Icon--npo Icon--twitter Icon--facebook Icon--instagram Icon--mail Icon--search Icon--video Icon--image Icon--audio Icon--EO Icon--whatsapp Icon--linkedin Icon--snapchat Icon--youtube Icon--quote arrow-right Icon--menu Icon--background Icon--backgroundContent Icon--overlayBottom Icon--overlayTop

‘Een goed voornemen in vertrouwen op God gemaakt, slaagt’

in Geloven

Stoppen met roken, tien kilo afvallen, iedere dag de goudvis voeren: een nieuw jaar betekent goede voornemens. Voor christenen geen probleem, toch? In Psalm 1 staat niet voor niets over de rechtvaardige: ‘Al wat hij doet, zal goed gelukken.’ Of ligt het anders?

Oneens

“Ik zeg er ‘nee’ op. Ik vind het té optimistisch.” Dominee Wim Hulsman, PKN-predikant in Genemuiden, vindt dat je jezelf niet moet overschatten. “Je kunt je wel voornemen nooit meer boos te worden, maar er zal iets op je pad komen waar je boos om wordt. Er zijn nu eenmaal tegenkrachten. Je kunt er drie onderscheiden: de duivel, de wereld en ons eigen vlees. De duivel probeert je altijd op het verkeerde spoor te brengen. En de wereld die je omringt, zal je ongetwijfeld iets laten tegenkomen waar je hevig door geagiteerd raakt. Zelf ben je bovendien zwak en zondig, ook als christen. Er kan van alles in je opkomen wat je de verkeerde kant op duwt.”
Hulsman vindt het hebben van goede voornemens wel een goede zaak. “Dat je kunt falen, is geen reden om er maar helemaal niet aan te beginnen. Het is toch ons doel om steeds meer op Christus te lijken, en dat gaat met vallen en opstaan. Er moeten dan ook telkens weer goede voornemens zijn. Gelukkig mag je met wat er verkeerd ging, altijd bij Christus komen.”

Uiteindelijk pleit de dominee ervoor om niet naar jezelf, maar naar God te kijken. “Je kunt het beste bij God beginnen, bij wat Hij belooft. In Ezechiël 36 staat: ‘Ik zal maken, dat gij in Mijn inzettingen zult wandelen, en Mijn rechten zult bewaren en doen’ (SV, red.) Kijk, dan is het God Die het doet. Je moet het verwachten van Hem, en niet van jezelf.”

Broekriem
De stelling is in ieder geval te simplistisch, vindt Jef de Vriese, directeur van het Belgisch Centrum voor Pastorale Counseling. Niet alles wat je onderneemt, laat God slagen. “Voordat je hiermee aan de slag gaat, moet je in ieder geval onderscheiden wat goed, wat vertrouwen en wat slagen is. Je kunt niet zeggen: alles wat ik in vertrouwen op God onderneem, slaagt. Ik heb in mijn praktijk talloze mensen die zich afvragen waarom God hen niet steunde. Ze waren toch in vertrouwen op God bezig?”
Om maar bij het eerste te beginnen: wat wij goed vinden, is dat volgens God niet altijd. “De Duitsers hadden tijdens de oorlog ook ‘God met ons’ op hun broekriem staan.”

Dan het vertrouwen op God. Voor De Vriese zelf was de betekenis van vertrouwen een pittige les. “Ik was met allerlei dingen bezig die in principe goed zijn en dacht dat ik dit in vertrouwen op God deed. Toen las ik in 2 Korintiërs 2 hoe Paulus zijn werk doet: zonder dubbele bodem en in de tegenwoordigheid van God. Dat laatste raakte mij: uiteindelijk gaat het om de relatie met God. Ik deed allerlei goede dingen, omdat ík dacht dat ze goed waren. Maar een goed voornemen moet in de intimiteit met God geboren worden.”

Ook bij het woord ‘slagen’ zet hij een kanttekening. “Het risico is dat we rechtlijnig denken: God gaat verder met wat wij ondernemen. Maar uiteindelijk gaat het erom wat God wil. Het betekent in ieder geval niet: Hij maakt mij gelukkig, rijk en welvarend. Hij is gespecialiseerd in het overwinnen van zonden; dat is de vaste uitwerking van Zijn plan met jou. Eigenlijk is het criterium van slagen: ga ik meer of minder op Christus lijken? Als je verbondenheid met God groeit, groeit het karakter van Christus in jou.”

Eens

Willem de Vink is het eens met de stelling, maar vindt het wel een spannende. De schrijver, spreker en illustrator, betrokken bij het leiderschap van de Jong en Vrij-gemeentes, zegt: “Ik geloof niet in het idee dat het niet uitmaakt wat ik doe, omdat God het toch wel zegent. Bij deze stelling is vertrouwen het sleutelwoord; dat betekent dat je begrijpt hoe God over je denkt. Je moet dus over deze stelling denken vanuit een relatie met Hem. Dan weet je dat God jouw Vader is, en jij Zijn geliefde kind. Zodra je het leven met God binnenstapt, krijg je op grond van het volmaakt volbrachte werk van Jezus, in plaats van een 1 een 10. Voor God ben je al bij voorbaat geslaagd.”
Volgens Willem gaat het dus eerst om je status, daaruit volgt de praktijk. “God geeft jou Zijn Geest. Hij zegt: ‘Nu gaan we jouw status uitwerken in alles wat je doet. Ik help jou om te zijn als Jezus.’ Dus eigenlijk draaien we de stelling om: God heeft een voornemen en Hij gaat jou helpen om te slagen.”
Volgens Willem betekent dit wel degelijk dat God je voornemens steunt. “Dat kun je in de Bijbel vinden, bijvoorbeeld in Marcus 11. Daar zegt Jezus: ‘Alles waarom jullie bidden en vragen, geloof dat je het al ontvangen hebt, en je zult het krijgen.’ Dus als je bidt: ‘Heer, ik wil op Jezus lijken,’ of je hebt in een situatie de kracht of het doorzettingsvermogen van Jezus nodig, dan héb je dat ontvangen. Hij wil hetzelfde wat jij wilt, namelijk dat je op Jezus lijkt.”

Maar wat betekent dat voor de praktijk? “God scheidt niet het geestelijke van het praktische. Als je bijvoorbeeld bidt om wijs met je collega om te gaan, mag je geloven dat je dat ook hebt ontvangen. In dat vertrouwen kun je rustig zeggen: ‘Heer, U laat alle dingen meewerken ten goede.’ Zoals Paulus zegt: in Jezus zijn alle beloften ja en amen. Dat is pas écht voorspoed, want de Bijbel staat gigantisch vol met beloftes.”

Anderhalf jaar
Ook voor gemeentelid Peter Janssen gaat de stelling op. Hij merkte in zijn leven dat, naarmate het vertrouwen op God groeide, ook zijn voornemens beter slaagden. “Ik heb bijvoorbeeld geprobeerd te stoppen met roken. Dat is me jaren niet gelukt, tot ik het aan God overgaf. Dat klinkt vaag, maar het werkte wel. Ik ben nu al anderhalf jaar gestopt; puur omdat ik het niet meer in eigen kracht, maar in Gods kracht probeerde.”
Hij raadt mensen dan ook vooral aan om zich niet te richten op eigen pogingen, maar op God. “Dan leer je Zijn wil kennen. Uiteindelijk ben jij het niet die het hoeft te doen, maar wil God het in je doen.”

Tekst: Pieter-Jan Rodenburg
Beeld: Shutterstock
 

Tip voor de redactie?

Of heb je een foutje gezien? Mail ons