Een camping runnen met je geliefde

‘Werk en privé lopen compleet door elkaar heen’

in Geloven

Ze zijn gelukkig getrouwd én runnen samen christelijke camping De Betteld in het Zeeuws-Vlaamse Cadzand. Campingbazen Bas en Veronique Hobelman zitten in het hoogseizoen geen minuut stil. Hoe maak je tijd voor elkaar als de lijstjes alleen maar langer worden en er ieder moment nieuwe gasten het erf op kunnen rijden?

Zuidelijker in Zeeland kom je bijna niet. Een welkom zeebriesje laat de tentdoeken vrolijk op en neer dansen. Een gezin met vijf kinderen kauwt het laatste beetje lunch weg. “De rest van de gasten ligt te bakken op het strand,” zegt campingbaas Bas (32), die enkele seconden nadat ik de receptiebel heb geluid voor mijn neus staat. Zijn vrouw Veronique (31) meldt dat hun zoontje Jeremy (1) inmiddels is verzonken in zijn middagslaapje en de receptie is bemand door twee vrijwilligers. “Dan kunnen we even ongestoord praten,” zegt Bas hoopvol, terwijl hij me voorgaat naar een splinternieuwe vakantiewoning, waarvan hij er nog veel meer wil laten plaatsen naast zijn nu volledig volgeboekte camping De Betteld in Cadzand.

Christelijke camping

De liefde tussen Bas en Veronique is compleet verweven met hun gezamenlijke missie voor deze camping: bouwen aan Gods koninkrijk. Maar dat is lang niet altijd zo geweest. Bas: “Mijn vader, directeur van De Betteld-groep, vroeg of ik een christelijke camping in Cadzand wilde runnen. Ik woonde in Utrecht, had een leuke baan bij de Jaarbeurs en genoot van mijn vrijgezellenbestaan. Maar slechter zou ik er niet van worden, dacht ik, dus ik zei ‘ja’. En dat terwijl ik ondanks mijn christelijke opvoeding niet echt meer iets met het geloof had.”

Stadse cowboy

Veronique, opgegroeid in Zeeland, komt op haar 16e voor het eerst in aanraking met het geloof, als haar moeder zich tijdens een Bijbelstudieavond plotseling bekeert. “Ik raakte nieuwsgierig, ging met haar mee en toen ik tijdens het gebed spontaan begon te huilen wist ik: er is meer! De gemeente in Sluis waarin ik later terechtkwam, bad jarenlang om een beweging in Zeeuws-Vlaanderen, een gebied waar niet veel christenen wonen. Toen we hoorden over een christelijke camping, wilden we natuurlijk meehelpen. Mijn vader benaderde Bas’ vader en zo werd een kennismakingsavond georganiseerd. Daar werd al snel duidelijk dat Bas de camping alleen zou gaan runnen. Ik ben nogal praktisch ingesteld en dacht: dat gaat hem niet lukken. Hij was trouwens totaal niet mijn type; ik vond hem maar een stadse cowboy, een vrijbuiter die leefde met de dag. Omdat we zo hard hadden gebeden om een beweging, voelden we ons als gemeente ontzettend betrokken en verantwoordelijk.”

'Ik vond hem maar een stadse cowboy, een vrijbuiter'

Geen partnermateriaal

De gemeenteleden stelden voor de avond af te sluiten met een lied. Er werden allerlei instrumenten uit de kast getrokken en Veronique leidde de aanbidding. Bas: “Ik vond haar een veel te serieuze, brave christen. Zelf voelde ik me steeds minder op mijn plek en schoof ik steeds een stukje naar achteren.” Veronique: “Vanaf dat moment stond Bas bovenaan onze gebedslijst, want hij moest nog aangeraakt worden.” Bas: “De gemeenteleden boden massaal hun hulp aan. Er werden schoonmaakdagen georganiseerd om het terrein, dat ’s winters als boerenbedrijf diende, geschikt te maken als camping in de zomer.” Veronique: “Ik ben soms iets te plannerig, Bas is dat niet. We hadden elkaar nodig. We regelden zo veel met elkaar, dat ik vaak werd aangesproken als Bas’ vriendin of vrouw. Steeds vaker stonden we samen in de winkel of het tuincentrum om inkopen te doen. Ondertussen voerden we heftige gesprekken over het geloof, waar we duidelijk anders in stonden. Daarom was Bas voor mij zeker geen ‘partnermateriaal’.”

Overweldigend

Als de eerste zomervakantie aanbreekt, zet Veronique haar tent op De Betteld op, om naast haar baan als verzorgende elk vrij uurtje te gebruiken om een programma op te zetten. Veronique: “En ik was niet eens van het kamperen! Daar liep ik dan, in mijn witte zusterkleding over de camping. Ik organiseerde de kinderclubs, leidde de aanbidding en stuurde de vrijwilligers aan.”

Zachter

Bas: “Uit fatsoen ging ik al een tijdje mee naar de kerk waarvan ik zo veel hulp ontving. Ze waren zacht voor mij en ondertussen werd ik ook zachter. Sommige sprekers raakten mij recht in mijn hart. Steeds vaker kwamen situaties uit het verleden naar boven, zoals dingen die ik had gestolen. Veronique moedigde mij aan alle rotzooi op te ruimen en situaties recht te zetten met mensen die in mijn gedachten omhoogkwamen. Na een dienst raakte ik emotioneel, omdat ik was overweldigd door alles wat er in korte tijd gebeurde. Dat was voor mij een keerpunt om de Bijbel centraal te zetten.” Bas zegt lachend: “Dat zal vast het moment zijn geweest waarop Veronique dacht: nou moet ik hem hebben.”

Geen stappen

Bas steekt lachend zijn hand op naar de vuilnisman die het terrein op rijdt. “Tijdens een ontbijt kwam Veronique op me af lopen en mepte ze op tafel. ‘Nu ben ik weer aangesproken als jouw vrouw,’ zei ze. ‘Ik wil weten hoe het zit tussen ons. Vanavond verwacht ik een antwoord.’ En toen ging ze aan het werk.” Veronique: “We hadden elkaar al lief, maar hij ondernam geen stappen. Ik moest het gewoon vragen.” Een paar avonden later wandelden we op het strand, wat we wel vaker deden. Op het plekje waar we altijd zaten, vroeg ik: ‘Wil je samen met mij verder gaan?’ Dat hebben we toen samen besloten. Een jaar later zijn we getrouwd.”

Op elkaars lip

In hun eerste huwelijksjaar woonden Bas en Veronique in een stacaravan, waarna ze verhuisden naar een iets groter chalet, dat in het hoogseizoen wordt omringd door de caravans van familieleden en medewerkers die het stel ondersteunen bij alle taken op de camping. Veronique: “Natuurlijk zit je op elkaars lip, maar het leven speelt zich vooral buiten af. Soms zien we elkaar een halve dag niet en vaak komen we elkaar pas echt tegen als we om 23.00 uur op de bank ploffen.” Bas: “We hebben allebei onze eigen taken. Ik ben vooral van de receptie, het contact met de gasten en de klusjes. Ook maak ik plannen voor de toekomst – zoals de projectontwikkeling – en rijd ik het hele land door voor afspraken met het bouwteam, architecten en bouwers.” Veronique: “Ik ben vooral bezig met de planning, het programma en ik stuur medewerkers aan. We draaien in alles mee, dus geregeld staan we zelf toiletten schoon te maken of gras te maaien.”

Privé

De telefoon licht steeds even op. Weer een gemiste oproep. Veronique: “Dat zijn vast Duitsers die bellen of er nog plek is. Om 8.00 uur beginnen de telefoontjes. Na 23.00 uur nemen we niet meer op.” Bas: “Ik ben opgegroeid in een recreantengezin en weet niet beter dan dat ik in de zomer tussen de toeristen en campinggasten zit. Voor mij waren late bellers geen bezwaar, maar Veronique moest erg wennen. Zij heeft mij geleerd meer structuur aan te brengen en ook weleens ‘nee’ te zeggen.” Veronique: “Met de lange dagen kan ik leven, maar niet met gasten die op elk moment door de achterdeur naar binnen konden lopen. We hebben een schutting neergezet met een bordje ‘privé’ erop.” Bas: “Ik moest op mijn beurt wennen aan het samenleven met een vrouw. Ineens deel je alles en moet je rekening houden met elkaar. Een studieserie van Derek Prince over het huwelijk heeft mij erg geholpen.”

Snel uitpraten

Als de irritaties oplopen, kan het nog weleens lastig zijn een gaatje te vinden om het uit te praten. Veronique: “Ik ben soms te gestrest, omdat ik zie wat er nog allemaal moet gebeuren. Bas vergeet weleens wat. Soms liet ik irritaties onbewust groeien, totdat het te laat was en ik boos wegliep.” Bas: “Als Veronique de aanbidding leidt en ik achter het mengpaneel zit, kunnen er geen dingen tussen ons in staan. We moeten irritaties daarom snel uitpraten. Dat lukt ons nu heel goed.” Veronique: “We kennen elkaars goede kanten en vullen zwakke kanten aan. Zo maak ik lijstjes  met praktische dingen die Bas echt niet mag vergeten.” Bas bevestigt lachend: “Elke dag krijg ik wel een paar briefjes. Werk en privé lopen compleet door elkaar heen, maar we weten niet beter. ’s Avonds spreken we de volgende dag alvast door. Af en toe moeten we even pas op de plaats maken. Als een van ons aangeeft niet over werk te willen praten, moet dat ook kunnen.”

'Werk en privé lopen compleet door elkaar heen'

Van een leien dakje

Verder zien Bas en Veronique vooral voordelen in samenwerken met je geliefde. Bas: “We groeien als individu, als gezin – de tweede is op komst – en als bedrijf, wat ons leven heel leuk en dynamisch maakt. Anderen dienen en bouwen aan Gods koninkrijk: dat is de rode draad die door ons werk én onze relatie heen loopt. Veronique: “Het geloof is ons vertrekpunt, het heeft ons bij elkaar gebracht. Elke avond lezen we samen in de Bijbel en bidden we. Ook dragen we elke dag en elke dienst aan Hem op. Dat wil niet zeggen dat alles altijd van een leien dakje gaat.” Bas kan dat beamen: “Vorige week verloor ik nog bijna mijn vingertop door de grasmaaier. Ik bloedde als een rund.” Of ze het andere stellen aanraden samen te werken? Veronique: “Alleen als je een gedeelde passie hebt en het werk je allebei ligt, anders groeit het scheef. Wij leven ons geestelijke doel uit in ons gezin, in ons werk en in onze kerk en zouden niet anders willen.”

Tekst: Charlotte van Egmond
Beeld: GoodFolk

Dit verhaal komt uit Visie. Meer van dit soort verhalen lezen? Vraag hier een proefabonnement aan.

Tip voor de redactie?

Of heb je een foutje gezien? Mail ons