'Beste PKN, zijn jullie geïnteresseerd in mij, of in mijn geld?'

Blog over Actie Kerkbalans

Ik heb zojuist mijn Kerkbalansbrief ongeopend teruggegeven. Wát heb je? vraagt u. Ik heb mijn Kerkbalansbrief teruggegeven. Ongeopend. En met pijn in mijn hart. Ik zal uitleggen waarom.

Ruim een jaar geleden hebben mijn man en ik ons huis verkocht. Omdat de sleutel van ons nieuwe huis nog even op zich liet wachten, woonden we tussentijds in een idyllisch dorp op de Veluwe. We arriveerden daar in december, en in januari kwam er een vriendelijke man aan de deur die ons de Kerkbalansbrief overhandigde. Natuurlijk wist ik dat dit moment zou komen – ik ben opgegroeid in de Hervormde Kerk – maar toch was ik verbaasd dat de Kerkbalansmeneer eerder voor de deur stond dan iemand van de welkomstcommissie.
Nu kon die arme man daar natuurlijk niets aan doen, maar het zette me wel aan het denken. Ik kende de verhalen van randkerkelijken die soms verontwaardigd zijn dat de kerk nooit iets van zich laat horen – behalve als er geld nodig is. Maar ja, dat ging niet over mij, en ik kon daar weinig aan doen. Maar nu raakte het mijzelf. En het voelde niet goed. Alsof het meer om mijn gift ging dan om wie ik was.

Tweet over Actie Kerkbalans

Ik streek over mijn hart. Kerkenwerk is tenslotte ook allemaal mensenwerk. En de gemeenteleden waren aardig, de diensten goed en we zouden er toch geen jaren blijven. Wel wijdde ik er een tweet aan richting de PKN, die vervolgens wat formeel antwoordde dat zij daar landelijk geen invloed op hebben. En dat de administratie in deze gemeente in elk geval goed op orde was. Mijn vraag of de PKN daar dan niet wat meer invloed op wilde hebben – ontwikkel bijvoorbeeld een basiswelkomstpakket, dat iedere lokale kerk naar believen kan invullen – bleef onbeantwoord.

Een halfjaar later verhuisden we naar ons definitieve huis, een dorp verderop. En daar gebeurde precies hetzelfde. Eerst kregen we in mei een acceptgiro in de bus van de plaatselijke PKN. Of we even wilden bijdragen aan de solidariteitskas. We hadden nog niemand gezien of gesproken en ons gezicht nog niet laten zien in deze gemeente. Toen werd ik voor het eerst een beetje boos. Waarom had er niet iemand aangebeld om deze acceptgiro persoonlijk te overhandigen? Waarom was er niemand langs geweest om even kennis te maken? Want als dit mij al zo raakte – terwijl ik gepokt en gemazeld ben in het kerkelijke leven – hoe zou iemand die nauwelijks iets met de kerk heeft maar alleen staat ingeschreven, hier dan op reageren? Ik begreep ineens de verontwaardiging. “Vind je het gek dat de kerken leeglopen,” brieste ik tegen mijn wederhelft.

Met een mengeling van verontwaardiging, pijn en teleurstelling gaf ik de Kerkbalansbrief ongeopend terug

Onpastoraal en knullig

In de weken die volgden, smolt mijn boosheid langzaam weg in de warme zomerzon. Maar met het vallen van de eerste sneeuwvlokken begon het opnieuw te borrelen. Want de bel ging, en ziedaar: Actie Kerkbalans stond weer voor de deur. De moed zakte me in m’n schoenen. We waren nog nooit in deze gemeente geweest, en toch wisten ze ons voor de Actie Kerkbalans te vinden. Ik heb de man netjes te woord gestaan. Gezegd dat ik er eigenlijk boos van werd. En verdrietig ook. En dat ik natuurlijk begreep hoe het in theorie allemaal werkt, maar dat de praktijk zo onpastoraal, zo knullig is. Met een mengeling van verontwaardiging, pijn en teleurstelling gaf ik de Kerkbalansbrief ongeopend terug. Ik zei erbij dat ík hier dan misschien niet per se door zou afhaken van de kerk, maar honderden – misschien wel duizenden – anderen wel. 

En juist daarom schrijf ik deze noodkreet. Beste PKN, zijn jullie in mij geïnteresseerd of in mijn geld? Wordt het niet tijd om dat perfect werkende administratiesysteem grondig te herzien? En allereerst om te zien naar nieuwe bewoners in de wijk, in plaats van acceptgiro’s te koppelen aan nieuwe ledennummers in de administratie? Misschien dat de kerk dan ooit weer een beetje gaat groeien.

O, en zijn er lokale gemeenten waar het wél goed gaat? Ik hoor het graag. Wie weet kunnen we leren van elkaar.

Geschreven door:

Mirjam Hollebrandse

Tip voor de redactie?

Of heb je een foutje gezien? Mail ons