Icon--npo Icon--twitter Icon--facebook Icon--instagram Icon--mail Icon--search Icon--video Icon--image Icon--audio Icon--EO Icon--whatsapp Icon--linkedin Icon--snapchat Icon--youtube Icon--quote arrow-right Icon--menu clock Icon--background Icon--backgroundContent Icon--overlayBottom Icon--overlayTop

Buigen Onder het oordeel

De Bijbel open met ds. Arie van der Veer

Wat een mooie tekst staat er in Jeremia 24:7. Ik preek daar graag over. God belooft aan de ballingen in Babel een nieuw hart. Een hart dat openstaat voor God, en dat bereid is naar Zijn Woord te luisteren. De tekst wordt extra bijzonder, als je de context kent. De profeet Jeremia kreeg van God de opdracht om die belofte door te geven aan een groep ballingen in Babel.

‘Ik geef hun het inzicht dat ik de HEER ben; als ze met heel hun hart naar mij terugkeren, zullen zij mijn volk zijn en zal ik hun God zijn’

In 597 vóór Christus had koning Nebukadnessar een grote groep, grotendeels vooraanstaande Joden laten deporteren. Daar was ook de jonge koning Jechonja bij. Nog maar drie maanden zat hij op de troon. Je begrijpt dat hij niets te vertellen had. Heel Juda werd beroofd van zijn leiders. Er werden ook veel vakmensen op het gebied van bewapening gearresteerd en weggevoerd. Weet je wie er ook in die groep zaten? De profeet Ezechiël, Daniël en zijn drie vrienden.

Over die groep gaat het, niet over de achtergebleven Joden en de nieuwe koning Sedekia. Uiteraard was hij benoemd door koning Nebukadnessar. Tot en met de verwoesting van Jeruzalem in 586 is Jeremia in Juda gebleven. Hij heeft dus met name gewerkt onder deze laatste groep.

Jeremia kreeg een visioen van God. God liet hem twee manden met vijgen zien. Ze stonden klaar bij de tempel. In de ene mand zaten heerlijke vijgen. In de andere mand zaten rotte vijgen. Ze waren niet meer te eten. God zei: ‘Dit is mijn boodschap: De Judeeërs die meegenomen zijn naar Babel, lijken op de goede vijgen. Ik heb hen weggestuurd uit Jeruzalem. Maar ik zal goed voor hen zorgen in Babel. Slecht nieuws heb Ik voor de Judeeërs in Juda. Zij zijn de slechte vijgen. Ik zal ervoor zorgen dat het heel slecht met hen afloopt.’

God maakte onderscheid

God maakte dus onderscheid. Waarom? Waren de mensen uit die eerste groep beter, vromer? Als je het leven kent van de mannen die ik zojuist noemde, zou je haast denken van wel. Maar was dat werkelijk zo? Zijn ‘de goeden’ het eerst weggevoerd en ‘de slechten’ pas later? Ik geloof er niets van. Vroeger zeiden ze dat God onderscheid maakt, waar geen onderscheid te maken is. God is soeverein. Toch is er een relatie geweest met de bijzondere boodschap aan de eerste groep. God besloot om Zijn barmhartigheid niet te tonen aan de tweede groep.

De laatste groep ging onder leiding van Sedekia gewoon door met hun oude leven. Er was geen sprake van berouw of bekering. De Bijbel zegt dat wij allemaal het oordeel van God verdienen (Romeinen 3:23). Maar het maakt een groot verschil hoe je onder dat oordeel bent. Daarmee heb ik het raadsel nog niet verklaard, waarom de een wel en de ander niet gelooft. Toch heeft de belofte aan de eerste groep daar alles mee te maken. Blijkbaar hebben zij gebogen onder het oordeel van God. En dat betekent een nieuw begin.

Geschreven door:

Arie van der Veer

Presentator, dominee en schrijver

Tip voor de redactie?

Of heb je een foutje gezien? Mail ons