'Ik wil niet beslissen over mijn dood of die van een ander'

Blog van Tijs van den Brink

We zitten in een café in Groningen, schrijver Henk Blanken en ik. Hij vertelt over zijn ziekte, parkinson, en zegt hoe hij daar eigenlijk prima mee kan leven. Sterker nog: Henk heeft er een indrukwekkend boek over geschreven.

“Ik maak daar weleens een grapje over,” vertelt hij. “Dan zeg ik: ‘Heer, ik wil best ziek zijn, als ik er maar een prachtig, doorleefd boek voor terugkrijg.’ En dat is gebeurd.”

Angst voor dementie

Nee, veel meer dan parkinson vreest Henk dementie. Veel mensen die aan de ziekte van Parkinson lijden, worden op den duur dement. Dat wil Henk niet meemaken. Dat is voor hem als schrijver iets verschrikkelijks… En dus wil hij euthanasie voordat hij echt dement is.

Samen beslissen over euthanasie

Het probleem daarvan is dat je euthanasie moet aanvragen in een vroeg stadium van de dementie, als je nog helder bent. Want zodra je verder heen bent, ben je niet meer wilsbekwaam. Maar Henk wil ook zeker niet te vroeg dood, hij houdt enorm van het leven. En dus heeft hij een oplossing bedacht: hij wil een soort zaakgelastigde aanwijzen die hem heel goed kent. Die persoon mag bepalen wanneer Henk euthanasie krijgt. Autonomie is toch ook wat overschat, vindt hij. Waarom kunnen we dit niet samen bepalen?

Weloverwogen besluit

Ik merk dat ik naar Henk luister met een mengeling van belangstelling en verbazing. Deze man heeft werkelijk alle kanten van zijn ziekte doordacht en wil die doordenking tot een goed einde brengen.

Mijn beslissing

Ikzelf heb ooit besloten dat ik het niet wil, beslissen over mijn eigen dood of die van een ander. Toen onze zoon werd geboren, vond ik dat even erg spannend. Hij werd namelijk ongepland in bad geboren, dus onder water. Op dat moment voelde ik voor het eerst van mijn leven dat mijn besluit – om hem al dan niet uit het water te halen – het verschil maakte tussen leven en dood. Het voelde als een last. (Die overigens niet bleek te kloppen. Mijn zoontje kreeg natuurlijk zuurstof via de navelstreng.)

Luisterend naar Henk denk ik: wat heerlijk eigenlijk, dat ik dit soort afwegingen niet hoef te maken! “Maar wat zou je doen als je moeder jou zou vragen haar zaakgelastigde te worden?” probeert Henk nog. Nee, dat gaat ze echt niet doen. En indien wel, dan zou ik ‘nee’ zeggen. Ik ben God niet.

Tip voor de redactie?

Of heb je een foutje gezien? Mail ons