Icon--npo Icon--twitter Icon--facebook Icon--instagram Icon--mail Icon--search Icon--video Icon--image Icon--audio Icon--EO Icon--whatsapp Icon--linkedin Icon--snapchat Icon--youtube Icon--quote arrow-right Icon--menu Icon--background Icon--backgroundContent Icon--overlayBottom Icon--overlayTop

BLOG | Dag en nacht gemeente zijn

Blog van missionair werker Matthijs Vlaardingerbroek

Het is tien uur ’s avonds wanneer de telefoon gaat. Als ik opneem, hoor ik een fluisterstem. Even aarzel ik verwonderd, dan besef ik dat dit een van onze gemeenteleden is. “Ik ben in het ziekenhuis. Ik kan nu niet hardop praten. Een van mijn buren is plotseling opgenomen. Ik weet niet hoelang het gaat duren, maar zou jij mij kunnen ophalen vannacht? Ik weet anders niet hoe ik in het holst van de nacht kan thuiskomen.” Daar gaat mijn nachtrust. Vanzelfsprekend zeg ik ‘ja’.

Aangewezen op elkaar
Als leiders van een volksgemeente in een achterstandswijk, waar bijna iedereen van in de bijstand zit, zijn wij een van de weinigen met een auto. Deel  zijn van een gemeenschap betekent hier werkelijk zorgdragen voor elkaar. Bijna iedereen woont in een straal van een vijfhonderd meter van elkaar. Omdat mensen zo weinig hebben, sommigen leven van hun huursubsidie, ben je op elkaar aangewezen. Geld voor een taxi midden in de nacht is er dan al helemaal niet bij. Samen gemeente zijn betekent voor mij dus om drie of vier uur vannacht ruw gewekt worden om iemand van het ziekenhuis te halen.

Minder enthousiast
Mijn tienerkinderen zijn minder enthousiast. “Pa, je weet dat we drie huistelefoons hebben die alle drie tegelijkertijd rinkelen. Lief van je dat je dit aanbiedt, maar zorg er dan wel voor dat alle telefoons op je slaapkamer liggen. Anders worden we allemaal wakker.” Zo lig ik die nacht met drie huistelefoons naast mijn kussen, wachtend op een orkest van rinkelende bellen in de stilte van de nacht.

Net op tijd
Als ik ’s morgens uitgerust wakker word, liggen ze nog steeds stil te wachten. Ik kan er onmogelijk  doorheen geslapen zijn. Maar wat er dan wel gebeurd is? Ik sta op het punt om die persoon om acht uur ’s morgens te bellen om te vragen hoe het gegaan is. Met de telefoon in mijn hand besef ik gelukkig net op tijd dat hij vannacht waarschijnlijk een heel kort nachtje achter de rug heeft. Ik onderdruk mijn nieuwsgierigheid en wacht tot na de lunch. Volgens mij is dat beter voor  onze gemeenschap!

Geschreven door:

Matthijs Vlaardingerbroek

Verhalenverteller en spreker

Tip voor de redactie?

Of heb je een foutje gezien? Mail ons

Meer over