Icon--npo Icon--twitter Icon--facebook Icon--instagram Icon--mail Icon--search Icon--video Icon--image Icon--audio Icon--EO Icon--whatsapp Icon--linkedin Icon--snapchat Icon--youtube Icon--quote arrow-right Icon--arrow-down Icon--chevron-right Icon--menu clock Icon--background Icon--backgroundContent Icon--overlayBottom Icon--overlayTop Icon--girl Icon--boy Icon--cross

Meerdere theologen verrast door Nashvilleverklaring

'Het is communicatief een onbesuisde actie'

Niet alleen SGP'er Kees van der Staaij was verrast over het feit dat zijn handtekening onder de Nashvilleverklaring stond. Volgens een anonieme bron, wiens naam bij de redactie bekend is, zijn er zeker vier theologen (onder wie hij zelf) die hun handtekening vooraf hebben ingetrokken, maar dat verzoek werd niet gehonoreerd.

Hij vraagt met klem anoniem te blijven. “Dat schaadt de interne verhoudingen te veel.” Het geeft maar aan hoe extreem gevoelig de namenlijst van de Nashvilleverklaring kan liggen. “In eigen kring heb ik al gecommuniceerd hoe het komt dat mijn naam op de lijst staat. Dat is voldoende.” De drie anderen die hij kent die hun handtekening niet onder de lijst willen zien staan, willen liever helemaal niet reageren. "Ze zijn allemaal intern in gesprek en willen dat niet verstoren door nu anoniem of met naam de publiciteit te zoeken."

Pas na vier mailtjes van hem richting de initiatiefnemers van de verklaring, werd de namenlijst van internet verwijderd. Maar toen was het kwaad al geschied.

Hartverscheurend appje

Heeft u reactie gehad van mensen die uw naam op de lijst hebben zien staan?
“Zaterdagavond had ik een jongen bijna huilend aan de lijn. Hij vroeg hoe het kon dat hij mijn naam onder de verklaring zag staan. Hij zei ook: ‘Ik wil Bijbels leven, ik wil celibatair leven. Jarenlang ben ik in therapie geweest, maar dit ben ik. Maar ik mag het niet zeggen. Ik moet terug de kast in.’ Hij voelde zich in de kou staan.
Ook kreeg ik zaterdagavond een werkelijk hartverscheurend appje van een jongedame. Als je haar verhaal hoort, schieten de tranen in je ogen. Dan zie je hoe groot de pastorale schade is van deze verklaring.”

In eerste instantie had u aan de initiatiefnemers aangegeven dat uw naam eronder mocht staan.
“In het eerste mailtje dat ik over deze verklaring kreeg, werd gevraagd of ik me er in hoofdlijnen in kon vinden. Aan de tekst zou nog worden geschaafd en er zou zeker nog aandacht zijn voor het pastoraat, maar het ging over een globale onderschrijving van de strekking. Daar heb ik ja op gezegd. Ook omdat was toegezegd dat er nog een definitieve versie zou komen en er dan opnieuw zou worden gevraagd of je daar echt je handtekening onder kon zetten.”

Op welk moment dacht u: dit gaat te ver?
“Ik had wel wat aarzelingen en dat heb ik ook aangegeven. Maar toen als voorschot op deze verklaring het opiniestuk van professor Kater en professor Huijgen in het Reformatorisch Dagblad verscheen, dacht ik: als dit nu zo snel al de deur uitgaat, vind ik dat onzorgvuldig. Daarop heb ik – en ik weet van op z’n minst nog drie anderen – gemaild naar de organisatoren dat ik mijn naam er voorlopig niet aan wilde verbinden. Dat was dus nog voor de bewuste zaterdag waarop de verklaring in de media kwam. Vervolgens is ze toch online gezet. Dat zal niet alleen mij verrast hebben, maar meerdere vermeende ondertekenaars.”

Was die eerste versie anders dan wat er nu ligt?
“Ja, dat was nog een onzorgvuldige vertaling van het Engelse origineel, en zonder voor- en naschrift. Maar de vraag was ook niet of je de artikelen onderschreef, maar of je de strekking deelde. Daar is vervolgens van gemaakt: ‘U hebt hem ondertekend.’'

Wat was voor u de belangrijkste reden om u terug te trekken?
“De eerste is dat de pastorale toonzetting ontbrak. Zoals de hoogleraren Kater en Huijgen in hun opiniestuk terecht schreven: denk even aan die jongere of oudere homoseksuele broeder of zuster in de kerk die hiermee worstelt. Ook al zouden ze celibatair willen leven, zij worden hiermee in de kou gezet.
De tweede reden was dat in het hele stuk elke vorm van schuldbelijdenis ontbrak over hoe de kerken de afgelopen eeuwen zijn omgegaan met homoseksuele broeders en zusters.”

Neemt u het de initiatiefnemers kwalijk dat uw naam op de namenlijst staat?
“Als het gaat over de communicatie hierover en de afspraken die niet nagekomen zijn, vind ik dat een onjuiste gang van zaken. Dit had zo niet gemoeten. Nog los van de inhoud en de theologische doordenking – ik heb met verschillende artikelen theologisch en pastoraal moeite, onder andere met artikel 7 en 12 – is het communicatief een onbesuisde actie. Zeker als ik nu zie dat ds. De Vries de genderideologie in het Nederlands Dagblad vergelijkt met het nazisme; dat slaat echt alles.”

U heeft ook aan de bel getrokken bij de initiatiefnemers. Hoe reageerden zij?
“Ik heb er vier mailtjes aan moeten wijden, en toen is uiteindelijk de hele namenlijst offline gehaald. Ze gaan eigenlijk helemaal niet in op de communicatieve onderdelen, maar benadrukken steeds maar dat we een strijd moeten voeren en niet slap moeten zijn.”

Uw naam staat ergens onder waar u uw handtekening niet onder heeft gezet. Juridisch gezien zou u een zaak hebben.
“En ik vermoed eerlijk gezegd dat ik daar niet de enige in ben. De meeste mensen uit mijn omgeving die positief hebben gereageerd op de strekking van dit verhaal, hebben zich helemaal niet gerealiseerd dat hun handtekening een week later onder een massieve tekst zou staan, die aan niemand meer is voorgelegd. Juridisch klopt dit niet.
Ds. Van Reenen, betrokken bij deze verklaring, geeft dat overigens ook toe, in een artikel in het Nederlands Dagblad. ‘Er zijn communicatiefouten gemaakt,’ zegt hij. Nou, dat lijkt me een understatement.”

Toch blijft u redelijk mild.
“Onder de mensen die deze verklaring wel ondersteunen, zitten bekenden en vakgenoten die ik hoog heb. Misschien zit daar de mildheid in. Het gaat mij niet om een juridisch spel of om mensen zwart te maken. Maar communicatief klopt het niet.”

Lees hier de reactie van de werkgroep.

Beeld: ANP

Tip voor de redactie?

Of heb je een foutje gezien? Mail ons