Pianiste Denise Brand: ‘Ik ging vergiftigd het nieuwe jaar in’

2020 op z'n kop door borstkanker

Denise Brand met confetti

2020 was vanwege corona voor iedereen een jaar om nooit te vergeten. Maar voor sommigen stond het leven nóg meer op z’n kop dan voor anderen. Hoe kijkt pianiste Denise Brand terug op het afgelopen jaar en wat verwacht ze van 2021?

“Met een kapot en ernstig verzwakt lichaam stapte ik 2020 in. Ik zat midden in de chemokuren – je kunt wel zeggen dat ik vergiftigd het nieuwe jaar in ging. Geen vrolijke start dus, zo van: ‘Heerlijk, daar gaan we een champagne op drinken.’ Sterker nog: ik heb geen champagneglas aangeraakt. Toch dacht ik: 2020 is het jaar waarin ik ga genezen. Dat had ik mezelf strijdvaardig voorgenomen, omdat de artsen me die prognose hadden gegeven.”

Wie is Denise Brand?

Als pianiste, zangeres en arrangeur is Denise Brand (45) onder andere bekend door haar optredens voor Nederland Zingt. Ze is getrouwd met Arend Jansen, heeft een zoon van achttien en woont in Ermelo. In september 2019 kreeg ze de diagnose borstkanker.

Mentale inhaalslag

“Als ik foto’s bekijk van concerten of gelegenheden van voor de diagnose, zie ik een mooie vrouw met prachtig lang haar – terwijl ik mezelf nooit echt mooi heb gevonden. Nu heb ik heimwee naar die tijd. Het donkerste moment afgelopen jaar? Dat was toen ik na alle chemokuren in de spiegel keek. Ik herkende mezelf niet meer: een opgezwollen gezicht, geen wimpers, geen wenkbrauwen, geen haar, een geamputeerde borst. Meestal meed ik de spiegel, want me bezighouden met mijn uiterlijk kostte simpelweg te veel energie. Maar nu keek ik mezelf voor het eerst goed aan en kwam de klap: ik zag niet meer dan een lege huls.

Ik kreeg voortdurend kaarten, lieve berichtjes, brieven en bloemen

Wat ik vervolgens heb gedaan? Ik geloof dat ik onder dekens ben gaan liggen. Ik ben niet echt een huiler, eerder een verstopper. Laat mij maar in slaap vallen en niet meer wakker worden. Je kent het wel: zo’n moment dat je de verbinding met God en anderen kwijt bent en je diep eenzaam voelt. Terwijl iedereen – vanzelfsprekend – blij was dat ik weer beter was, moest ik nog een mentale inhaalslag maken en verwerken wat er allemaal was gebeurd.”

Bloemen

“Gelukkig waren er ook lichtpuntjes in het afgelopen jaar. Ik kreeg voortdurend kaarten, lieve berichtjes via de app, brieven en bloemen. Zo veel bloemen! Het gaf me de hartverwarmende wetenschap dat ik geliefd ben. Soms pak ik de bak met kaarten er weer bij. Als ik me niet goed voel bijvoorbeeld, hoef ik maar een paar bemoedigende woorden te lezen. Ze raken me nog altijd en zijn een enorme steun voor me.

Zelf putte ik veel hoop en troost uit Psalm 121: ‘Ik sla mijn ogen op naar de bergen, van waar komt mijn hulp? Mijn hulp komt van de HEER die hemel en aarde gemaakt heeft.’ ­In de maanden voor de diagnose kwam deze Bijbeltekst steeds weer voorbij in kerkdiensten, muziekprojecten en zelfs bij het examen van mijn zoon. Tot mijn man Arend en ik tegen elkaar zeiden: ‘Moeten wij hier iets mee?’ Ik weet niet of God het zo bedoeld heeft, maar toen ik de diagnose kreeg, heb ik deze tekst aangegrepen als een houvast. Als Hij de hemel en aarde gemaakt heeft, zou Hij dan ook niet mijn leven in Zijn handen hebben?

Ik heb chemokrullen, terwijl ik altijd stijl haar had. Helemaal te gek!

Ik kan me niet voorstellen hoe het is om zonder dat vertrouwen te leven, maar geloof me: voor de rest heb je een even harde strijd te leveren als iedereen. Daarom was ook het contact met andere borstkankerpatiënten heel belangrijk voor me. De levenslust die bovenkomt als je zo ziek bent, zag ik bij elke vrouw. Ook al keert je lijf zich tegen je en verlies je het vertrouwen in je eigen lichaam, toch weet je dat het ook veerkrachtig genoeg is om weer op te bouwen.”

Chemokrullen

“Fysiek gaat het steeds beter met me, wonderwel. Ik voel me sterker en ik geniet van elke centimeter dat mijn haar weer aangroeit. Ik heb de welbekende chemokrullen, terwijl ik altijd stijl haar had. Helemaal te gek! Dat zie ik echt als een cadeau.

Hopelijk wordt 2021 het jaar waarin ik mijn allerliefste beroep weer mag oppakken: piano spelen en muziek schrijven. Afgelopen jaar heeft me blijvend veranderd, dat weet ik wel. Ik sta nu bewust stil bij de kleine dingen. Een heiwandeling, een mooi muziekstuk, of een goed gesprek: momenten die ik voorheen voorbij holde in het najagen van langetermijndoelen. Ooit spring ik weer op die sneltrein, zo nuchter ben ik wel. Al hoop ik dat ik die intense levensvreugde kan blijven vasthouden.”

Beeld: Moon Jansen

Tip voor de redactie?

Of heb je een foutje gezien? Mail ons