Icon--npo Icon--twitter Icon--facebook Icon--instagram Icon--mail Icon--search Icon--video Icon--image Icon--audio Icon--EO Icon--whatsapp Icon--linkedin Icon--snapchat Icon--youtube Icon--quote arrow-right Icon--arrow-down Icon--chevron-right Icon--menu clock Icon--background Icon--backgroundContent Icon--overlayBottom Icon--overlayTop Icon--girl Icon--boy Icon--cross

Leven in een woongroep van stichting Timon

'Voor mij is leven in deze woongroep een win-winsituatie'

In een heel gewone woonwijk in Houten staat een bijzonder rijtje huizen: alle bewoners vormen samen een woongroep. Maar zo bijzonder is dat niet, vinden ze zelf. “Het enige wat wij doen, is een goede buur zijn voor elkaar.”

“Je rijdt een rondje om de kerk, slaat linksaf en dan kom je er vanzelf,” legt Esther van den Berg (31) uit aan de rest van de groep. De bewoners van woongroep Tiellandt uit Houten hebben zich verzameld aan de voorkant van het grote vakantiehuis in het Zeeuwse Oostkapelle. Ieder jaar komen ze hier om een weekend ongestoord met elkaar door te brengen. Traditiegetrouw staat er ook een middagje strand op het programma, zelfs op een ietwat frisse, bewolkte zomerdag als vandaag. De schepnetten, vliegers en emmers worden ingeladen en de kleine autostoet vertrekt richting de strandopgang. “Ik ken de weg hier inmiddels op mijn duimpje,” zegt Esther tijdens de korte rit. “Ik woon vijf jaar in de woongroep en dit vakantiehuis voelt bijna als thuiskomen.”

Traditie

Op een paar bewoners na, is de groep compleet. Dat ze dit weekend in hetzelfde huis slapen, is bijzonder. In Houten bewonen de groepsleden namelijk een compleet rijtje huizen dat onderverdeeld is in gezinswoningen en appartementen. Het huizenblok vormt een van de tien woongroepen van Timon, een christelijke organisatie die op verschillende manieren helpt bij problemen bij opvoeden en opgroeien. In deze woongroepen wonen jongeren, zogeheten ‘meewoners’, twee jaar samen met de kernbewoners. De meewoners zijn jongeren voor wie de stap om zelfstandig te gaan wonen nog te groot is, bijvoorbeeld omdat ze een beperkt sociaal netwerk hebben of doordat ze iets ingrijpends hebben meegemaakt.

In Tiellandt wonen op dit moment negen kernbewoners met zeven kinderen, en drie meewoners. Samen lopen ze het strand van Oostkapelle op. Kernbewoner Esther kijkt toe hoe de kinderen de koude zee in rennen. “Weer of geen weer: het is traditie dat de volwassen mannen het water ingaan,” lacht ze. “Maar nu gaan die jonge meiden dapper mee!”

Goede buur

“Voor mij is leven in deze woongroep een win-winsituatie,” vertelt Esther even later, terwijl ze een volleybal vasthoudt. “Ik ben single. En hoewel ik een groot sociaal netwerk heb en zeker niet eenzaam ben, is dit een mooie manier om toch samen met anderen te wonen. Allereerst is het erg gezellig. Bovendien vind ik het fijn dat ik iets kan betekenen voor meiden en jongens die een opstapje nodig hebben voordat ze op zichzelf gaan wonen.” Vanuit Timon krijgen deze jongeren professionele hulp en leren ze zelfstandig te functioneren in de maatschappij. Het leven in de woongroep is daarop een aanvulling. “Het enige wat wij doen, is een goede buur zijn voor elkaar,” legt Esther uit. “Zo zijn er altijd mensen in de buurt op wie je kunt terugvallen. Dat geldt voor de jongeren, maar ook voor de kernbewoners.” Esther merkte hoe belangrijk dat is toen een van de kernbewoners onlangs een stapje terug moest doen in zijn werk. “Op zo’n moment – als het allemaal even te veel is – kun je je afvragen of het handig is dat je in een woongroep woont. Maar juist dan staat er een hechte groep buren om je heen. Als we allemaal één stapje harder lopen, is er meteen zo veel hulp. De een maakt voor je schoon, de ander brengt eten langs: je hoeft maar te appen en er staat iemand voor de deur.”

Stiekem helpen

Na anderhalf uur vliegeren, zwemmen en ontspannen, gaat een deel van de groep alvast terug naar huis. “Ik ga ook mee,” zegt meewoner Minon (24) tegen Esther. “Dan kan ik alvast aan het eten beginnen.” Het is een gekke dag voor Minon, vertelt ze, terwijl ze door de duinen loopt. “Na bijna twee en een half jaar in de woongroep heb ik vanochtend afscheid genomen. Over een maand ga ik helemaal op mezelf wonen. Eerst was ik daar nog niet klaar voor, maar nu wel.”

'Ik kan nu beter mijn grenzen aangeven'

Ze heeft veel geleerd in de woongroep, vertelt Minon. “Ik kan nu beter mijn grenzen aangeven. Vroeger durfde ik geen ‘nee’te zeggen. Dat is in fases gegaan, hoor. In het begin deed ik in de woongroep nog van alles. Een van de regels is dat degene die gekookt heeft niet hoeft af te wassen. Meestal stond ik dan toch stiekem te helpen. Dan zeiden ze: ‘Nee Minon, ga jij maar lekker zitten.’ Deels komt dat doordat ik het gezellig vind om bezig te zijn. Aan de andere kant voel ik me snel bezwaard als anderen dingen doen terwijl ik zit te niksen. En dat hoeft natuurlijk niet altijd...”

Bidden

“Wat ik het meest ga missen, is de gezelligheid,” zegt Minon even later. “Het is een warme groep mensen.” Minon weet niet of dat komt doordat de kernbewoners allemaal christen zijn. “Maar dat kan ik me wel voorstellen. Ze zijn allemaal vriendelijk en willen er voor je zijn. Als er iets in je leven speelt, vragen ze: ‘O, mag ik voor je bidden?’ Dat vind ik lief. Dan zeg ik altijd: ‘Ja, dat mag.’ Al geloof ik zelf niet, ik vind het een mooi gebaar. Andersom accepteert iedereen dat ik niet geloof. We kunnen open praten over hoe ik naar dingen kijk en dat waardeer ik ook.”

Aangekomen in de keuken van het vakantiehuis, pakt Minon een krat met boodschappen uit. Ze zet pasta, verschillende groenten, tonijn, feta en kikkererwten op tafel. Kernbewoner Iwan van den Berg (38) komt de keuken binnen. Ook hij is vanavond aan de beurt om te koken. “Zo, laten we beginnen,” zegt hij enthousiast. “We gaan pastasalade maken, dat leek ons wel zo makkelijk. We eten vanavond met z’n negentienen, en niet iedereen mag en wil alles eten. Dus we maken een basissalade, en de extra’s – zoals kaas en vis – kunnen mensen dan zelf toevoegen. Het is soms best een uitdaging als je voor iedereen moet koken, maar we komen er altijd uit.”

Geheime plekken

Terwijl Minon en Iwan zich in het zweet werken in de keuken, dwaalt Jeriah Postma (6) door de andere vertrekken in het grote vakantiehuis. “We hebben boven een balkon. Wil je dat zien? Ik ben al vaker in dit huis geweest, dus ik ken alle geheime plekken al,” zegt hij trots. “Er zijn twee trappen. Eentje in de hal, en nog eentje die verstopt zit achter een deur.” Samen met zijn ouders Joël en Suzanne en twee zussen woont Jeriah al zijn hele leven in de woongroep. “Het is heel gezellig,” vindt hij. Hoe zijn zoon Jeriah en zijn twee dochters (9 en 11) het leven in een woongroep ervaren, is een vraag die vader Joël (37) soms bezighoudt. “Ik ben benieuwd wat ze zeggen als ik dat over tien jaar vraag. Zelf denk ik dat het een verrijking voor ze is, omdat ze leren met verschillende soorten mensen en culturen om te gaan. Dat maakt ze erg sociaal. Bovendien leren ze al vroeg wat het is om los te laten en afscheid te nemen. Er zijn meewoners met wie ze geen klik hebben, maar het komt ook voor dat ze moeten huilen als iemand vertrekt.”

Drempel

“Zal ik bidden?” vraagt Iwan tien minuten later. Iedereen heeft inmiddels plaatsgenomen aan de picknicktafels in de tuin. Hij dankt God voor de dag en vraagt een zegen over het eten. Daarna vraagt Iwan of iedereen zijn kom naar voren wil doorgeven, zodat hij de bakjes kan vullen met pasta. “Ik wil graag een klein beetje voor Noam,” roept Hester (33) over tafel. Hester is Iwans vrouw en Noam (1) is hun zoon. Hij stort zich vol overgave op zijn eten, net als zijn grote zus Sanne (3). “Ik vind het waardevol om te zien hoe vrij Sanne zich voelt in de groep,” zegt Hester. “Iwan en ik hebben voor deze manier van wonen gekozen, omdat we niet alleen voor onszelf willen leven. Niet dat je dat automatisch doet wanneer je alleen met je gezin woont, maar de drempel iets voor een ander te betekenen, kan dan wel hoger zijn.” Van nature is Hester niet zo’n groepsmens. “Soms ben ik veel met mezelf bezig. Op zulke momenten denk ik: wacht even, dit is niet het belangrijkste. Als ik denk aan hoe Jezus met anderen omging, geloof ik dat het goed is dat we voor elkaar zorgen. In de woongroep kan ik op een mooie manier gehoor geven aan die opdracht.”

Woongroepen van Timon

Stichting Timon viert dit jaar zijn 35-jarig bestaan. Met verschillende hulpverleningsvormen helpt Timon bij opvoeden en opgroeien. Woongroepen maken vanaf het eerste uur deel uit van dit zorgaanbod. In Nederland heeft Timon tien woongroepen. In die groepen delen gezinnen, stellen en singles het leven met gemiddeld vier tot zes jongeren. De jongeren ontvangen daarnaast professionele begeleiding. Door het leven in de woongroep leren zij onder meer te groeien in zelfstandigheid.

Meer weten? Kijk op Timon.nl/vrijwilligers.

Tip voor de redactie?

Of heb je een foutje gezien? Mail ons