verwaarlozing, verslaving en suïcide, maar doet dat met zo veel ironische humor, dat de toon steeds vrij luchtig blijft.

Bekijk de trailer

Let wel, ironie is bij Anderson geen cynisme of nihilisme. De verteller neemt het leed van zijn personages serieus, en gunt ze bijna altijd een happy end. De decors en plots mogen artificieel zijn, de emoties zijn echt.

Tip voor de redactie?

Of heb je een foutje gezien? Mail ons