Icon--npo Icon--twitter Icon--facebook Icon--instagram Icon--mail Icon--search Icon--video Icon--image Icon--audio Icon--EO Icon--whatsapp Icon--linkedin Icon--snapchat Icon--youtube Icon--quote arrow-right Icon--arrow-down Icon--chevron-right Icon--menu clock Icon--background Icon--backgroundContent Icon--overlayBottom Icon--overlayTop Icon--girl Icon--boy Icon--cross

Paul van Vliet: “In de Grand Canyon was God dichtbij”

Nestor van Nederlands cabaret in ‘Adieu God?’

in Mediatips

Paul van Vliet schreef op verzoek van de EO een brief aan God. Nu - twaalf jaar later – onderzoekt Tijs van den Brink in ‘Adieu God?’ hoe het er inmiddels met zijn geloof voorstaat.

“Ik zal weten dat U het bent als ik mij onvoorwaardelijk heb overgegeven en mijn eenzaamheid zal zijn verdwenen.” Met die zin sluit Paul van Vliet in 2005 zijn brief aan God af. Paul: “Dat kwam toen recht uit mijn hart. En ik sta er nog steeds achter.”

"Geen enkel succes is in staat om die gevoelens weg te nemen"

Eenzaamheid
Paul van Vliet is eenzaam. De 81-jarige cabaretier herinnert zich dat hij als kind al niet goed wist waar hij bij hoorde. En dat is altijd zo gebleven. Natuurlijk, hij heeft een hoop fijne mensen om zich heen. Hij speelt na al die jaren nog steeds op zondagmiddag in de Koninklijke Schouwburg in Den Haag. Zijn publiek draagt hem op handen. Maar die fundamentele eenzaamheid is nooit verdwenen. Paul: ”Geen enkel succes is in staat om die gevoelens weg te nemen. Er moet iets anders bij.”

Overgave
Pauls eenzaamheid is naar eigen zeggen echter niet iets tragisch: “Ik ben een ‘loner’, maar daar kan ik goed mee leven.” Toch benoemt hij in zijn brief aan God het verlangen om de eenzaamheid ooit kwijt te zijn. Dat heeft voor hem te maken met volledige overgave. “Overgave is jezelf totaal vergeten en je niet meer bewust zijn van iets dat je hindert om gelukkig te zijn.” Over dat gevoel schreef hij ooit het lied ‘Misschien vannacht’:

"In elke vrouw – in elke man
Zit een verlangen groot of klein
Om in dit leven als het kan
Eén keer gewichtloos vrij te zijn.

Vrij van verdriet en niet meer bang
Niet meer alleen en los van toen
Omarmd door oeverloos geluk
In staat iets kolossaals te doen."

Paul kent dat gevoel: het is hem een aantal keer overkomen. Soms tijdens het schrijven, een enkele keer tijdens het spelen en zo nu en dan in de natuur. “Ik zat met Lidewij (zijn echtgenote) bij zonsondergang in de Grand Canyon. Het was ademloos stil en we zeiden: ‘Nu is God toch wel echt dichtbij.’ Dat zijn ongelofelijke momenten.”

Mysterie
Hoewel Paul nu al momenten van overgave kent, hoopt hij het ooit blijvend te kunnen. “Ik denk dat ik altijd gehoopt heb dat het mij zou overkomen. Nu begrijp ik dat die passiviteit niets oplevert. Je moet graven in jezelf. Je moet voelen wat er nog meer is in het mysterie van het leven. Als je dat mysterie ontmoet dan denk ik dat die structurele eenzaamheid is opgelost.”

"Mijn vader had een prachtig, kinderlijk geloof"

Of dat mysterie iets met God te maken heeft? Voor die vraag moeten we een paar regels terug in Pauls brief. Daar schrijft hij: “Het zou mij niet verbazen als ik U daarin uiteindelijk zal tegenkomen.” Paul is dan ook niet onbekend met God. Hij groeide op in een hervormd gezin en ging tot zijn achttiende vaak naar de kerk. “Mijn vader had een prachtig, kinderlijk geloof. Het rotsvaste vertrouwen dat hij mijn moeder terug zou zien in de hemel is benijdenswaardig. Dat geloof zou ik ook wel willen verwerven.”

Tegenwoordig is Paul daarom actiever bezig met zijn zoektocht. “Ik lees er meer over en denk er over na. Ik wandel vaak langs de zee. Soms - als ik op een eenzame dag oog in oog met de zee sta - kan ik mijzelf totaal verliezen en vergeten dat ik daar sta. Dat grenst aan overgave.”
 

Tip voor de redactie?

Of heb je een foutje gezien? Mail ons