'Ik ben oké met diversiteit'

TimZingt reageert op zijn vorige blog

Meestal maak ik columns waarom mensen moeten glimlachen. Dat hoop ik dan tenminste. Soms schrijf ik een column die wat stof doet opwaaien. Mensen zijn verontwaardigd en boos: ‘Luister jij nou eens even, Tim!’ Zij hebben hun heldere mening over mijn heldere punt. Dat kan. Ik vind het soms vervelend, maar het punt is helder: we verschillen van mening.

Maar deze keer was het net anders. Ik schreef een column over een paars bandje en mijn aarzeling om die te dragen. Over diversiteit en mijn blijkbaar ongemakkelijke gevoel bij zo’n paars bandje. Het was een column waarin ik probeerde mijn aarzeling te duiden. Ik ben namelijk oké met diversiteit en ik heb vragen bij wat het goede leven is en hoe je jonge mensen helpt dat te ontdekken. Dat was kort gezegd wat ik probeerde te zeggen. 

Diversiteit

Er was bijval, maar er vielen ook mensen over me heen en ze betichtten me van dingen die ik niet helemaal kon plaatsen. Op Facebook kwamen boze reacties: ‘Waar haalt Tim de link tussen diversiteit en bandeloosheid vandaan?!’ ‘Beetje jaren 70 opvatting. Jammer.’ Ik stond op het punt te roepen: ‘Hé, luister nou! Lees eens goed wat ik schrijf!’ 

Gesprek met anderen

Toen kreeg ik een lieve mail van een oud-leerling die me aan het denken zette. Hij wees me op het gevaar van ‘vragen bij diversiteit alsof het een keuze is. Maar het is geen keuze.’ Je bént LHBTQ+ of iets uit dat pallet, legde hij uit. ‘Dat is geen vraag.’ Maar dát bedoelde ik ook helemaal niet. Ik herlas mijn eigen column en tot mijn schrik zag ik dat je het wel zo kunt lezen. Daarnaast wek ik de suggestie dat er een directe link is tussen diversiteit en bandeloosheid. Het levert een mooie woordspeling op over bandeloosheid, maar dat weegt niet op tegen de pijn die dat veroorzaakt. 

Die suggestie wek ik wel en dat spijt mij

Juist dít vermeende verband is vaak gehanteerd door christenen als argument tegen diversiteit. Het is een karikatuur die meer zegt over het feit dat christenen vaak weinig LHBTQ+’ers kennen dan over de feitelijke levensinvulling van velen van hen. Het zegt ook iets over mij dat ik mijn aarzeling niet op deze manier heb geduid in mijn eerste column. Maar soms heb je het gesprek met anderen nodig om dat scherp te krijgen.

Geen vragen

Want luister nou, ik ben het eens met de oud-leerling: ik heb geen vragen bij iemands geaardheid of seksuele voorkeur. Want die is er gewoon net zoals mijn geaardheid en seksuele voorkeur er is. En ik vind ook dat er geen direct verband is tussen bandeloosheid en diversiteit. Er zullen vast losbandige LHBTQ+’ers zijn, maar daar staan een veelvoud aan losbandige hetero’s tegenover. En over hen zou ik dan geen vragen hebben? Dat bedoel ik helemaal niet. Die suggestie wek ik wel en dat spijt mij.

Blijft mijn vraag naar ‘wat is het goede leven?’ staan. En ook hoe je (jonge) mensen helpt bij het vinden naar antwoorden op vragen daarop. Wat zijn belangrijke waarden die het leven de moeite waard maken?  Waarden die maken dat je goed zorgt voor jezelf, voor anderen en ook de samenleving en de schepping rechtdoet? En voor christenen: wat heeft God daarmee te maken? Dán vind ik het antwoord ‘doe maar gewoon wat je wilt’ wat mager en soms ronduit onverschillig.
 

Ik heb ook geen snelle antwoorden

Ik merk een moreel tekort in de samenleving in het beantwoorden van die vraag en die voel ik bij mezelf ook: verlegenheid om hierover te spreken. In het verleden is er te vaak te slecht geluisterd en te snel geoordeeld en werd de verbinding verbroken (nieuwe betekenis van bandeloos!). Maar dat is geen reden om het gesprek dan maar niet aan te gaan. Zoals die oud-leerling mij voordeed in zijn lieve mail. Dat gesprek wil ik ook voeren. Ik heb ook geen snelle antwoorden, ik heb wel vragen.

Hoe je dat moet doen? Dat luistert nauw, met de nadruk op ‘luister’.

Tip voor de redactie?

Of heb je een foutje gezien? Mail ons