Icon--npo Icon--twitter Icon--facebook Icon--instagram Icon--mail Icon--search Icon--video Icon--image Icon--audio Icon--EO Icon--whatsapp Icon--linkedin Icon--snapchat Icon--youtube Icon--quote arrow-right Icon--menu Icon--background Icon--backgroundContent Icon--overlayBottom Icon--overlayTop

Kerkgangers in de kantoorguerrilla

Boek en congres over kloof tussen werk en kerk

in Geloven

Vroeg of laat bots je op elke werkvloer wel eens tegen lastige situaties aan. Een dominante, veeleisende baas. Een collega die je dienstbare opstelling misbruikt. Manipulatie. Conflicten. Miscommunicatie. Een te hoge werkdruk. Hoe ga je daar bijbels verantwoord mee om? Een nieuw boek én een congres geven antwoord.

Veel christenen die met beide benen in het arbeidsproces staan, ervaren een grote kloof tussen het leven in de kerk en het leven op de werkvloer. In de kerk vinden ze meestal geen antwoord op de vraag hoe ze met lastige werksituaties moeten omgaan. Ook goede boeken over het verband tussen geloof en werk zijn in Nederland nauwelijks beschikbaar.

Voor Eddy de Pender, eigenaar van een adviesbureau en als coach gespecialiseerd in het oplossen van arbeidsproblemen, was dit de aanleiding om een praktisch handboek voor christen-werknemers te schrijven: Help! Het is weer maandag! Christen zijn op je werk (Uitgeverij Buijten & Schipperheijn, 2006). De Pender is tevens voorzitter van Geloven op Maandag. Deze stichting ondersteunt christenen met een baan via onder meer trainingen en workshops. Zij wil helpen de kloof tussen werk en kerk te overbruggen.
Naar aanleiding van het boek van De Pender wordt op zaterdag 13 mei een speciale congresdag gehouden in Zeist. Het thema is ‘Christen-zijn op je werk’. EO-directeur drs. Henk Hagoort is een van de hoofdsprekers (zie kader).

Maskers

Een van de workshops tijdens deze dag wordt gegeven door drs. Ton Wintels (45) uit Dordrecht. Hij is gezondheidszorgpsycholoog, manager en coauteur van het boek Macht en manipulatie... toch niet onder christelijke leiders?! (Uitgeverij Gideon, 2004). Zijn workshop, ‘Wie ben jij?’ wordt als volgt aangekondigd: “Zowel in je privé-leven als op je werkplek verstoppen mensen zich achter maskers. Miscommunicatie, gekonkel en manipulatie is het gevolg. Binnen de wereld van de kantoorguerrilla is niets te zot en alles geoorloofd. Door oefeningen en onderlinge discussies kijken we in de keuken van het menselijke hart en in dat van jou!”

Omdat niet iedereen bekend is met de term ‘kantoorguerrilla’, legt Wintels uit wat eronder wordt verstaan: “Daarmee bedoelen we het manipulatieve gedrag van mensen op de werkplek: ze zeggen mooie dingen, maar hun gedrag komt niet overeen met hun woorden. Wat ze zeggen, staat haaks op wat ze doen.” Wintels verwijst naar het boekje van dr. Joep Schrijvers met de veelzeggende titel Hoe word ik een rat? De kunst van het konkelen en samenzweren, dat het meest verkochte managementboek van 2002 was.

Daarin beschrijft hij het ‘rattengedrag’ van mensen op de werkplek, want dat is precies waar de kantoorguerrilla zich mee bezighoudt. “Uit dit boek blijkt dat mensen in feite een heel mooi masker voor zich hebben, meeknikken en ja-zeggen, maar intussen strategieën bedenken hoe ze hun collega of hun baas onderuit kunnen halen om er zelf beter van te worden,” vertelt Wintels. “Een ‘rat’ wil verder komen, ten kosten van anderen – het maakt niet uit wie. In reactie op deze bestseller verscheen twee jaar geleden het boek Hoe vang ik een rat?, dat is geschreven door Richard Engelfriet en Peter van der Geer (Uitgeverij Pepijn. red.). Zij geven goede tips hoe je met dit rattengedrag op de werkvloer kunt omgaan.”

Vuile spelletjes

Zoals het woord al aangeeft, is er bij de kantoorguerrilla sprake van een bedekte oorlog: je weet niet wie ermee bezig is. Volgens Wintels zijn het niet uitsluitend directeuren of managers die zich bezondigen aan kantoorpolitiek, ellebogenwerk, vuile spelletjes en ander rattengedrag. “Het komt voor op alle niveaus binnen de werkplek. Helaas ook in christelijke organisaties en kerken; vandaar dat we het boekje Macht en manipulatie hebben geschreven. Door hierin allerlei situaties te beschrijven, hopen we dat de lezers manipulatie gaan herkennen en inzien dat mensen – ook voorgangers en leiders van christelijke organisaties – zich soms achter maskers verbergen. Te vaak rust er in christelijke kringen nog een taboe op om hier open over te praten en er concreet iets aan te doen. Daar ga ik in mijn workshop tijdens de congresdag dieper op in.”

Maskers
Als christen moeten we zonder maskers door het leven gaan, benadrukt Wintels. “De basis, voor ieder mens, is dat we gerespecteerd en gewaardeerd willen worden. Op het moment dat je die erkenning in je werkomgeving niet krijgt en je je daardoor afgewezen kunt voelen, ben je geneigd een masker op te zetten. Je doet je anders voor dan je bent, omdat je jezelf wilt beschermen. In plaats daarvan had je een gesprek aan moeten gaan met de persoon die jou het gevoel van afwijzing geeft. Maak je dit probleem niet bespreekbaar, dan kan het opzetten van zo’n masker een automatisme gaan worden. Het lijkt in eerste instantie misschien te helpen, maar op de langere termijn loop je erin vast.”


Op de vraag achter welke maskers mensen zich op de werkvloer verstoppen, reageert Wintels: “Grofweg kun je twee soorten onderscheiden. Enerzijds heb je angstige mensen; zij reageren op lastige situaties met een houding van: ‘Ik kan niet en ik durf niet.’ Zij trekken zich terug en houden zich stil. Anderzijds heb je mensen die reageren in de trant van: ‘Ik zal jou laten zien dat ik wél wat waard ben’ en ‘Ik weet het wél beter!’ Zij lopen vaak op hun tenen en doen zich beter voor dan ze zijn. Kortom: zij gaan de strijd aan.”

Identiteit
Hoe kom je erachter of je – misschien zonder het zelf te weten – zo’n masker op hebt? Wintels: “Stel jezelf twee vragen. Ten eerste: ‘Heb ik nog vrienden?’ Mensen die zich schuldig maken aan machtsmisbruik, zijn vaak gedreven mensen, die over grenzen gaan en vaak ook workaholics zijn. Het gevolg is dat ze hun vrienden verliezen en daarmee een stuk reflectie door mensen van wie je weet dat ze het beste met je voorhebben. De tweede vraag is: ‘Ben ik mijn functie?’ Met andere woorden: ontleen ik mijn identiteit aan mijn functie, of aan mijn door God gegeven persoonlijkheid? Er moet een splitsing zijn tussen wie je bént en wat je dóet. De enige manier om te voorkomen dat je vastloopt, is je weer kwetsbaar op te stellen en dat masker af te zetten. Want dat masker wordt in wezen de persoon die ik zie aan de buitenkant. Maar dat is een andere persoon dan wie hij aan de binnenkant is. Daarom gaat mijn workshop in op de vraag ‘Wie ben jij?’: wie zit er achter dat masker? En waarom komt die persoon, die door God is geschapen en gewild, niet tot bloei maar doet hij zich anders voor dan hij in werkelijkheid is?”

Mede n.a.v. ‘Help! Het is weer maandag. Christen-zijn op je werk’, Eddy de Pender, Uitgeverij Buijten & Schipperheijn Motief, Amsterdam, 152 blz. ISBN 9058812200. Prijs: 15,90 euro.

Tips bij problemen op de werkvloer

Als handreiking om op de werkvloer met problematische situaties om te gaan, noemt Eddy de Pender de volgende punten:
• Vertrouw op Gods macht (Matteüs 10:1 en 29-31). Als God ons in bepaalde situaties geplaatst heeft, dan geeft Hij ons ook de mogelijkheden om daarin te overleven (vergelijk
1 Korintiërs 10:31).
• Doe in de eerste plaats je werk goed (vers 5-8).
• Accepteer dat er voor je gezorgd wordt (vers 9-10).
• Wees open naar je omgeving en stel je zegenend op (vers 11-13).
• Als mensen je goede bedoelingen niet accepteren, laat het er dan bij (vers 14).
• Bedenk dat je als schapen onder wolven wordt gezonden (vers 16-17).
• Vertrouw erop dat je in crisissituaties weet wat je moet zeggen (vers 18-21).
• Heb de moed om te zeggen wat je denkt dat je moet zeggen (vers 27).
(Uit: Help! Het is weer maandag!, blz. 98)

Lastige collega's

Samenwerken met collega’s met wie je niet zo gemakkelijk door één deur kunt, kan enorm frustreren. Eddy de Pender geeft een willekeurig overzicht van karakteristiek lastig gedrag voor anderen:
• De kleine dictator doet alsof het bedrijf van hem/haar is. Heeft een grote mond, bluft en intimideert.
• De sluipmoordenaar is een wolf in schaapskleren. Heel aardig en meegaand op het eerste gezicht, maar achter je rug om...
• De zwijger houdt bewust zijn mond. Neemt nooit de verantwoordelijkheid en laat alles aan zich voorbijgaan.
• De alweter hoef je niets meer te vertellen. Heeft alles al meegemaakt, kent alles en iedereen en is behoorlijk eigenwijs.
• De uitsteller vindt beslissingen nemen het moeilijkste wat er is. Blijft maar vragen stellen, treuzelt, wikt en weegt en kiest uiteindelijk de veilige weg.
• De muggenzifter vindt het detail belangrijker dan de grote lijn. Haalt voldoening uit het vinden van typefouten.
• De zwartkijker vindt een nadeel in elk voordeel. Als je één euro zou krijgen voor elke keer dat hij ‘ja maar’ zegt, was je nu al aan het rentenieren.
(Uit: Help! Het is weer maandag!, blz. 89)

Tip voor de redactie?

Of heb je een foutje gezien? Mail ons