Icon--npo Icon--twitter Icon--facebook Icon--instagram Icon--mail Icon--search Icon--video Icon--image Icon--audio Icon--EO Icon--whatsapp Icon--linkedin Icon--snapchat Icon--youtube Icon--quote arrow-right Icon--menu Icon--background Icon--backgroundContent Icon--overlayBottom Icon--overlayTop

De PeP-club in het Oude Noorden

Een uurtje per week plezier voor kids

in Geloven

Na een kinderkamp nam ze een paar kinderen mee naar huis, en ineens wist ze: ‘Er moet een club komen in Rotterdam-Noord!’ Mirjam de Wolf richtte die club meteen op en kreeg hulp van Erwin van Ginkel die de club nu leidt, en van nog enkele mensen.

Een zachtgroene gloed vult de zaal van het oude zendingshuis. Verticale schroten sieren de wanden. Smeedijzeren kroonluchters roepen geschiedenis op. Statige stoeltjes van hetzelfde groen als de wanden wekken associaties met directies of raden van bestuur. En met rust. Schijn bedriegt. Hier komt elke donderdagmiddag de PeP-club samen. De juffen van vandaag hebben alles al klaargezet.

Het begin

“Na het kinderkamp van 2004 besloot ik elke 14 dagen de kinderen van één gezin bij mij thuis te laten spelen,” vertelt Mirjam. “Andere kinderen uit de buurt werden stikjaloers, dus richtte ik de PeP-club op. Een uurtje per week plezier bieden, en vertellen dat Jezus van ze houdt. Vandaar de naam PeP: Prinsen en Prinsessen. Zo zie ik ze.”
Erwin beaamt dat: “Zo ontdekken ze ook wat normaal en goed is. Van huis uit krijgen ze dat niet altijd mee.”
Mirjam: “Kinderen stroomden vanaf het begin al binnen. Dat kwam ook omdat ze dachten dat ik een actrice van Goede Tijden Slechte Tijden was. Haha, ik heb nog nooit een aflevering gezien!”

De kinderen

Daar stromen ze binnen. Kinderen met uiteenlopende achtergrond: de Antillen, Kaap-Verdië, Marokko, Angola, Azerbeid<00AD>zjan, Turkije, Zuid-Afrika... De zaal ontwaakt uit zijn zachtgroene sluimer. Een tafelvoetbalspel gaat in vol bedrijf. Vrolijke begroetingen omarmen de clubleidsters. Sommige kinderen doen dat ook.
“Straatkinderen,” duidt Mirjam aan. “Ze vinden hun vermaak vooral op straat. We komen soms moeilijke gezinssituaties tegen: verwaarlozing, armoede, seksueel geweld, een hele familie aan de drugs. Gelukkig wordt het merendeel wel goed opgevoed.”
Er is ruimte genoeg voor een aparte kring stoelen. Daarop luisteren de kinderen naar het verhaal over Jezus’ vrienden die de hele nacht hebben gevist maar niks gevangen. Nou ja, ‘luisteren’... De spanningsboog is erg klein. Bovendien roept de fotograaf een hoop gegiechel op. Juf Wilma gebruikt al haar verteltrucs om de aandacht gevangen te houden van deze kinderen van zeven tot twaalf jaar.
“Het programma is eigenlijk het leukst als je acht tot tien bent.” Erwins stem klinkt beslist. “In het begin hadden we veel kinderen van vier tot acht. Die zijn helaas afgevallen. Vreemd genoeg zijn er een paar van twaalf die wel blijven komen.”

Problemen

Een goed contact vindt Mirjam essentieel. “Op een keer kwam een meisje naar me toe met de mededeling dat haar moeder niet thuis was. Ik vroeg hoe lang al. Ze zei: ‘Anderhalve week, en nou is het geld op.’ Dat zou ze nooit hebben verteld als ze niet vertrouwd met me was.”
“Zulke problemen los je ook niet even op met zo’n club,” geeft Erwin aan. “Ik stond er een keer alleen voor. Een meisje zat behoorlijk te klieren. Ik zei: ‘Als je zo doorgaat, ga je maar naar huis.’ Waarop ze antwoordde: ‘Naar huiiis...?’” Hij imiteert het met geknepen stem en een uitdrukking van weerzin. “Goed, ik doe de club, werk iedereen netjes weg, maar dat meisje? Ik heb haar nooit meer gezien.” Het is even stil zodat de spijt in die woorden kan naklinken.
Mirjam: “Er zijn in die twee jaar al honderden kinderen op de club geweest. Zo’n vijftien tot dertig per keer. We willen zo graag meer zijn dan een club. Maar ik woon nu sinds mijn huwelijk in Overschie, eigenlijk veel te ver weg.” Erwin zou het liefst boven de zaal wonen. “Als ik door de wijk fiets herkennen ze me direct.”

Geloof

Na het bijbelverhaal komen nog wat kinderen binnen. Zeventien zijn er nu. Elk kind krijgt een A4’tje met de liedjestekst: ‘Ben je groot of ben je klein, of ergens tussenin? God houdt van jou.’ Aan twee tafeleilanden mogen ze dat vel beplakken met portretten die ze uit weekbladen knippen. Voor een prijs, vandaag snoep. De gasten zijn jury.
De kinderen zijn volgens Erwin heel open voor het geloof. “Je kunt ze prima vertellen hoe God is. Ze komen uit gemeenschappen waar geloven normaal is.” Mirjam, bedachtzaam: “Islamitische kinderen worden wel onrustig als het teveel over Jezus gaat. Sommigen mogen niet meer komen. Nu vertellen we wat meer bijbelverhalen die je ook in de koran tegenkomt.”
Onder het plakken wordt de liedtekst uitgelegd. Juf Sandra: “Houdt God nou meer van de een dan van de ander?” Een jongetje, met diepe verontwaardiging: “Nee! God heeft iederéén nodig!”

Wensen

Mirjams toekomstdroom komt ter sprake: “Een inloophuis, waar je gezamenlijk dienstbaar kunt zijn voor de wijk. Een bijenkorf waar jong en oud z’n plekje vindt, een spelletje kan doen, en je ook diensten kunt uitwisselen. De een is goed met geld, de ander is technisch, een derde gaat graag met kinderen om.”
Erwin: “Je kunt tieners huiswerkbegeleiding geven, een taalcursus aan allochtone moeders, pastoraat bieden, een Alpha-cursus doen, mensen helpen met het invullen van hun belastingformulier.”
Inmiddels is er een meidenclub voor 11-14- jarigen gestart. Erwin: “Een erg kwetsbare groep, vooral als normale referentiekaders ontbreken over wat goed en slecht is. We hopen ze een ietsje weerbaarder te maken.” Ook het op sleeptouw nemen van kinderen, zoals Mirjam al doet, zal worden uitgebreid.

Druppel

De clubleiding is er zich van bewust dat hun werk een druppel op een gloeiende plaat is. Mirjam: “Maar iets is beter dan niets. Het wordt ook beter, er zijn gelukkige geen vechtpartijen meer. God zegent het, daarvan ben ik overtuigd.”
Erwin knikt: “Op Zijn eigen manier. Ik had het idee: ‘het is ónze club’. Maar misschien gaat God wel verder met deze kids zonder de PeP-club.”
Sommige kinderen zijn niet weg te slaan als de club is afgelopen. Een meisje maakt kiekjes met het toestel van de fotograaf. Mirjam: “Een keer vertelde een meisje het hele Paasverhaal dat ze op school had gehoord aan de juffen van de club.” Ze lacht tevreden.

Mirjam:

'Kinderen stroomden vanaf het begin al binnen.'

Tip voor de redactie?

Of heb je een foutje gezien? Mail ons

Meer over