Icon--npo Icon--twitter Icon--facebook Icon--instagram Icon--mail Icon--search Icon--video Icon--image Icon--audio Icon--EO Icon--whatsapp Icon--linkedin Icon--snapchat Icon--youtube Icon--quote arrow-right Icon--arrow-down Icon--chevron-right Icon--menu clock Icon--background Icon--backgroundContent Icon--overlayBottom Icon--overlayTop Icon--girl Icon--boy Icon--cross

Zij was de eerste

De Bijbel Open met dominee Arie van der Veer

Pasen begon niet met koor en samenzang. De Bijbel vertelt over groot verdriet, ontreddering en verwarring, ook nadat de vrouwen een engel hadden ontmoet bij het graf. Er staat dat de vrouwen op de vlucht sloegen (Marcus 16:8).

Op de dag van Jezus’ opstanding was een groepje vrouwen al heel vroeg op pad. Het begon licht te worden. De vrouwen wilden naar het graf om het werk af te maken, dat vrijdag was blijven liggen.

Maria uit Magdala ging naar de leerlingen en zei tegen hen: “Ik heb de Heer gezien!”’ (Johannes 20:18)

Maria van Magdala was een van hen. Deze Maria behoorde tot een groep vrouwen, die Jezus vanaf Zijn tocht door Galilea hadden gevolgd. Ze had haar hele leven aan Jezus toegewijd, nadat zij door Hem was bevrijd uit de greep van zeven demonen (Lucas 8:2). Maria was erbij, toen Jezus gekruisigd werd. Ze had gezien en gehoord hoe Jezus stierf. Samen met de andere vrouwen had ze het bebloede lichaam gewassen en verzorgd. Ze was erbij, toen het lichaam in het graf werd gelegd, en natuurlijk was ze er op paasmorgen in alle vroegte ook bij. Maar voor die vrouwen was het eigenlijk nog helemaal geen Pasen.

Johannes vertelt haar verhaal, het is een eerlijk verhaal. Maria was totaal in de war, ook na het bezoek aan het graf en de ontmoeting met de engel. Johannes herinnert zich nog levendig dat Maria in alle vroegte bij hun huis aankwam en hoe ze schreeuwde: ‘Ze hebben de Heer uit het graf weggehaald en we weten niet waar ze hem nu neergelegd hebben’ (Johannes 20:2).

Er ging een licht op

Toen hij naar het graf rende, moet zij achter hem aangelopen zijn. Ze ging dus voor de tweede keer die dag naar het graf. Verward zwierf ze door de tuin. Ondertussen gingen Johannes en Petrus de graftombe in. Zij ontdekten toen dat het linnen verband dat om het lichaam was gewikkeld, nog steeds in dezelfde positie lag als bij de graflegging. Maar de doek, waarmee het hele hoofd was ingewikkeld, was verplaatst. Het was netjes opgerold, als een dodenmasker, dat was afgelegd. Ineens ging daar voor Johannes het licht op. Voor Maria was dat niet zo, totdat ineens die man er was. Ze dacht dat het de tuinman was. Het bleek Jezus te zijn.

Een indrukwekkende ontmoeting

Het is indrukwekkend en diep ontroerend, zoals Johannes die ontmoeting beschrijft. Die wanhoop. Ze hoort de stem, maar herkent Hem niet. Haar naam wordt genoemd. En dan vindt het onvergetelijke moment plaats: Ze ziet Hem! Hij is opgestaan uit de dood!

Het moet Maria zelf geweest zijn die het Johannes heeft verteld. Ze zal het die dag vast meerdere keren verteld hebben. Want zo gaat dat, als je heftige dingen meemaakt.

Eerlijk en opmerkelijk

Je bewondert de eerlijkheid, waarmee de Bijbel schrijft over het ongeloof en de verwarring van Jezus’ volgelingen met Pasen. Het was nooit echt Pasen geworden, als Jezus niet was verschenen. En je verbaast je over de volgorde die Jezus kiest. De eerste die Hij wil ontmoeten, is een vrouw.

Tip voor de redactie?

Of heb je een foutje gezien? Mail ons