Icon--npo Icon--twitter Icon--facebook Icon--instagram Icon--mail Icon--search Icon--video Icon--image Icon--audio Icon--EO Icon--whatsapp Icon--linkedin Icon--snapchat Icon--youtube Icon--quote arrow-right Icon--menu Icon--background Icon--backgroundContent Icon--overlayBottom Icon--overlayTop

De pater en de krachtpatser

Powerlifter Boyd Brakel en pater Elias

in Geloven

De kans dat de tandem bij dit duo in diagonale positie belandt of doormidden breekt, lijkt levensgroot: de een is een soort Hollandse Arnold Schwarzenegger van ruim 240 pond, de ander een pezige monnik met heel wat minder kilo’s op z’n conto. Powerlifter Boyd Brakel is voortdurend bezig met zijn uiterlijk, pater Elias richt zich vooral op het innerlijk – of geldt ook hier: schijn bedriegt?

De twee kennen elkaar niet. Toch blijken de heren direct een klik te hebben tijdens hun ontmoeting in Utrecht, waar pater Elias sinds januari woont. Hij behoort tot de katholieke leefgemeenschap van de Broeders van Sint Jan. Omdat de binnenstad al maanden één grote bouwput is, wijken we voor het tandemtochtje uit naar de omgeving van Slot Zuylen in Maarssen. Een buurtbewoner die zijn heg knipt, kijkt stomverbaasd naar het passerende duo – de een in pij met sandalen, de ander in strakke sportkleding. “Ik heb heel wat gezien,” zegt hij, terwijl zijn heggenschaar roerloos boven het groen hangt, “maar zóiets nog nooit...”

Tralies
Op het oog lijken deze tandemgenoten totaal verschillende werelden te vertegenwoordigen. Bij een monnik denk je aan koele kerken, wijwater en wierookwolken; bij een powerlifter aan zweterige sportzalen, plafondhoge spiegels en loodzware halters. Maar gaande het gesprek komen onverwacht diverse dwarsverbanden tussen hun ogenschijnlijk gescheiden leefwerelden bloot te liggen. Zo blijken ze beiden ervaring te hebben met vechtsporten, en – zij het aan verschillende kanten van de tralies – met het gevangeniswezen. Bovendien kunnen ze alle twee terugzien op een radicale boegwending in hun leven. ‘Les extrêmes se touchent,’ zeggen de Fransen terecht: de uitersten raken elkaar.
Elias (50) maakt korte metten met het misverstand dat monniken alleen maar druk zijn met het innerlijk. Hij wijst naar z’n duifgrijze pij: “Dan zou ik toch niet met deze rare kleren rondlopen? Blijkbaar is het uiterlijk wél belangrijk. Het leven is concreet. Als je innerlijk ergens mee bezig bent, laat je dat zien. De pij onderstreept dat wij celibatair leven en een beeld zijn van hoe het is in het Koninkrijk Gods, namelijk dat iedere ziel in de eerste plaats alleen tegenover God staat. Het geloof is niet allereerst dat je iets anders gaat dóen, maar eerst anders gaat kíjken. Je leert met de blik van God te zien. Ik denk dat het een schijntegenstelling is, uiterlijk en innerlijk. Maar ik begrijp het wel: voor jullie, journalisten, is het mooi om contrasten te vinden...” Touché voor de pater.

Stroopwafels
De zongebruinde Boyd, die vandaag zijn 48e verjaardag viert en op stroopwafels trakteert, grinnikt. “Mooi wat je zegt over met de blik van God leren zien,” reageert hij. “Dat probeer ik sinds mijn bekering, in 1998, ook. Daardoor verandert er zoveel vanbinnen, dat is met geen pen te beschrijven. Ik heb nu een vrede in mijn hart waarnaar ik jarenlang heb gezocht in alcohol, drugs, mooie villa’s, gouden horloges en noem maar op. Ik kon die vrede nergens vinden, en wandelde in wat de Bijbel wereldse begeerten noemt. Vanwege een knokpartij, toen ik als portier werkte, heb ik ook een tijd in de gevangenis gezeten.”
Verwissel twee letters in Boyds naam en je krijgt body (lichaam). Zijn uiterlijk mag beslist indrukwekkend heten. “Met bankdrukken ben ik twee keer Nederlands kampioen geworden in mijn superzwaargewichtklasse,” vertelt hij met een onmiskenbaar Haags accent. “Toen was ik 132 kilo zwaar en drukte ik 220 kilo omhoog. Met mijn benen 550 kilo, en met kniebuiging 280 kilo. Ik heb vroeger puur op beenkracht tractors opgetild.”
Elias: “Dus als jij een autoband verwisselt, heb je geen krik nodig?”
Boyd lacht en zegt: “Bel me broeder, ik kom gelijk en zet ‘em gewoon op z’n kant!”
Wie denkt dat deze mannetjesputter slechts met spierbundels en spiegels bezig is, slaat de plank mis. Hij is weliswaar elke doordeweekse dag in de sportschool te vinden, waar hij de nodige kilo’s omhoogwerkt. Maar hij slaat ook elke ochtend z’n bijbeltje en een dagboek open om stille tijd te houden. En via Stichting De Rank werkt hij als vrijwilliger onder daklozen in Den Haag. “Door de jaren heen heb ik ontdekt dat God me elke keer Zijn genade en genezing schenkt.”

Doorbraak
“Ik heb in mijn jongere jaren zestien jaar gebokst,” vervolgt Boyd. “Via mijn broer begon ik daarna met powerliften, nu 26 jaar geleden. Het gaf me vooral een bepaalde innerlijke rust. Ik ben in mijn jeugd misbruikt door een familielid, en heb een achtergrond van kindermishandeling. Er huisde een bepaalde angst, een diep verdriet in mij dat ik nooit kon uiten en waardoor ik me altijd eenzaam voelde. Sport was mijn uitlaatklep. Door misbruik en mishandeling was ik in mezelf opgesloten. Zodra er wat was, gebruikte ik m’n sterkste wapen en begon ik te vechten. Ik was heel agressief.”
Hij kon zich niet losrukken uit het web van verslaving, al probeerde hij het wel. “Dat lukte soms even, maar na een paar maanden had ik altijd een terugval. Er kwam nooit een doorbraak, omdat ik het op eigen kracht deed en niets van het geloof wist. Totdat ik onze lieve Here Jezus tegenkwam, Die al mijn zonden en pijn op Zich heeft genomen aan het kruis. Ik ben in 1998 tot bekering gekomen. Op dat moment was ik ongeneselijk ziek: hepatitis C (chronische leverontsteking, red.). Een lieve vrouw, bij wie ik altijd terecht kon, nam me mee naar de kerk. Na de derde dienst hoorde ik een stem: ‘Wees maar niet bang; Ik zal je genezen.’ Ik dacht dat het om mijn ziekte ging, maar God bedoelde iets wat veel dieper ging. Ik ben niet alleen genezen van hepatitis C – na anderhalf jaar was er geen spoortje van terug te vinden – maar ik vond ook een diepe, innerlijke genezing van de wonden uit mijn verleden.”

Kickboksen
Pater Elias heeft aandachtig geluisterd. Herkent hij iets in Boyds verhaal? “Totaal niet in mijn eigen leven, maar in zekere zin zie ik wel een aansluitingspunt. Ik heb in Litouwen in een gevangenis gewerkt, als kapelaan. Het was net na de val van het communisme.” Om contacten met deze gevangenen – bepaald geen Litouwse lieverdjes – te leggen, wilde hij met hen gaan sporten. Hij daagde hen zelfs uit. “Ik zei tegen deze jongens, die echt van de straat kwamen: ‘Leer mij maar vechten,’ ook al had ik daar totaal geen ervaring mee en moest ik wel even slikken. Het verrassende is dat dit een enorme opening bij hen gaf. Want ik stelde mij kwetsbaar op, waardoor zij hun positie opnieuw moesten bepalen.”
Via een medebroeder die onder straatkinderen werkte, kwam Elias ondertussen in contact met een jongen die wilde leren kickboksen. “Hij was echt een leidersfiguur. Ik nam hem mee naar een trainer, die hem les wilde geven. ‘Tot welke leeftijd kun je dit leren?’ vroeg ik. ‘Tot 50,’ zei hij. Ik was toen 45 of 46. ‘Zou u mij ontvangen?’ ‘Natuurlijk, probeer het maar.’ Het was al een beetje tegen het einde van mijn periode in Litouwen. Ik moet zeggen: ik vond dat kickboksen fantastisch. En dat is het nog steeds. Sport heeft te maken met wederzijds respect en waardering, met elkaar vertrouwen.”

Ballonkuiten
Na zijn vertrek uit Litouwen woonde de pater in Rusland en vervolgens in Australië, waar hij in een jeugdcentrum wat heeft gebokst. “Omdat het een goede lichamelijke activiteit voor me is, doe ik aan recreatief boksen nu ik weer terug in Nederland ben. Dat is minder blessuregevoelig dan kickboksen. Ik train twee tot drie keer per week en vind het heerlijk. We spraken net over het celibaat. Vechtsport is een manier van communiceren, net als seksualiteit, samen eten of ergens over praten. Je leert erdoor van elkaar en wordt erdoor gevormd.”
“Je leert elkaar respecteren door de sport,” beaamt Boyd. “Die ander heeft net zo hard getraind als jij en heeft er ook veel voor over om een bepaald niveau te behalen.” Naast powerliften blijkt big Boyd overigens nóg een passie te hebben: “Ik fiets gemiddeld zo’n driehonderd kilometer per week.” De typische wielrennerbouw heeft hij niet, afgezien van zijn ballonkuiten. “Maar toen ik nog 124 kilo woog, fietste ik de Elfstedentocht – 240 kilometer – in tien uurtjes. Oefening baart kunst.”

Tweevoudig opa
Boyd is vandaag 48 geworden; pater Elias’ levenskalender telt inmiddels vijftig lentes. Is het voor hen lastig te accepteren dat ze ouder worden en steeds meer moeten ‘inleveren’? Boyd: “Je herstelt minder snel als je blessures hebt. En uiteindelijk nemen je krachten ook af. Maar daarentegen is de kracht van de Heilige Geest in mijn leven tien keer sterker geworden.”
Anders dan pater Elias is Boyd niet celibatair: sinds kort mag hij zich tweevoudig opa noemen. “Daar geniet ik enorm van. De eerste keer dat mijn kleindochter ‘Opa’ tegen me zei, dacht ik: ‘Wat zegt ze nou? Ik voel me helemaal geen opa!’ Van binnen voel ik me 28, bij wijze van spreken. Alleen, het lichaam takelt af. Maar heb ik zo’n klein kind in m’n armen, dan denk ik: ‘Ik krijg er een hoop voor terug; dit is mijn nageslacht! Wat ben ik blij dat ik een opa ben die helemaal genezen is van alle verslavingen, roken, blowen, drugs, enzovoort. Daar ben ik de Here God heel dankbaar voor.”

Hockeyclub
“Bij mij is het misschien net andersom gegaan als bij jou,” reageert de pater, die vóór zijn bekering tot het katholieke geloof technische geofysica studeerde. “Ik heb nu pas lol in het fysieke aspect; ik ben heel laat met sporten begonnen. Het verrijkt mijn leven en daarom ben ik ongelofelijk dankbaar dat ik dit nog mag meemaken. Vroeger had ik een hekel aan sport. Op de middelbare school heb ik me nooit thuis gevoeld op de hockeyclub – ik vond er letterlijk geen bal aan. Daardoor ging ik al vroeg lezen en me voor het geloof interesseren. Mijn ouders stonden als hervormd ingeschreven, maar waren eigenlijk zoekende en moedigden mij ook aan te zoeken. Om een lang verhaal kort te maken: rond mijn 20e ben ik echt tot geloof gekomen, vooral door het lezen van de Apocalyps (Openbaring, red.). De Bijbel liet me zien dat dit leven de moeite waard is, als je God kent en de mensen kent zoals God hen kent. Het was of er een schakelaar omging.”

Nachtmerries
Pater Elias vindt het ‘niet leuk’ dat hij ouder wordt, maar ziet tegelijk een positieve kant. “Met alle beproevingen in dit leven, ook het ouder worden, vormt God alvast onze hemelse persoonlijkheid. De zwaarste beproeving is de dood. Ik weet niet hoe jij dat voelt, Boyd, maar er komt een leeftijd waarop je beseft dat je sterfelijk bent.”
De powerlifter knikt. “In zekere zin heb ik de dood al in de ogen gekeken. Ik ben ongeneselijk ziek geweest; met wielrennen heb ik twee keer een zwaar ongeluk gehad. De laatste keer was nog maar enkele maanden geleden. Ik werd aangereden door een bus en lag acht dagen in het ziekenhuis met inwendige bloedingen en een scheur in mijn bekken.” Hij moet sindsdien een tandje terugschakelen. “Dat hele zware kan ik niet meer. Ik ben nu aan het aftrainen wat powerliften betreft, en begeleid enkele jongere mensen in de sportschool. Het is tijd voor wat andere dingen.” Als kind was Boyd heel bang om te sterven en had hij nachtmerries, door alles wat er met hem was gebeurd. Die angst is totaal verdwenen. “God heeft zóveel vrede in mijn hart gegeven. Als Hij me wil thuishalen, geef ik me totaal over aan Hem.”

Balans
Speelt het vinden van de juiste balans tussen uiterlijk en innerlijk een rol in hun leven? “Als ik mag beginnen,” reageert pater Elias, “ik geloof niet dat het gaat om het vinden van een balans. Want een balans is altijd iets tussen twee strijdige dingen, en dat zijn het niet. Als jij je onvolmaaktheden aanvaardt en jezelf aan God en aan anderen wilt geven zoals je bent, dan verdwijnen verschillen tussen innerlijk en uiterlijk leven. Ik geloof dat Hij dát uiteindelijk in ons leven wil bereiken.” “Amen,” zegt zijn uitbundig gespierde gesprekspartner. “Het zijn uiteindelijk niet de grote, sterke mensen die de wereld veranderen, maar zwakke mensen in de handen van een almachtige God.”

Met dank aan Ridder Tweewielers, Nijkerk.

Tip voor de redactie?

Of heb je een foutje gezien? Mail ons