Icon--npo Icon--twitter Icon--facebook Icon--instagram Icon--mail Icon--search Icon--video Icon--image Icon--audio Icon--EO Icon--whatsapp Icon--linkedin Icon--snapchat Icon--youtube Icon--quote arrow-right Icon--menu Icon--background Icon--backgroundContent Icon--overlayBottom Icon--overlayTop

Lang leve de kerk!

in Geloven

Wat maakt een kerk een goede kerk? En heeft de kerk wel toekomst? Over dit onderwerp zijn ontelbaar veel meningen. Visie legde vijf stellingen voor aan ‘kenners’, op zoek naar de kern van kerk-zijn.

Hoe traditioneler een kerk, hoe minder relevant.

Matthijs Vlaardingerbroek (kerkstichter en spreker): “Dat is natuurlijk niet waar. Volgens mij kun je geen lijn trekken tussen de relevantie van de kerk en hoe traditioneel ze zijn. Allereerst moet een kerk nadenken over wat voor kerk ze zijn. Waarom zouden gemeenteleden naar ons toekomen?
Daarnaast is de vraag: welke belofte maakt een gemeente aan haar gemeenteleden? Dat kan zijn dat een gemeente mensen met hun gaven en talenten aan de slag wil laten gaan. Of dat mensen er fouten mogen maken. Een kerk die daar goed over heeft nagedacht, is relevant. Dat heeft niets te maken met traditioneel of niet.”
Stefan Paas (theoloog en universitair docent): “Om relevant te zijn, moet een kerk een ander verhaal hebben dan de wereld. Wat dat betreft kan een kerk niet traditioneel genoeg zijn: we moeten het geloof belijden zoals dat eeuwenlang beleden is.
Het is een ander verhaal hoe je die boodschap vormgeeft. Dat moet je zó doen, dat men begrijpt waarover je het hebt. Daar kun je het taalgebruik en de muziekstijlen van vandaag voor gebruiken. Mijn uitgangspunt is: een traditionele boodschap in hedendaagse vormen. Al zijn er ook christenen die in een heel traditionele kerk zitten, en die als uiterst relevant ervaren.”

Iedere grote gemeente zou minstens één dochterkerk moeten stichten.

Hilde Graafland (PKN-predikante in Veenendaal): “In mijn gemeente is dat lastig, omdat we gewoon zélf kleiner worden, en daarin zijn we geen uitzondering. We bouwen wel aan de groei van de Kerk, want er komen verschillende theologen uit onze gemeente. Maar een nieuwe gemeente stichten, is iets anders. We zijn veel meer bezig met de vraag: hoe blijven wij als gemeente gelovig staande, zonder negatief en teleurgesteld te raken van de krimp die plaatsvindt? Deze stelling is daarom te kort door de bocht.”
Stefan Paas: “Ja, kerken moeten dochtergemeentes stichten, maar dan wel op pioniersplekken. Ga als gemeente alsjeblieft op zoek naar een groep mensen die nog niet bereikt wordt. Je ziet dat nieuwe gemeentes vaak in Apeldoorn, Amersfoort of Barneveld worden gesticht. Daar zijn al zoveel kerken! Houd daar eens op, ga aan het werk in Brabant, Limburg, Groningen of de Zaanstreek. Iedere gemeente moet missionair zijn in eigen land, op nieuwe plekken.”

Het gaat niet om wat de kerk voor jou betekent, maar wat jij voor de kerk kan betekenen.

Jos Douma (gereformeerd-vrijgemaakt voorganger en schrijver): “Ik vind dit niet zo’n goede stelling. Het uitgangspunt van de stelling is: de één moet iets voor de ander betekenen. Volgens mij gaat het in de kerk juist om wederkerigheid: het komt van twee kanten. Als mensen passief alles van de kerk verwachten, gaat het niet goed, maar als jij alleen aan het geven bent ook niet. De kerk gebeurt pas echt als mensen die zich met Christus verbonden hebben zich kwetsbaar voor elkaar openstellen.”
Hilde Graafland: “Deze stelling klinkt wel erg activistisch en optimistisch. Het eerste waar ik dan aan denk, is: ‘Als de Heer het huis niet bouwt, vergeefs zwoegen de bouwers’ (Psalm 127:1, red.). Ik denk wél dat het mensen helpt als ze zich inzetten in de kerk. Dan denken ze actiever over het geloof na. In onze gemeente streven we ernaar mensen te betrekken bij het gemeentewerk, omdat dat vruchtbaar is voor de kerkganger zelf. Bij de hedendaagse mens werkt het niet als er geen betrokkenheid is bij kerkenwerk of een bijbelkring en ze alleen zondags naar de kerk gaan.”

Over veertig jaar sluit de laatste traditionele kerk haar deuren.

Nynke Dijkstra (gemeenteadviseur binnen de PKN): “Ik geloof niets van deze stelling. Ik denk dat de kerk er misschien heel anders uit gaat zien, wellicht wat minder traditioneel of met een andere vorm van traditie, maar er zullen nog wel kerken zijn zoals we die nu kennen. De vorm die de kerk nu heeft, is gewoon sterk. Er zijn nog zo ongelooflijk veel ‘traditionele’ kerken, dat is in veertig jaar echt niet voorbij. We kijken vaak teveel naar de grote steden in het westen, waar kerksluiting aan de orde van de dag is, maar in andere gebieden van het land zijn heel veel vitale, levende gemeenschappen.”
Jos Douma: “Daar geloof ik niet zoveel van. Als ik denk aan de traditionele kerk met zondags een dienst en doordeweeks verenigingsleven, denk ik dat er over veertig jaar nog steeds mensen zijn die zich daar thuis voelen. Het draait in de kerk om de vraag ‘hoe kunnen we Jezus volgen?’, en dat kan uitstekend binnen de traditionele kerkvormen. Daarbij is het wel belangrijk om samen te herontdekken wat het volgen van Jezus vandaag betekent. Meebewegen en leren van nieuwe kerkvormen is noodzakelijk.”

In de kerk draait het om de ontmoeting met God. Ontmoeting met anderen is minder belangrijk.

Nynke Dijkstra: “Oneens, al was het alleen omdat mensen zélf aangeven dat ze vooral voor de gemeenschap komen. Dat is de feitelijke kant van de zaak. Principieel denk ik dat het om beide gaat. Ze zijn niet los verkrijgbaar. Het grote gebod is niet voor niets één gebod: heb God lief boven alles, en je naaste als jezelf. Je moet wel oppassen dat de ontmoeting met elkaar niet in plaats van die met God komt. Soms vraag ik me af: zijn we nog wel in staat om met elkaar van gedachten te wisselen over de ontmoeting met God?”
Matthijs Vlaardingerbroek: “Deze stelling is onzin. Als je een kerk gaat verkleinen tot de kern, kom je uit bij drie woorden: aanbidding, missie en gemeenschap. Binnen de kerk vertalen we de ontmoeting met God vaak met aanbidding, maar deze ontmoeting met God vindt ook plaats binnen de gemeenschap met elkaar en binnen de missie naar niet-gelovigen. Je kunt een ontmoeting met God dus niet loskoppelen van de ontmoeting met elkaar of het ontmoeten van de ander buiten de kerk.”

Tekst: Pieter-Jan Rodenburg
Beeld: Dokus

Tip voor de redactie?

Of heb je een foutje gezien? Mail ons

Meer over