Ik ben een thuisfluiter

Blog van Tijs van den Brink

Het was weer eens zover: ik heb me opnieuw laten verleiden een voetbalwedstrijd van m’n tienerdochter te fluiten. De goeie scheidsrechters waren op, dus werd er een beroep gedaan op deze goedwillende amateur.

En ja hoor, mijn nachtmerrie komt uit. Het is een spannende wedstrijd, het staat 1-1 en er is nog een minuut of vijf te spelen. Een paar kleine missers mijnerzijds, maar daaruit vloeide geen bloed. De relatie met mijn grensrechters is tot dit moment prima. Van beiden heb ik de indruk dat ze echt hun best doen om eerlijk te vlaggen en er minstens zoveel verstand van hebben als ik. In de rust heeft de grensrechter van de tegenpartij me nog op een vriendelijke manier op een relatief onschuldig foutje gewezen.

Maar nu is mijn geluk op. Ineens zie ik de grensrechter van de bezoekende partij met zijn vlag in de lucht staan. Hij roept ‘buitenspel!’, maar ik zie met de beste wil van de wereld niet hoe en wat. Ik steek m’n hand in de lucht, om aan te geven dat ik zijn signaal gezien heb, en laat de wedstrijd doorgaan. Er lijkt opnieuw geen bloed te vloeien uit de situatie.

Maar helaas: meteen daarna ontstaat een kans voor het thuisspelende team en ja hoor, hij gaat erin. Prima goal, ik keur hem goed. Wat ik al vreesde, gebeurt: de grensrechter protesteert. Ik loop naar hem toe, hoor hem aan, maar het is te laat. Ik heb het spel laten doorgaan op het moment dat hij vlagde, dan moet ik nu consequent zijn. Ik vertel hem dat ik het buitenspel niet heb waargenomen en dat ik het doelpunt goedkeur.

Een paar minuten later fluit ik de wedstrijd af, het team van m’n dochter heeft met 2-1 gewonnen. De grensrechter komt opnieuw, overigens op een correcte manier, verhaal halen. Ik herhaal mijn standpunt, praat na met wat ouders die me gelijk geven en vul redelijk zeker van mijn zaak het wedstrijdformulier in.
Totdat een uurtje later mijn dochter thuiskomt. "Denk jij dat het buitenspel was?" vraag ik. "Ja pap, dat denk ik wel." Oef. Zij heeft er geen belang bij hierover te liegen. Ik heb het toch verkeerd gezien.
M’n dochter heeft gewonnen.
Maar ik heb verloren.
Voor het eerst in m’n fluitcarrière voel ik me een thuisfluiter.
 

Beeld: Shutterstock

Tip voor de redactie?

Of heb je een foutje gezien? Mail ons