Visie onderzoekt de refowereld

‘Ze zijn door en door religieus’

in Geloven

Ze gaan herkenbaar gekleed over straat, wonen grofweg in een strook van Zeeland naar Overijssel en staan bekend om hun weerstand tegen neoliberale ideeën. Maar wie zijn die 300.000 bevindelijk-gereformeerden – kortweg ‘refo’s – nou echt? En waarom vormen ze zo’n bijzondere subcultuur in Nederland? Redacteur Aliene peilt de stand van refoland.

In mijn zoektocht naar ‘de refo’ loop ik al snel vast. Want over wie heb ik het eigenlijk? De mensen die stemmen op de SGP? De vrouwen die zondags gerokt en gehoed naar de kerk gaan? De mannen die zelfs op vakantie een driedelig zwart pak dragen? De klasgenoten die niet zijn ingeënt? 

Ik zoek mijn heil bij Jan Zwemer (59). Hij schreef een uitgebreid proefschrift over bevindelijk-gereformeerden. “Er zijn ongeveer 300.000 refo’s in Nederland,” vertelt hij, “maar die grenzen zijn natuurlijk niet keihard. Zelfs kerken die tot hetzelfde kerkverband behoren, kunnen per plaats behoorlijk verschillen. Het centrale kerkgenootschap van de refo’s is de Gereformeerde Gemeenten. De Gereformeerde Gemeenten in Nederland en de Oud Gereformeerde Gemeenten in Nederland horen ook bij de kerngroep van de reformatorische kerken. En dan heb je nog de Hersteld Hervormde Kerk, die deels reformatorisch is en deels niet. Ook binnen de Christelijke Gereformeerde Kerken is er een ‘refovleugel’. Ten slotte kun je een aantal Gereformeerde Bondsgemeenten binnen de PKN ook nog bestempelen als reformatorisch.” 

De ware leer

Wat de refo’s theologisch gezien delen, is het accent op de ware leer en op de ‘bevinding’. In de prediking staat de noodzaak van je persoonlijke bekering tot God centraal. “Je bent niet zomaar bekeerd, daarvoor moet je je zonde eerst heel gemeend hebben gevoeld. Als dat jou niet gebeurt, blijf je twijfelen,” vertelt Jan. 

Ook de uitverkiezingsleer krijgt een grote plaats in het reformatorisch gedachtegoed. Jan: “De Reformatie stelt dat de mens helemaal zondig is. Als je gelooft en vergeving krijgt, komt dat alleen doordat God jou uit genade heeft gekozen. In bijvoorbeeld een gereformeerde gemeente gaat men er vaak van uit dat die genade maar voor een klein aantal mensen geldt.” 

De Reformatie in een notendop

De bekende reformatoren Maarten Luther en Johannes Calvijn wilden de Rooms-Katholieke Kerk in de zestiende eeuw hervormen. Ze stelden misstanden aan de kaak, waaronder het afkopen van zonden. Het liep uit op een kerkscheuring. De protestanten startten hun eigen kerken. In Nederland werd het calvinisme populair, de stroming waar de bevindelijk-gereformeerden van nu nog vaak op teruggrijpen.

Grote godshuizen

Hoe ziet het dagelijks leven van reformatorische christenen eruit? Waar komen hun ideeën vandaan? En hoe kan het dat kerken vaak noodgedwongen hun deuren moeten sluiten, terwijl er in de Biblebelt grote godshuizen worden bijgebouwd? 

Ik vraag het aan Johan Roeland (42), religiesocioloog en professor aan de Vrije Universiteit in Amsterdam. “Reformatorische kerken vormen een uitzondering in Nederland, omdat ze groeien of op z’n minst stabiel zijn. Een van de oorzaken daarvan is het hoge geboortecijfer.” Omdat er bij refo’s vaak veel kinderen geboren worden, kan het geboortecijfer de ontkerkelijking – die volgens Johan ook in reformatorische kerken reëel is – compenseren. 

Sterke identiteiten zijn aantrekkelijk

Geloviger jeugd

In niet-reformatorische kerken trekt de jeugd massaal weg. In reformatorische kerken niet. “De jeugd lijkt zelfs iets geloviger te zijn dan voorheen in de orthodoxere hoek,” vertelt Johan. Hoe dat kan? In reformatorische kerken zijn veel jongeren. Voor de jeugd is het aantrekkelijk om betrokken te zijn in de gemeente, omdat daar veel van het sociale contact plaatsvindt. Op die manier houden de jongeren elkaar bij de kerk. “Een andere verklaring zou kunnen zijn dat sterke identiteiten aantrekkelijk zijn, zeker voor jongeren, die in een levensfase zitten waarin ze zoeken naar wie ze zijn. Een kerk die een duidelijk kader biedt van hoe de wereld in elkaar steekt en van wie jij bent, kan houvast bieden.” 

Refobubbel

De roots van Johan, die zichzelf ‘absoluut geen refo’ noemt, liggen in de Gereformeerde Gemeenten. “Ik ken het wereldje van huis uit. Voor refo’s is het geloof alomvattend. In plaatsen waar een grote reformatorische kerk staat, staan vaak ook een reformatorische basis- en middelbare school, maatschappelijke instituten die sterk bepaald zijn door het geloof, daar heeft de SGP een grote vinger in de pap en daar is men niet zelden werkzaam binnen een reformatorisch bedrijf. Natuurlijk bestaat er geen 100 procent ‘refobubbel’, maar vaak wordt de eigen gemeenschap gezocht. Dat wordt bijvoorbeeld duidelijk als mensen verhuizen. Een refo die op zoek gaat naar een woonplaats, zal altijd laten meewegen of er een reformatorische kerk in de buurt is.” 

Er ligt een enorme religieuze laag over de werkelijkheid

En er is meer. “De prijs die je betaalt voor het vaarwel zeggen van de reformatorische gemeenschap en het geloof waarmee je bent opgegroeid, is hoog. In religieuze zin, want je zielenheil hangt ermee samen, en in sociale zin. Als je de reformatorische kerk verlaat, val je buiten het sociale verkeer van de sterke gemeenschappen. Die impact is dus enorm, veel groter dan de impact van het verlaten van een andere religieuze gemeenschap.”

Door en door religieus

“In de reformatorische gezindte wordt er een sterk wereldbeeld gecreëerd. Er ligt een enorme religieuze laag over de werkelijkheid,” vertelt Johan. Wat dat wereldbeeld inhoudt? “Refo’s zijn door en door religieus. De cruciale factor is het bestaan van God. Dat beïnvloedt de manier van kleden, de specifieke ethiek met de kenmerkende standpunten rondom abortus en euthanasie, dat homoseksualiteit uit den boze is en wat mannen en vrouwen al dan niet mogen. Qua theologie speelt de notie van bevindelijkheid een grote rol, je moet op een bijzondere manier ervaren hebben dat je bekeerd bent tot God. Er zijn enorm veel facetten die de refo de refo maken. Tot aan interieurs toe. Ik herken de landelijk-achtige refo-interieurs gelijk.”

De refowereld in cijfers

  • Uit onderzoek van Kliksafe blijkt dat 37 procent van de reformatorische jongeren naar vloggers op YouTube kijkt. Bij seculiere jongeren is dit 57 procent. Reformatorische jongeren kijken daarentegen wel evenveel Netflix als hun niet- reformatorische leeftijdsgenoten. 
  • De algemene vaccinatiegraad van de Nederlandse bevolking tegen infectieziekten ligt boven de 92 procent. In de reformatorische gezindte ligt de gemiddelde vaccinatiegrens iets boven de 60 procent. Bij de Gereformeerde Gemeenten in Nederland en de Oud Gereformeerde Gemeenten ligt de vaccinatiegraad tussen de 10 en 25 procent. 
  • Het Reformatorisch Dagblad bereikt dagelijks gemiddeld 149.000 mensen van 13 jaar en ouder.
  • Reformatorische basisscholen doen het relatief goed met de eindtoets. Het gemiddelde eindcijfer op een reformatorische basisschool is een 7,3. Openbare scholen scoren gemiddeld een 6,9 
  • De Gereformeerde Gemeenten hadden op 1 januari 2019 107.665 leden. De grootste gemeente bevindt zich in Rijssen-Zuid. Het ledental stond daar op 1 september 2019 op 2764. In totaal hebben de Gereformeerde Gemeenten 151 gemeenten in Nederland, 28 gemeenten in Noord-Amerika, gemeente in Zuid-Afrika en gemeente in Nieuw-Zeeland. 
  • Het grootste kerkgebouw van Nederland staat in Opheusden. Het naamloze gebouw van de Gereformeerde Gemeenten in Nederland heeft 2850 zitplaatsen.

De laatste zuil

Johan stelt dat reformatorischen de enige subcultuur in Nederland vormen waarbij je kunt spreken van een soort zuil. “Ze hebben nog steeds hun eigen scholen, eigen media en eigen organisaties.” Toen het internet om de hoek kwam kijken, werd het even spannend in refoland. “Tot die tijd was de zuil heel goed in staat om de eigen media te beheersen. De tv kon je buiten de deur houden. Maar refo’s moesten mee met het internet. Wil je participeren in de maatschappij, dan ontkom je daar simpelweg niet aan.” 

Met de komst van internet zijn de grenzen van de reformatorische wereld poreuzer geworden. Maar of dat betekent dat de zuil langzaamaan zal afbrokkelen? Johan denkt van niet. “Er is geen reden om aan te nemen dat dat gaat gebeuren. Het zou ook kunnen dat er juist in de nieuwe mediawereld calvinistische enclaves ontstaan waarin deze mensen sterk geïnformeerd worden door het eigen reformatorische denken.” 

Tekst: Aliene Boele
Beeld: Wijtze Valkema 

Tip voor de redactie?

Of heb je een foutje gezien? Mail ons