Icon--npo Icon--twitter Icon--facebook Icon--instagram Icon--mail Icon--search Icon--video Icon--image Icon--audio Icon--EO Icon--whatsapp Icon--linkedin Icon--snapchat Icon--youtube Icon--quote arrow-right Icon--menu Icon--background Icon--backgroundContent Icon--overlayBottom Icon--overlayTop

Wonderen in een weerbarstige werkelijkheid

in Geloven

Terwijl ze samen met haar man aan het boekje 'Ruimte voor het wonder' werkte, overleed hij aan een slopende ziekte: ondanks ziekenzalving en vurige gebeden om genezing. Nelly van Kampen, PKN-predikante in Pijnacker, is sinds weduwe van voormalig EO-programmamaker, publicist en voorganger Pieter van Kampen.

Vanaf hun huwelijk in 2002 heeft Nelly van Kampen (51) zeven mooie jaren met Pieter in de ruime pastorie van Pijnacker doorgebracht. “Het begon met een hardnekkig kuchje, dat maar niet overging,” vertelt ze. “Het duurde een maand of vier voordat eind februari 2008 duidelijk werd dat hij – zelf vurig antiroker – longkanker had.”

Olijfolie

Een verpletterende en nog altijd onbegrijpelijke diagnose. Binnen een jaar zou hij overlijden, verzekerden specialisten. Maar hij leefde langer dan zij voor mogelijk hielden en stierf vorig jaar december op 63-jarige leeftijd. “Toen we de diagnose hoorden, was het eerste wat Pieter zei: ‘We richten ons op God en gaan ziekenzalving aanvragen.’ Het is een Bijbelse gave van God, waarmee je je op Hem mag richten, in de verwachting dat Hij er iets mee doet.”

In Jakobus 5 staat – heel ‘absoluut’, zo lijkt het – dat het gelovig gebed de zieke zál oprichten. Maar uw man overleed.
“Oprichten kan twee dingen betekenen. Het kan oprichten aan deze kant van de eeuwigheid betekenen, maar ook vernieuwen, oprichten ‘aan gene zijde van de tijd’. Die ruimte moet je aan God laten. Dat hebben Pieter en ik gedaan. God kan genezing geven; daar hebben we echt om gebeden en op gehoopt. En Hij kan verlenging geven; dat hebben we ontvangen. Én Hij kan stervensgenade schenken om de weg te gaan die Hij wijst. Want we wisten: ook als het sterven wordt, is het geen ellendige ziekte die je sloopt, maar dan is het Gods weg met jou. Dat maakt wat betreft beleving een heel groot verschil!”

Paaskaars

Een week na de diagnose vond de ziekenzalving plaats. “Pieter lag op de bank in de woonkamer, met z’n gezicht naar de honderd gulden prent van Rembrandt aan de muur: Jezus Die de zieken geneest. We hadden de paaskaars aangestoken, als symbool van Christus’ overwinning op de dood. Na een korte liturgie zalfde een bevriende predikant hem met olijfolie. Enkele collega’s met hun vrouwen waren erbij, de kinderen (Pieter had vier kinderen uit een eerder huwelijk, red.) en drie van onze beste vrienden. Pieter zei altijd: ‘Nu ligt het bij God en het is aan Hem wat Hij ermee doet.’ We hebben nooit gezegd: ‘God zál genezen!’ Met ‘claimen’, zoals in bepaalde kringen gebeurt, had Pieter niets. Wel zei hij: ‘Ik geloof oprecht dat God kan genezen.’ We waren in die tijd al volop met ons boekje over wonderen bezig, en kenden veel verhalen van mensen die op een wonderlijke manier genezing vonden op het gebed. Dus je hoopt genezing te ontvangen. Daar hebben we ons samen naar uitgestrekt. Pieter wilde heel graag leven, ook omdat we vergevorderde plannen hadden om samen de zending in te gaan. We waren zelfs al aangenomen door een zendingsorganisatie. Dus het was in elk opzicht een enorme klap toen we die diagnose hoorden.”

Buiten adem

Afgezien van dat kuchje leek er vooralsnog geen vuiltje aan de lucht: de dag na de ziekenzalving ging hij – zoals gebruikelijk – weer vol overgave aan het werk. “Pieter fietste nog naar Vlaardingen en terug, waar hij deeltijd voorganger was van de Nederlands-gereformeerde kerk. Alles ging gewoon prima.”
Dat bleef lange tijd zo. In 2009, toen hij al ruim een jaar ziek was, zijn ze samen zelfs zes weken naar India en het Midden-Oosten gegaan. “Een gewéldige tijd! Je merkte niet dat er wat was. In maart hebben we heel uitbundig zijn 63e verjaardag gevierd; hij had gedacht die niet meer te zullen beleven.”
Eind april merkte hij opeens dat hij buiten adem raakte. “Op Tweede Paasdag, half april, hebben we nog twaalf kilometer gewandeld. Een week later moest hij een kwartier bijkomen als hij bij de bakker om de hoek was geweest. De maand daarop zei de longarts: ‘U hebt een zuurstofapparaat nodig.’ Vanaf dat moment was hij aan huis gebonden, en kon hij alleen de deur uit – met zuurstoffles – als ik ook ging. Toen was hij écht ziek en ging hij snel achteruit.”

Kale winter

Op zondag 6 december 2009 overleed Pieter. Vier dagen later werd hij begraven. “Daarna heb ik bewust niet gewerkt; vanaf januari zou ik tot medio februari studieverlof hebben. Sinds 2004 waren we al bezig met het thema wonderen. In dat jaar reisden we voor het eerst samen naar India, waar we allerlei christenen ontmoetten voor wie tekenen en wonderen helemaal niet iets uit een ver verleden waren. Dat zette ons aan het denken. Mede op basis van interviews die Pieter heeft opgenomen, heb ik het boekje tijdens mijn studieverlof in Sri Lanka voltooid. Ik had geen zin in zo’n donkere, kale winter in een pastorie, en in een Pijnacker zonder Pieter.”
Ruimte voor het wonder benadrukt dat we in Nederland over het algemeen veel te weinig verwachten van God als het gaat om wonderen, dromen en visioenen anno nu. “Zeker in de traditionele kerken, waartoe ikzelf ook behoor, hebben we inderdaad te weinig verwachting van God,” licht Nelly toe. “Als orthodoxe christenen geloven we dat er wonderen gebeurd zijn, maar het blijft allemaal iets van 2000 jaar geleden. Dat tekenen en wonderen Gods Woord zullen blijven volgen, zoals het slot van Markus bijvoorbeeld zegt, vinden we lastig. In ons boekje besteden we daarom vrij veel aandacht aan het boek Handelingen. Voor christenen in het Zuiden staan de wonderen en tekenen, dromen en visioenen die daarin voorkomen veel dichter bij hun dagelijkse geloofspraktijk dan bij ons. Daarom wilden we de Bijbelse gegevens onderzoeken, gelardeerd met verhalen van niet-westerse christenen. Van hen kunnen we leren dat we meer open moeten zijn voor wonderen, vooral daar waar het leven moeilijk is en waar de kerk lijdt.”

Welvaartsevangelie
Christenen in het Westen hebben volgens Pieter en Nelly van Kampen een flinke tik meegekregen van de Verlichting, die het menselijke denkvermogen op de troon zette en wonderen naar de fabeltjeskrant verwees. “En we hebben een tik gekregen van het welvaartsevangelie,” vult ze aan, “in die zin dat we vinden dat alles goed moet gaan. Zo niet, dan roepen we God direct ter verantwoording. Bij christenen in het Zuiden spelen waaromvragen, waar wij altijd direct mee op de proppen komen, niet of veel minder. Wij problematiseren God. Natuurlijk, we leven in een complexe werkelijkheid en je krijgt niet op alle vragen antwoord. Ik heb geen idee waarom Pieter, ondanks ziekenzalving en gebeden, niet genas. Toch geloof ik dat je, in alles wat je overkomt, in Gods hand bent en geen speelbal van duistere machten. Al zijn die machten van ziekte er, en ervaar je die als duister, je laat je er niet door overheersen. Want Christus heeft overwonnen. Maar wel aan het kruis. Dat kruis staat ook in óns leven. In Handelingen en in de brieven zie je dat de gemeente zowel met wonderen als met lijden te maken heeft. Daarom geloof ik dat je ver uit de buurt moet blijven van het welvaartsevangelie, dat in Nederland en daarbuiten populair is. Kunnen wij nog omgaan met gebrokenheid, of is genezing de slagroom op onze welvaartscake?”
 

Voleinding

Ze wijst op de omslag van Ruimte voor het wonder. Die laat een rotspartij zien, waarin – van bovenaf – een heldere lichtstraal valt. “We leven in een ruwe werkelijkheid, waaraan je je kunt schuren. Maar vanaf Christus’ kruis valt daar een plek van licht in. Daarom mag je blijven hopen, ook op genezing. Hij kan genezen, maar doet dat niet bij iedereen. Die ruimte moet je aan Hem laten, al is dat moeilijk. De tekenen die Hij geeft, zijn ‘slechts’ tekenen te midden van een wereld waarin lijden en ziekte geen gepasseerde stations zijn.”

U preekt al jarenlang over het kruis en de opstanding van Christus, de verwachting van de opstanding van het lichaam. Komen die thema’s door het overlijden van uw man in een ander licht te staan?
“Pieter zei zelf – toen hij net ziek was – vaak: ‘Ik heb aan heel veel ziekbedden gezeten en als wat ik daar gezegd heb waar is, is het ook nu voor mij waar. En als het nu voor mij niet waar is, had ik het toen niet mogen zeggen.’ Dat zeg ik hem na. Ik weet, beter en dieper dan anders, dat het waar is.”
 

Zwerfkei

Op zijn eenvoudige graf, bij de dorpskerk in Pijnacker, ligt een zwerfkei met alleen de naam Pieter van Kampen en het woord Waiting (‘wachtend’) erop. “Dat wilde hij zo, om zijn verlangen naar de voleinding uit te drukken.”

De vraag of er herkenning is in het hiernamaals duikt vaak op. Verwacht u dat u uw man na dit leven zult herkennen?
“Absoluut! Mensen zijn geen wegwerpartikelen. Als God onze namen in Zijn handpalm schrijft en onze identiteit bij Hem bewaard is, kán het niet zo zijn dat we later volkomen vreemdelingen voor elkaar zullen zijn. Als God nu op aarde gemeenschap zo belangrijk vindt, is het toch een rare veronderstelling dat dit er straks helemaal niet meer toe doet? Natúúrlijk zullen relaties anders zijn en het zal om Christus gaan. Maar de intimiteit, herkenning en de vreugde om elkaar weer te zien, zal alleen maar groter zijn dan wij ons kunnen voorstellen.”

Jullie droomden ervan samen naar het zendingsveld te gaan. Trekt het zendingswerk soms nog?
“Ja, toevallig heb ik juist vorige week opnieuw een gesprek gehad met de zendingsorganisatie waarmee we drie jaar geleden contact hadden. We zijn op zoek naar een geschikte plek. Misschien, als de Heer de weg ervoor opent, zal ik opnieuw naar Indonesië gaan, het land waar ik twintig jaar geleden missionair werk heb gedaan. Of anders naar een ander land in Zuidoost-Azië. Ik merk dat ik er nu aan toe ben. Het is een jaar geleden dat Pieter overleed en wat we samen van plan waren, wil ik graag voortzetten. Ik kan hem niet vasthouden door hier te blijven wonen. Ik mag verder gaan op een weg die we ooit samen zijn ingeslagen.”

Mede n.a.v. ‘Ruimte voor het wonder. Over wonderen hier en ver weg’, Pieter en Nelly van Kampen, Boekencentrum, 112 blz., € 12,50, ISBN 9789023925361.

Tekst: Gert-Jan Schaap
Beeld: Gert-Jan van der Tuuk

Tip voor de redactie?

Of heb je een foutje gezien? Mail ons