Icon--npo Icon--twitter Icon--facebook Icon--instagram Icon--mail Icon--search Icon--video Icon--image Icon--audio Icon--EO Icon--whatsapp Icon--linkedin Icon--snapchat Icon--youtube Icon--quote arrow-right Icon--menu Icon--background Icon--backgroundContent Icon--overlayBottom Icon--overlayTop

Jongeren: hoe hou je ze bij de kerk?

Jongerenwerker André Maliepaard analyseert twee lijsten met 5 succesfactoren

in Mediatips

Afgelopen week werd in de VS een groot onderzoek gepresenteerd over millennials (18-29 jarigen) en hun betrokkenheid bij een kerk. Een dag later wandel ik net zo’n soort lijstje, dit keer van Corjan Matsinger (Youth for Christ) in zijn nieuwe boek ‘Heilig Vuur’. Ook daar benoemt hij vijf factoren, die jongeren bij de kerk houden. Twee lijstjes van vijf. Boeiend om eens naast elkaar te zetten.

Lijst 1: Succesfactoren volgens Barna Group (B)
B1- Betekenisvolle relaties betrekken jongeren bij de kerk.
B2- Leer jongeren hun cultuur en omgeving te duiden, op een relevante manier vanuit een theologisch kader.
B3- Geef prioriteit aan wederzijds mentorschap tussen jong en oud. Jong leert van oud en oud leert van jong.
B4- Onderwijs jongeren over hun roeping als discipel en hun eigen plek in Gods verhaal, met hun eigen gaven en talenten.
B5- Zorg ervoor dat jongeren een diepe intieme relatie met Jezus kunnen ontwikkelen.
 
Lijst 2: Succesfactoren volgens Corjan Matsinger (C) - Heilig vuur
C1- Ouders geloven en dragen dat uit.
C2- De boodschap sluit aan bij de behoeften van jongeren.
C3- Er zijn leeftijdsgenoten die ook geloven.
C4- Jongeren worden betrokken bij de kerk.
C5- Jongeren hebben rolmodellen binnen de kerk.
 
Wiskundig
Als je het wiskundig gezien kort door de bocht zegt, dan kun je verschillende zaken tegen elkaar wegstrepen. B1 en C1 hebben wat mij betreft dezelfde klank. B2 en C2 zijn ook weg te strepen als je ‘relevantie’ invult als aansluiten bij de cultuur van jongeren.
 
Rolmodellen
B3 en C5 zet ik graag tegenover elkaar. Rolmodellen en mentorschap komen akelig dicht bij elkaar. Al vind ik de klank van 'reverse mentoring' wel interactiever dan rolmodellen, maar dat maakt Corjan in zijn omschrijving meer dan goed: “Je zou ze kunnen zien als procesbegeleiders die goede vragen weten te stellen en jongeren prikkelen en uitdagen om hun eigen unieke relatie met God vorm te geven op een manier die bij hen past”.
 
Hun eigen 'toko'
Dan B4 en C4. In zekere zin hebben ze dezelfde klank. Jongeren betrek je bij de kerk door hun gaven en talenten in te zetten. Toch lijkt Barna Group iets hoger in te zetten door hier niet kerk te noemen, maar ‘Gods verhaal’ en spreekt het boek Heilig Vuur vooral over “jongeren in taken van de kerk betrekken, om ze medeverantwoordelijk te maken voor hun eigen 'toko'”. Hier had de schrijver wat mij betreft nog een stap dieper kunnen gaan.  
 
Verschil
B5 en C3 blijven over en zijn echt fundamenteel anders. Barna Group zegt letterlijk: “Faciliteer de connectie met Jezus”, terwijl Heilig Vuur het lijstje compleet maakt met de aanwezigheid van leeftijdsgenoten. Voor beide valt iets te zeggen, maar het roept bij mij ook vragen op.  
 
Aan de Barna-groepers wil ik vragen: hoe kun je nou een punt op je lijstje zetten, dat het thema is van dat lijstje? Als we wisten hoe we die connectie met Jezus zouden moeten faciliteren, dan hadden we het allang gedaan!
 
Jezus
Aan Corjan zou ik een vraag willen stellen over Jezus. Niet omdat zijn peer-to-peer punt (C3) een slechte is, zeker niet zelfs. Ik mis de persoon Jezus te veel in het lijstje. Persoonlijk gaat het mij niet om of de jongeren bij de kerk blijven, maar of ze in hun leven met Jezus onderweg gaan.


Auteur: André Maliepaard

Tip voor de redactie?

Of heb je een foutje gezien? Mail ons