Heel Holland Bakt-winnares Elizabeth: 'God was al voor mij aan het koken'

Over armoede, schaamte, dromen, en Pasen

Bijna 3,8 miljoen kijkers zagen eind februari hoe de goedlachse Elizabeth López de finale won in het achtste seizoen van 'Heel Holland Bakt'. Met haar Arubaanse smaken en kleuren verraste ze de jury keer op keer. Het succes kwam de koningin van de patisserie echter niet aanwaaien.

In de keuken van haar nieuwbouwwoning in Spijkenisse heeft Elizabeth alles tot haar beschikking om de sterren van de hemel te bakken. Een machtig kookeiland, de nieuwste apparatuur, waaronder een vriezer met snelvriesstand, een indrukwekkende keukenmachine en uiteraard een gloednieuwe oven. “Sinds wij hier vorig jaar maart kwamen wonen, heeft de keuken me al heel wat goede diensten bewezen,” lacht Elizabeth (41). “Het gebeurde regelmatig dat ik thuiskwam uit mijn werk en meteen ging bakken. Sommige opdrachten uit de tent heb ik wel twaalf keer geoefend.”

Ook nu staat er taart op tafel. Een frisse mango-passievruchttaart, mooi afgestreken met een mengsel van eiwitschuim en slagroom. Zelf neemt ze er niet van, want de bekroonde bakster is lactose-intolerant. “Een goed bewaard geheim. De cameramensen hebben veel lol gehad, want als ik moest proeven, hoorden ze al snel mijn buik tekeergaan via de microfoon die ik bij me droeg. Dan zeiden ze: ‘Oh, daar gaat Elizabeths buik weer hoor!’”

Haar jeugd bracht Elizabeth door op Aruba. Ze groeide op als derde in een gezin van vier meisjes. Haar stiefvader, die ze als haar vader beschouwde, overleed plotseling toen zij 13 jaar was. Het geloof – de familie was rooms-katholiek – speelde een belangrijke rol in haar leven. “Ik zong bijvoorbeeld in een kerkkoor. Een leuk, hip, gospelachtig koor. Daar genoot ik enorm van. Wij hadden thuis zo’n oranje zangboek van de kerk, die liedjes kon ik uit volle borst meezingen.”

Nederlandse droom

Ruim vijftien jaar woont Elizabeth nu met haar man en vier kinderen in Nederland. Ze kwamen hier op haar 25e. “We gingen de Nederlandse droom achterna. Hier studeren en een leven opbouwen.” Op dat moment had Elizabeth al het nodige achter de rug. Opgegroeid in een katholieke familie schaamde ze zich voor het feit dat ze tienermoeder werd. Ze was net 18 toen haar eerste kind ter wereld kwam. “Natuurlijk trouwden we en al snel kwam er nog een baby. Toch hield dat huwelijk geen stand.” Opnieuw schaamte. “Je wilt zo graag dat het goed gaat. Als je gelooft, voel je meteen een bepaald gewicht op je drukken: dit is niet zoals het is bedoeld.’ Maar uiteindelijk kwam de man die wél voor mij bedoeld was op mijn pad. Warren omarmde mij en mijn twee kinderen als zijn familie.”

In Nederland sloot het gezin zich aan bij een Pinkstergemeente en ging het geloof meer voor hen leven. “Het werd míjn geloof, mijn identiteit. Bij ons thuis vroeger lag de Bijbel altijd open en mijn moeder bad ook met ons, maar hier in Nederland ging ik pas echt in Gods Woord studeren. En ik ontdekte dat Hij mij altijd hoort.”

In één klap volwassen

Elizabeth Lopez. Beeld: Janita Sassen

Warren en Elizabeth hadden het niet breed als studenten met twee kinderen. De huur, de studiekosten, het dagelijks leven – het kostte veel geld. “En we hadden geen idee van het Nederlandse systeem. In één klap werden we volwassen. Het vangnet van familie en vrienden – op Aruba heel belangrijk – hadden we niet. En opgeven was geen optie.”

Elizabeth herinnert zich de dag nog goed dat ze geen eten meer had om haar kinderen voor te zetten. Huilend draaide ze zich bij hen vandaan en staarde ze uit het haar. “Ik zei tegen God: ‘Heer, U heeft gezegd dat U Uw kinderen altijd zult voorzien van brood.’ Die avond was er een gebedsbijeenkomst in de gemeente. We gingen er samen heen en na afloop kwam de vrouw van de voorganger naar me toe. Ze wist niets van onze situatie, maar zei: ‘Hier heb je twee tassen, ga maar naar boven en pak daar wat je nodig hebt.’ Ik liep verbaasd naar boven en het eerste wat ik zag, was een pak broodmix. Op dat moment wist ik dat God antwoord gaf. Ik vulde de tassen verder met pasta, blikjes tonijn en meer houdbare dingen. Beneden stond Warren op me te wachten. We moesten de tram halen. Bijna bij de tramhalte hoorde ik mijn naam. Een zuster uit de gemeente riep me. Ze had óók tassen met eten, iets wat overgebleven was van een feestje een dag eerder.”

Broodjes bakken

Het ontroert Elizabeth nu nog. “Toen ik nog niet eens mijn beklag bij God had gedaan, was Hij dus blijkbaar al voor mij aan het koken. Je kunt het wegredeneren, zeggen dat ze misschien wel iets in de gaten hadden, maar voor mij blijft dit zo’n bijzondere ervaring van Gods liefde. Thuisgekomen ging ik meteen broodjes bakken, zodat de kinderen die de volgende dag naar school konden meenemen. Wat een feest!”

En jaren later win je ‘Heel Holland Bakt’…
Ontroerd: “Ja, zo zie je maar dat achter elke glimlach een verhaal zit. We hebben echt moeten strijden. Geloven, standvastig blijven. En dat is veel moeilijker dan je denkt. God belooft je geen blijdschap, Hij vraagt vertrouwen en geloof. Hij zegt: ‘Ik zorg voor de lelies op het veld, dan zorg ik toch ook voor jou?’ Dat geeft me moed en het maakt dat ik geen zorgen heb voor de dag van morgen. Ik moet denken aan het volk Israël in de woestijn. Ze klaagden maar en hadden geen idee wat voor toekomst er voor hen klaarlag. Ondertussen kregen ze brood en kwartels, het ontbrak hen nergens aan. Wij kunnen ook niet verder kijken dan dit moment, maar het geloof vraagt ons wel vertrouwen in de toekomst te hebben.”

Jouw positieve houding viel veel kijkers op, merkte je dat?
“Wauw, ja, ik wist niet dat dat zo’n impact kon hebben op mensen. Daar ben ik dankbaar voor. Ik dacht weleens: ‘Elizabeth, waarom lach je steeds zo, de kijkers denken dat je gek bent!’ Hier thuis lachen we ook altijd, en we halen veel grapjes uit met elkaar. Als je blij en dankbaar bent voor de kleine dingen, leer je dat ook voor grote dingen te zijn. Toen ik begon met bakken en de vraag kreeg of ik voor mensen uit mijn omgeving dingen wilde maken, deed ik dat met een handmixer en een dramatisch slechte keukenmachine. Ik genoot ervan om dingen te maken en stapje voor stapje werd ik er beter in én kreeg ik betere middelen.”

Toen het avontuur bij Heel Holland Bakt begon, vroeg Elizabeth God of Hij mee wilde gaan, vertelt ze. “Deelname aan zo’n succesvol programma is best iets groots. Ik wilde dit avontuur niet alleen ingaan.”

Soms kun je geven, een andere keer mag je ontvangen

Zie je jouw deelname aan het programma als een opdracht van God?
“Nee, niet een speciale opdracht. Ik denk dat iedereen – of je nu wel of niet gelooft in een God – de opdracht heeft om er het beste van de te maken. Of je nu bloemschikt, taarten bakt of voor de klas staat. We hebben de verantwoordelijkheid met elkaar om het goede te doen. Ook vóór elkaar. Soms kun je geven, een andere keer mag je ontvangen.”

Wat betekent Pasen voor jou?
“Een groot feest. God geeft ons meer dan we ooit hadden kunnen denken: Jezus staat op uit de dood en we mogen in Zijn nabijheid verkeren. We vieren het hier thuis met een uitgebreid paasontbijt. Voor mijn man, die een Britse moeder heeft, maak ik blueberry muffins. Daar is hij dol op. En natuurlijk scones. Dit jaar voeg ik er ook nog het suikerbrood van mijn bakmaatje Eric aan toe. Dat smaakte zó lekker.” 

Blijf je werken als verpleegkundige of ga je de patisserie in?
“Die vraag krijg ik de laatste tijd vaak. Ik weet het echt niet. Ik werk als verpleegkundige op een endoscopieafdeling. Ik houd van mijn werk. Het is technisch, maar tegelijk werk je met mensen. Patiënten zijn vaak gespannen voor de onderzoeken. Ik vind het mooi om ze te helpen en als het kan even een hand vast te houden.
Bakken is een andere passie van me. Ik heb geen idee of ik daar mijn werk van ga maken. Op dit moment wil ik die twee werelden nog niet scheiden – ik houd van de verpleging én van bakken.”

Beeld: Janita Sassen

Tip voor de redactie?

Of heb je een foutje gezien? Mail ons