Waarom de Bijbel ons oproept om te feesten

‘Ontspanning is een heilige bezigheid’

in Geloven
confetti feest

Als christelijk opgevoede jongen in calvinistisch Holland vond theoloog Alain Verheij feestjes maar verdacht. Later ontdekte hij dat we júíst volgens de Bijbel goed moeten feesten.

Je eerste preek vergeet je nooit. Ik was 19 en hield die van mij op de predikantsopleiding, voor tien docenten en medestudenten. Die preek ging over het eerste wonder van Jezus, dat plaatsvindt op een feest. Het verhaal is beroemd omdat het tot de verbeelding spreekt: er is een bruiloft gaande, maar de wijn is op. Dat is natuurlijk niet de bedoeling wanneer je de liefde aan het vieren bent. Jezus laat zes grote vaten met water vullen en verandert het water in wijn. Nu kan het feest onverstoord doorgaan, want er is genoeg.

Brave student

Tenminste, dat hoop ik, want ik heb uitgerekend dat Jezus ongeveer zeshonderd liter wijn tevoorschijn toverde. Als je daar niet genoeg aan hebt, heb je geen voorraadprobleem, maar een drankprobleem. Zoiets zei ik tijdens die eerste preek als brave student: ‘Ik weet niet hoe het met u zit, gemeente, maar ik wil niet worden aangetroffen op een feestje met zeshonderd liter wijn.’ Een extra reden om deze preek nooit te vergeten is de onderbreking van een gerespecteerd docent die zei: ‘Joh, ouwe bal, een feestje is toch goed op zijn tijd.’ Alle aanwezigen schoten in de lach.

‘Bedrink u niet’

Als christelijk opgevoede jongen in calvinistisch Holland had ik een wantrouwen jegens feesten. Niet omdat ik ze niet leuk vond, maar omdat ik dacht dat ik ze niet leuk mócht vinden. ‘Bedrink u niet, want dat leidt tot uitspattingen, maar laat de Geest u vervullen,’ schreef de apostel aan de Efeziërs. In het leven moest het er net zo serieus aan toegaan als in de kerk, waar het in de verste verte nooit op een feest leek. Ook al stond er soms ‘viering’ op de liturgie, bijvoorbeeld in een avondmaalsdienst. Juist dan was de sfeer bijzonder ernstig. Vanzelfsprekend bleef het bij één slokje wijn of druivensap.

feest
'In Openbaring is een festival gaande met honderdduizenden in het wit geklede bezoekers die dag en nacht feestvieren.'

Bijbelse feesten

Met deze insteek bleek ik niet alleen een stuk preutser te zijn dan mijn leraar, Jezus zelf was helemaal niet te beroerd zich voor eeuwig te verbinden aan die uitbundige trouwerij. Veel van de verhalen over Jezus in de evangeliën spelen zich af tijdens Joodse feestdagen. De profeet Jesaja schetst Gods ideale toekomst als een ‘feestmaal rijk aan merg en vet, met pure, rijpe wijnen’. In Openbaring is een festival gaande met honderdduizenden in het wit geklede bezoekers die dag en nacht feestvieren. Jazeker, volgens de Bijbel moet er goed gefeest worden. De Bijbelse feesten hebben stuk voor stuk hun eigen karakter. Deze drie lessen hebben ze gemeenschappelijk:

1. Opdat we niet vergeten

Om bij het voorbeeld van een bruiloftsfeest te blijven: hoe mooi is het als mensen zo veel van elkaar houden dat ze elkaar duurzame trouw beloven? De liefde is een rijkdom, en voelt als een waardevol en kwetsbaar geschenk. Door dat te vieren, herinner je elkaar eraan dat je veel hebt om dankbaar voor te zijn, en voor te vechten. Dezelfde dankbaarheid hoort bij oogstfeesten. Ook al kopen de meeste Nederlanders hun eten in de supermarkt, we blijven diep afhankelijk van de vruchten van de natuur. Dat er dagelijks brood op mijn bord ligt, is geen vanzelfsprekendheid, maar een zegen. Door die zegen regelmatig te vieren, blijf je daaraan herinnerd worden en leef je bewuster.

Je wordt even opgetild uit de sleur

In de Bijbel staan ook feesten die met de geschiedenis samenhangen. Pesach, bijvoorbeeld. Het volk viert dat het ooit bevrijd is uit de klauwen van een slavendrijver en tiran. Het is voor Mozes cruciaal dat de mensen zich dat eeuw na eeuw blijven herinneren. Waarom? Om te blijven beseffen hoe waardevol vrijheid is, zoals wij jaarlijks op 4 en 5 mei doen. Tegelijkertijd zijn deze feesten een waarschuwing om fouten uit het verleden niet te herhalen. Wie jaarlijks viert dat zijn voorouders ooit bevrijd werden uit de onderdrukking, zal zelf hopelijk minder snel geneigd zijn andere mensen te onderdrukken.

2. Omdat we niet leven om te werken

In de Tien Geboden staat een wekelijkse rustdag voorgeschreven. Dat is niet alles – er is zelfs een sabbatsjaar. Elk zevende jaar mocht niemand werken en moest het land algehele rust krijgen. Eigenlijk moet je dat niet als wet zien, maar als cadeau. Verplichte vakantie. Een geweldig getuigenis tegen onze 24 uurseconomie die gepaard gaat met vele burn-outs. Hard werken is goed, maar je moet niets forceren. Niet uit geldzucht, niet uit ambitie, niet uit angst voor de baas.

Ik dacht dat ik ze niet leuk mócht vinden

Dit sabbatsgebod is een heel sociale wet. Er wordt uitdrukkelijk gezegd dat ook de slavin en de ezel rust verdienen, om nog maar te zwijgen van de natuur. Alles en iedereen heeft tijd nodig om te herstellen, op adem te komen, te genieten van de goede dingen en bezig te zijn met de zaken in het leven die het belangrijkst zijn. Zelfs God had een dagje vrij nodig na zes dagen van indrukwekkende arbeid, zegt het scheppingsverhaal. Ontspanning is een heilige bezigheid volgens het Bijbelse geloof.

3. Om elkaar te ontmoeten

Je kunt elkaar elke dag zien en toch langs elkaar heen leven. Je buurman in de bus, iedere ochtend onderweg naar het eigen werk. Of zelfs je collega’s of je gezinsgenoten. Het hele leven kan als een soort bedrijf voelen, zeker als je het druk hebt. Dan zie je elkaar wel, maar ontmoet je elkaar niet echt. Ook daarom zijn er feesten. Je wordt even opgetild uit de sleur, en stilgezet om elkaar recht in de ogen te kijken en misschien eens een goed gesprek te voeren. Een gesprek waar je niet aan toekomt als er ook nog veel geregeld moet worden. Het waren deze contexten waarin Jezus de beste gesprekken voerde, al vanaf Zijn 12e. Feesten zijn ook gelegenheden waarbij je juist mensen ontmoet die je anders nooit zou zien, omdat ze uit zo’n andere sociale context komen dan jij. Een feest heft maatschappelijke verschillen tijdelijk op, zodat je sommige medemensen niet uit het oog kunt verliezen.

Op mijn 19e hield ik een heel verhaal, maar de echte preek was de kwinkslag van mijn leraar. Sindsdien geloof ik dat kerken en feesten met elkaar verbonden moeten zijn. Ik snap dat zeshonderd liter wijn te gortig is, maar het mag best weleens meer zijn dan een zuinig kopje koffie.

Theoloog Alain Verheij schreef dit artikel voor EO Magazine. Meer artikelen van zijn hand lees je op Lazarus.nl, het EO-platform voor mensen die vragen durven te stellen.

Tip voor de redactie?

Of heb je een foutje gezien? Mail ons