Adolescent in coronatijd-II

Blog van Annemarie van Heijningen

“Ja, kan ik even met je overleggen?” Mijn stem klinkt geprikkeld. Die gast zit al uren te gamen terwijl ik hard aan het werk ben, en op de lange duur gaat dat wringen.

“Jij zou dat formulier nog posten, dus zet die Playstation uit. En niet vergeten je mentor te mailen over je stage.” Mijn poging orde te scheppen in de chaos van zijn op papier volwassen brein wordt niet in dankbaarheid aanvaard. Uit het onduidelijke gemurmel maak ik op dat ik me met mijn eigen zaken moet bemoeien.
Ik zou hem inderdaad in zijn 18-jarige sop moeten laten gaarkoken, maar ik blijf staan en zeg: “Op deze manier práát je niet tegen je móéder.”
“Op deze manier praat je ook niet tegen je zoon,” pareert hij. Daarmee raken we verstrikt in een situatie die binnen tien seconden hopeloos zal escaleren.

“Heb je er erg in dat er sprake is van een gezagsverhouding?”
“Heb jij er erg in dat ik meerderjarig ben?” Van het pedante ge-echo ga ik volledig uit mijn panty en ik schreeuw: “Veeg de vloer niet met mij aan!” Hij maakt zich wijselijk uit de voeten richting bovenverdieping, maar ik hoor nog net het gemompelde: “Veeg jij de vloer dan ook niet met míj aan.” Ergens door een waas van drift krijg ik een boek in het vizier. Een lesboek dat al dagen een doorn in mijn oog ligt te zijn, omdat het op zijn kamer hoort en niet op mijn dressoir. Langs zijn gestalte heen smijt ik het ding naar boven: “En ruim in het vervolg je rotzooi op!” Als een aangeschoten eend fladdert het boek omhoog, mist op een haar na de overloop en klapwiekt naar beneden. Ik vang het op, slinger het aan de bladzijden opnieuw naar hogere sferen. Per abuis komt het vol in zijn gezicht, want ik heb een chronisch probleem met mikken en richten. “Hier ga jij zó kaulo-veel spijt van krijgen!” brult hij me toe.

Niet schrikken, lieve mensen. Het is diezelfde dag nog in orde gekomen. Genoeg materiaal in huis om weer een brug te slaan, voldoende lef om oprechte excuses te maken. Maar een handboek ‘Hoe overleef ik een adolescent in mijn huis’ zou evengoed bijzonder aangenaam zijn.

Tip voor de redactie?

Of heb je een foutje gezien? Mail ons