Er komt een dag…

Gedicht van hoop

Er komt een dag… Dat we opstaan en het eerste wat we doen is niet het nieuws checken. We doen het misschien zelfs maar één keer per dag.

Liever luisteren dan lezen?

Onderaan dit artikel vind je een luisterlinkje!

Er komt een dag… Dat we niet meer elke dag onze familie bellen. En als we een collega spreken, horen we geen krijsende kinderen op de achtergrond.

Er komt een dag… Dat we op straat lopen en wie ons tegemoetkomt, is niet een mogelijk gevaar en wij zijn niet een mogelijk gevaar. Wandelen is niet meer een choreografie van elkaar ontwijken. We vragen ons zelfs niet bij elke ontmoeting af hoeveel anderhalve meter is.

Er komt een dag… Dat het ons niet opvalt hoe fris de lucht is en we het gefluit van de vogels niet horen.

Er komt een dag… Dat een zonnestraal niet eens het kostbaarste is wat we op een dag zien.

Er komt een dag… Dat we niet meer hunkeren naar een simpele omhelzing van een vriend of een vriendin. Een collega schudden we de hand en het gaat automatisch, we denken er niet eens bij na.

Er komt een dag… Dat we langs de schappen lopen en ze allemaal volliggen. En het valt ons niet eens op.

Dat we bij een loopneus niet meer aan de dood denken, maar aan een zakdoek

Er komt een dag… Dat als we iemand hebben verloren, we zomaar een uur niet aan diegene denken. En als we aan diegene denken, draait onze maag niet meer om.

Er komt een dag… Dat we niet meer wanhopig opnieuw aan het eerste seizoen van Friends beginnen, en Netflix zomaar iets heeft dat we nog niet gezien hebben.

Er komt een dag… Dat we bij een loopneus niet meer aan de dood denken, maar aan een zakdoek.

Er komt een dag… Dat we de avond halen, zomaar gewoon de avond halen, en we opeens beseffen dat we nog geen enkele keer aan dat vervloekte virus hebben gedacht.

Die eerste keer weer een hand schudden, wat een dag zal dat zijn! Die eerste omhelzing van een vriend. Die eerste dag weer op het werk. Die eerste loopneus waarover je je géén zorgen maakt.
Waar we nooit over nadachten, zal plotseling vol betekenis zijn. Waar we nooit bij stil stonden, daar zijn we opeens dankbaar voor. Dankbaarheid, een besef van overvloed, dat zal onze dagen vullen.
Langzamerhand zal dat wegebben. We schudden de tiende hand. We geven de twintigste omhelzing. Het is de honderdste dag op het werk. We hebben alweer een loopneus.

De grootste genade is het alledaagse. De grootste genade is het vergeten. Iemand passeert ons en we hebben geen moment over de onderlinge afstand nagedacht. We schudden een hand en krabben aan onze neus en schrikken niet, we hebben het niet eens door.
De grootste cadeaus die we krijgen zijn de cadeaus waar we zelden bij stilstaan. De vanzelfsprekendheden van het leven zijn de grootste geschenken. Daarin weten we ons onbedreigd. Het verlies is achter de horizon.

De grootste genade is dat onze dankbaarheid ooit wegebt. Wie niet weet hoeveel er is gegeven, heeft het meest gekregen.

Beeld: Shutterstock

Tip voor de redactie?

Of heb je een foutje gezien? Mail ons