‘Zet ‘m op!’: het mooie werk van cliniclowns

‘Waar een clown komt, gebeurt vanzelf iets’

Cliniclown Tup

Ze hebben een rode neus en brengen al jarenlang plezier en verbeelding in ziekenhuizen: cliniclowns. Om hun werk in het zonnetje te zetten, zendt de EO zaterdagavond de fondsenwervende tv-show Zet ‘m op! uit op NPO 1. Visie interviewde Arthur Pirenne – alias clown Tup – alvast over het wonderlijke leven van een cliniclown.

Een cliniclown is niet altijd grappig. Zoals laatst, toen een 16-jarige jongen heel boos was na een slechte uitslag van de operatie. Hij moest langer in het ziekenhuis blijven dan hij had verwacht. Wat doe je dan als cliniclown? “We kwamen binnen en ik zei tegen mijn collega: ‘Ik ben boos. Weet je wat? We halen alle tissues uit het apparaat.’ Al snel deed de jongen mee. Daarna gingen we het bed slopen – niet echt hoor, je kunt onderdelen loskoppelen. Zo konden we die jongen laten zien dat die boosheid helemaal goed was. En kon hij even lekker ventileren. We hebben zelfs samen de zuster in elkaar geslagen! Niet echt natuurlijk, die zuster speelde ook heel leuk mee.”

Hij zat zo in het spel, dat hij zelfs vergat dat hij in een rolstoel zat!

Wat is een cliniclown?

De clown als grapjas, klopt dat beeld eigenlijk wel? “Veel mensen hebben inderdaad een beeld van een clown als de vrolijke oom, die eigenlijk best irritant is. Zulk soort clowns kom je misschien tegen op straat en bij festivals, maar wij gaan veel voorzichtiger te werk. Als een kind bang is, blijven we op afstand. Dat gebeurt overigens niet heel vaak gelukkig.

Voordat we ons clownspak aantrekken, worden we eerst door een pedagogisch medewerker ingepraat over de kinderen. We bereiden geen act voor. Waar een clown komt, gebeurt vanzelf iets. Een clown leeft in het moment en verwondert zich over alles wat er gebeurt.”

Waarom is het zo belangrijk dat er cliniclowns zijn?
“Het ziekenhuis is voor een kind toch een nare omgeving, waarin van alles moet: een prik, een operatie, enzovoort. Cliniclowns halen kinderen uit die ziekenhuiswereld en nemen ze mee naar hún wereld, vol fantasie, verbeelding, speelsheid, muzikaliteit en ritme. Echt iets anders, waardoor ze hun ziek-zijn even kunnen vergeten.”

Wat is het mooiste wat je als cliniclown hebt meegemaakt?
“Een tijdje geleden kwam ik bij een jongetje van 10. Hij zat in een rolstoel en was in het ziekenhuis voor revalidatie en fysiotherapie. Ik speelde verstoppertje met een collega in de gang. Die jongen vond het ontzettend leuk en ging steeds enthousiaster meedoen. Hij zat zo in het spel, dat hij zelfs vergat dat hij in een rolstoel zat! Tot verbazing van de verpleegkundigen stond hij op en ging hij stukjes lopen. Dat hadden ze nog niet eerder gezien.”

In ‘Zet ‘m op!’ verrassen BN’ers kinderen – als cliniclown

Zaterdag 15 december om 20.25 uur op NPO 1.
In de grote eenmalige fondsenwervende tv-show Zet ‘m op! worden zieke kinderen verrast door CliniClowns. Wat de kinderen niet weten, is dat een van de clowns hun idool is. Zo bereiden Rico Verhoeven, André van Duin, K3 en Pleun Bierbooms zich in het diepste geheim voor om mee te spelen als cliniclown. Herkennen de kinderen ze? De Evangelische Omroep en Stichting CliniClowns Nederland slaan tijdens deze tv-avond de handen ineen om het belang van het werk van CliniClowns te laten zien. De presentatie van de avond is in handen van Harm Edens en Anne-Mar Zwart.

Tijdens de uitzending is een belpanel aanwezig. Mensen die donateur willen worden, kunnen bellen naar 0800 1336. Met een donatie aan CliniClowns help je om meer cliniclowns in te zetten.

In actie voor CliniClowns

Wat vind je ervan dat er een speciale tv-show voor CliniClowns komt?
“Leuk dat er bekendheid aan wordt gegeven en dat het beeld over cliniclowns wordt bijgesteld. We spelen ook steeds meer voor dementerenden in verzorgingstehuizen en voor kinderen met een beperking. Maar daarvoor hebben we simpelweg meer cliniclowns nodig. ‘Jullie moeten vaker komen!’ horen we geregeld van enthousiaste begeleiders. Maar daar hebben we dan helaas niet genoeg geld voor. Daarom zou het mooi zijn als er meer donateurs komen.”

Fragment uit ‘Zet ‘m op!’

Is cliniclown een vak, of doe je het ‘erbij’ als vrijwilligerswerk?
“We zijn professionele acteurs. We hebben allemaal een opleiding gevolgd. Mensen denken weleens: clown-zijn is een beetje leuk doen. Zo simpel is het niet. Het moet wel waarachtig en eerlijk zijn. Je moet aanvoelen wat er op dat moment nodig is en daar vervolgens goed op inspelen. Zoals bij die boze 16-jarige jongen.
Het is toch vreemd: cabaret vinden we een vak, daar is iedereen het over eens. Maar dat geldt net zo goed voor clown-zijn: je moet je grappen goed timen.”

Clown Dop en clown Tup

Hoe ben je clown geworden?
“Tot mijn 35e was ik architect. Als leider op een christelijk kinderkamp heb ik rond mijn 25e ‘de clown in mezelf ontdekt’, om het zo te zeggen. Vijftien jaar lang is dat mijn hobby geweest, maar op een gegeven moment moest ik kiezen: clown of architect? Ik was architect geworden omdat mijn vader dat wilde. Maar die clown raakte mij echt in mijn hart, in mijn wezen. Zo ben ik, zo heeft God mij gemaakt. Toch was mijn baan opzeggen een enorme stap, want mijn vrouw was net zwanger en ik had geen rooie rotcent. Dan is God vertrouwen best een uitdaging.
Op mijn 40e werd ik uiteindelijk cliniclown. Als christelijke cliniclown ben je niet anders dan andere clowns. Al draag ik sommige kinderen mee in mijn hart – die breng ik thuis in gebed bij God.”

Die clown raakte mij echt in mijn hart – zo ben ik, zo heeft God mij gemaakt

Van 2006 tot 2011 speelde je clown Dop in het EO-kinderprogramma ‘Elly en de Wiebelwagen’. Lijkt cliniclown Tup op hem?
“In Elly en de Wiebelwagen had ik natuurlijk geen rode neus, maar toch verschilde ik daar niet veel van clown Tup. Een clown-personage is iets persoonlijks: ik ben bijvoorbeeld klein. Daardoor kan ik goed acteren dat ik driftig ben, maar ik kan ook heel aandoenlijk zijn.
Toch zijn er ook verschillen. Op tv had ik bijvoorbeeld steeds hetzelfde karakter, in het ziekenhuis kan mijn rol per kamer zomaar veranderen van dom, naar slim en weer terug. Als cliniclown ben ik daarom veel gevarieerder. Ik moet meer uit de kast halen: bij een dementerende oudere speel je weer anders dan bij een kleuter of een puber.”

Tip voor de redactie?

Of heb je een foutje gezien? Mail ons