Icon--npo Icon--twitter Icon--facebook Icon--instagram Icon--mail Icon--search Icon--video Icon--image Icon--audio Icon--EO Icon--whatsapp Icon--linkedin Icon--snapchat Icon--youtube Icon--quote arrow-right Icon--menu Icon--background Icon--backgroundContent Icon--overlayBottom Icon--overlayTop

LEZERSVRAAG | ‘Heeft Jezus wel bestaan?’

4 historische argumenten voor het bestaan van Jezus

Regelmatig komen er op de redactie van EO.nl/geloven vragen van lezers binnen. Schrijver en spreker Reinier Sonneveld probeert deze zoekend te beantwoorden. Onlangs kregen we deze vraag: ‘Hoe weten we zeker dat Jezus heeft bestaan?’

Antwoord van Reinier Sonneveld:

Historische vragen zijn anders dan wiskundige vragen. Als iemand wil weten hoeveel 1 plus 1 is, kun je met honderd procent zekerheid antwoorden dat het 2 is. Bij historische vragen ben je nooit zó zeker. Er is altijd een beetje onduidelijkheid. Maar bij de vraag of Jezus heeft bestaan, zit je wel bij de maximaal haalbare zekerheid.

Een belangrijke aanwijzing daarvoor is al dat er geen serieuze historicus is die daaraan twijfelt. Dat zegt wel iets. Als alle wetenschappers denken dat de aarde rond is, neem je dat ook serieus. Je kunt het zelf misschien niet narekenen, maar je kunt er redelijkerwijs wel vanuit gaan dat ze gelijk hebben. Hun argumenten gaan zo:

  • Er is in de oudheid nooit een tegenstander van het christendom is geweest die Jezus’ bestaan heeft betwijfeld. Nu werden christenen zeer fel aangevallen en van werkelijk alles beschuldigd: incest, kannibalisme, enzovoorts. Als de critici ook maar de geringste aanleiding hadden gehad, hadden ze er zeker op gewezen dat ‘die Jezus van hun’ ook nog eens niet had bestaan – maar dat deden ze dus niet.
     
  • Middenin de 1e eeuw n.Chr. is er een groep mensen die gelooft in deze Jezus en soms zelfs hun leven voor hem geven. Dat zijn mensen die in veel gevallen nog de feiten over zijn bestaan zelf kunnen controleren – door bijvoorbeeld langs Bethlehem of Nazareth te reizen, dat was in veel gevallen maar één of twee dagen reizen – of anderen kennen die het konden weten. Als zij eraan hadden getwijfeld of Jezus überhaupt had bestaan, was hun beweging nooit zo groot geworden.
     
  • In de jaren ’50 (volgens sommigen al eerder) van die 1e eeuw verschijnen de eerste teksten over hem. Paulus’ eerste brief aan de Tessalonica is de oudste passage van het Nieuwe Testament en daarin gaat het al heel vanzelfsprekend over een historische Jezus. Dit is een tijd waarin er nog ruim voldoende ooggetuigen rondwandelen – het is vijftien, twintig jaar na Jezus’ overlijden.
     
  • Er zijn diverse geschriften buiten de Bijbel die Jezus vermelden. Deze zijn niet per se waardevoller dan de Bijbel zelf, omdat elke bron z’n belangen heeft en nooit helemaal neutraal kan zijn. Historische weergave is altijd gekleurd. Maar vergeleken met veel andere grootheden uit de oudheid, zijn de bronnen over Jezus verrassend veelzijdig, oud en precies gekopieerd.

 
Al met al heeft deze overgrote meerderheid (meer dan 99 procent) van de onderzoekers dus erg goede argumenten voor het bestaan van Jezus.


Heb je ook een vraag over God of de Bijbel? Stuur een berichtje naar de redactie van EO Geloven en we leggen 'em voor aan Reinier Sonneveld.

Geschreven door:

Reinier Sonneveld

Theoloog en schrijver

Tip voor de redactie?

Of heb je een foutje gezien? Mail ons