Icon--npo Icon--twitter Icon--facebook Icon--instagram Icon--mail Icon--search Icon--video Icon--image Icon--audio Icon--EO Icon--whatsapp Icon--linkedin Icon--snapchat Icon--youtube Icon--quote arrow-right Icon--menu clock Icon--background Icon--backgroundContent Icon--overlayBottom Icon--overlayTop

'Ik ben soms jaloers op protestanten'

in Geloven

Krimp, misbruikschandalen en financiële perikelen: de laatste jaren zijn niet de gemakkelijkste in het 25-jarige ambt van bisschop Gerard de Korte. "Het is in deze tijd niet altijd eenvoudig om mijn wapenspreuk – vertrouwen op Christus – waar te maken."

Hij wilde geschiedenisleraar worden, en die leraarstrekken heeft bisschop De Korte (57) nog steeds. Hij spreekt in rustige, doordachte zinnen. Maar van geschiedenis doceren is het nooit gekomen. "Ik ben het wel gaan studeren, maar tijdens mijn studie liep ik tegen grote levensvragen aan: wat is de zin van geschiedenis, en van mijn leven? Als er een God is, waarom is er dan lijden? Ik ging in de Bijbel op zoek naar antwoorden, met name in het Evangelie en in de brieven van Paulus. Daar ontdekte ik dat het in het christelijk geloof niet allereerst gaat om waarden en normen, maar om een relatie; om de ontmoeting met Christus."

Jaloers

Met zijn geloof groeide het verlangen om priester te worden. In 1980 begon hij daarom aan een studie theologie. "Toen ik net begon, kreeg mijn zus haar eerste kind, mijn petekind. Dat was confronterend. Als ik deze weg zou gaan, zou ik nooit vader worden. Ik wil het geen crisis noemen, maar het maakte wel diepe indruk."

Was u jaloers op uw zus?
"Nee, niet jaloers. Het gezin van mijn zus heeft me juist geholpen in mijn bestaan als priester. Iemand die celibatair leeft, heeft een raar leven: je kiest ervoor om geen vrouw en kinderen te krijgen. Dan is het heel aardig als je met gezinnen kunt meeleven. De gesprekken die ik met mijn nichtjes – nu twintigers en dertigers – heb en had, verrijken me. Ik deel in hun vreugde en verdriet."
 

Sprakeloos

In 1987 werd hij ingewijd als priester van de Utrechtse kathedraal. "Ik zat daar echt op mijn plek – het was een bevestiging van mijn keuze voor theologie. Ik wilde leraar worden, en dat is me gelukt; in de catechese en de prediking kon ik die passie kwijt. De dogmatiek, de inhoud van het geloof, heeft me altijd geboeid. Mijn grootste zorg voor de katholieke kerk ligt dan ook daar: veel katholieken zijn nauwelijks in staat hun geloof te verwoorden. Ik noem dat 'de sprakeloosheid van de kerk'. Die zorg loopt als een rode draad door mijn leven."
Als het daar om gaat, kan de bisschop jaloers zijn op protestanten. "Het gras van de buren lijkt natuurlijk altijd groener, dus misschien zit ik ernaast, maar ik heb het idee dat er in de protestantse traditie veel meer kennis is. Daar kent men het zelfstandig bijbellezen, de sterke catechesetraditie. Terwijl het katholicisme veel meer een geloof is van riten; het wordt doorgegeven door het bidden van de rozenkrans, de kerkgang, het lopen van een processie."

Voelt u zich als katholiek verbonden met de protestanten?
"Ja, heel diep. Ik vind de wereld van de reformatie heel erg boeiend, eigenlijk al zolang ik me kan herinneren. De liefde die ik er voor de Heilige Schrift en Christus vind, raakt me diep. Maar er zijn ook kanten van de protestantse traditie waar ik vragen bij stel. Ik mis een sterk kerkbesef. Ik kan er niet bij dat je breekt met de kerk als je het ergens niet mee eens bent. Of kerkplanten, wat is dat voor wonderlijk begrip? Dat kan toch helemaal niet? Ik hoor bij de wereldwijde, aloude Kerk; daar heb ik mijn geloof gekregen. Geloven doe je persoonlijk, maar nooit individueel.
Dat geldt ook voor de plek die sacramenten krijgen. De reformatie is wel érg van het woord; ik denk dat de gemiddelde protestant te weinig de rijkdom van het Avondmaal beleeft. Vier keer per jaar eucharistie vieren, dat kan ik me niet voorstellen. Zo hoop ik dat we van elkaar kunnen blijven leren."

Paniekaanval

De eucharistie heeft een vaste plaats in het leven van de bisschop. Iedere ochtend viert hij het met een aantal gelovigen. "Natuurlijk is dat niet iedere dag even bijzonder. We leven in een echte emo-cultuur, waarin je alles moet voelen. Maar dat hoef ik helemaal niet. Ik lees in de Schrift en vier de eucharistie, waarin Christus' offer centraal wordt gesteld. Dat wéét ik altijd, en soms beleef ik dat intens."
Eucharistie en getijdengebed – het dagelijks bidden van de psalmen – zijn de steunpilaren van het geloof van de bisschop. "Ik heb weinig écht crises gehad. Alleen rond mijn benoeming als hulpbisschop in 2001 had ik het moeilijk."
Kort na die benoeming sloeg de twijfel bij De Korte toe. "Het was bijna een paniekaanval. Ik werd boos, omdat mij dit aangedaan werd. Boos en bang. Ik zat toch op mijn plek, als priester? Kon ik die verantwoordelijkheid wel aan? Als Jeremia bad ik: 'Heer, wat doet U me aan?' In die vragen kwam ik terecht bij een heel wijze priester, die me wees op de spreuk die ik bij mijn bisschopswapen had gekozen: 'In vertrouwen op Christus'. Hij zei: 'Als jij je gelovigen dat vertrouwen wilt voorhouden, leef dat dan ook zelf.' Hij heeft alle teksten over vertrouwen in het Nieuwe Testament voor me op een rij gezet – dat blijken er nogal wat te zijn – en mij die gegeven. Zo kreeg ik de rust en het vertrouwen in Christus terug."

Nachtmerries

"Mijn eerste tijd als hulpbisschop was spannend. Alleen al zoiets als met een mijter en een staf lopen; daar kun je nachtmerries van krijgen. Toen ik voor het eerst zo liep, spookte het door mijn hoofd: 'Wat doe ik met dat gekke ding op mijn hoofd?'"
Eenmaal aan de slag, paste de figuurlijke bisschopsmantel hem steeds beter. "Vooral toen mensen zeiden dat ik het goed deed, groeide het vertrouwen. Ik heb, net als iedereen, bevestiging nodig."

Hoe beleeft u deze tijd, waarin de katholieke kerk zo onder vuur ligt?
"Deze jaren zijn niet de gemakkelijkste; misschien wel de moeilijkste uit mijn ambtstijd. Het seksueel misbruik raakt mij diep. Daarnaast gaat de financiële crisis niet aan ons voorbij. Ook hier in huis heb ik mensen moeten ontslaan. Dat is een uitermate vervelende ervaring, die je niet in de koude kleren gaat zitten. Maar gelukkig zijn er genoeg mooie dingen waaruit ik vreugde put: een goed gesprek met een pastoor die klem zit, een viering die me oplaadt, een catechese-avond. Ik heb hier vanavond weer vormelingen in huis, dat kunnen onverwacht boeiende gesprekken worden."
 

Krimpmanager

De Korte is nu 57, en kan – bij leven en gezondheid – nog 18 jaar bisschop blijven. Geen vooruitzicht dat hem direct verblijdt, daar is hij nuchter over. “Ik ben nu nog gezond, maar het is een zwaar beroep; ik moet veel reizen en draag een grote verantwoordelijkheid. Bovendien: als ik de sociologische gegevens serieus neem, ziet het ernaar uit dat ik als bisschop krimpmanager zal blijven. In Nederland sluiten jaarlijks honderden kerken hun deuren, en ook in mijn bisdom moeten kerken worden gesloten. Dat doet pijn en kan demotiveren. Aan de andere kant streef ik naar een missionaire kerk, die aantrekkelijk is. Ik ben geroepen om mensen te motiveren, te bemoedigen en te enthousiasmeren.
Die twee kanten lijken lastig te verenigen. Je moet de pijn heel serieus nemen; het is in deze tijd niet altijd makkelijk om mijn wapenspreuk waar te maken. Toch is het waar: ik ben niet afhankelijk van sociologen, maar van Hem. Uiteindelijk komt het voor mij maar op één ding aan: vreugde beleven in de vriendschap met Christus."

Tekst: Pieter-Jan Rodenburg

Beeld: Ruben Timman

Bisschop De Korte

Gerard Johannes Nicolaas de Korte werd in 1955 geboren in een katholiek gezin in Vianen. Hij was onder andere rector van de priesteropleiding in Utrecht, deken van Salland en hulpbisschop van Utrecht. Paus Johannes Paulus II benoemde De Korte in 2008 tot bisschop van Groningen-Leeuwarden.
De Korte staat bekend als een pleitbezorger voor oecumene; hij voelt zich verbonden met protestanten en orthodoxen. Dit jaar viert hij zijn 25-jarig ambtsjubileum, en naar aanleiding daarvan kwam het boek ‘Hartelijk katholiek’ (uitgeverij Kok) uit, een bundeling van zijn lezingen, columns en artikelen.
 

Tip voor de redactie?

Of heb je een foutje gezien? Mail ons

Lees ook

Waarom is God niet oneindig grappig?

Waarom is God niet oneindig grappig?

‘God geeft reden tot een gelukzalige ironie’

Marinus de Jong

‘Een verdeeld christendom maakt God ongeloofwaardig’

‘Een verdeeld christendom maakt God ongeloofwaardig’

‘Juist die eenheid is voor de geloofwaardigheid essentieel’

Marinus de Jong

Is geloven in God goed voor je?

Is geloven in God goed voor je?

Of kun je geloof maar het beste zo snel mogelijk achter je laten?

Marinus de Jong

Annemarie wordt langzaam blind

‘Ik weet niet goed of mijn ziekte een doornenkroon of een lauwerkrans is’