Icon--npo Icon--twitter Icon--facebook Icon--instagram Icon--mail Icon--search Icon--video Icon--image Icon--audio Icon--EO Icon--whatsapp Icon--linkedin Icon--snapchat Icon--youtube Icon--quote arrow-right Icon--menu Icon--background Icon--backgroundContent Icon--overlayBottom Icon--overlayTop

Daling vruchtbaarheid baart zorgen

Uitstellen zwangerschap heeft negatieve gevolgen

in Geloven

Wereldwijd heeft circa een op de zes stellen met een kinderwens hulp nodig om een zwangerschap tot stand te brengen. Een Britse onderzoeker voorspelde onlangs dat vruchtbaarheidsproblemen binnen tien jaar zullen verdubbelen in Europa. Ook in Nederland hijsen deskundigen de stormbal.

Tijdens een eind juni gehouden congres in Kopenhagen stelde de Engelse hoogleraar Bill Ledger, verbonden aan de Universiteit van Sheffield, dat in 2015 zelfs een op de drie stellen met vruchtbaarheidsproblemen te maken zal hebben.
Op vier verschillende fronten wordt de vruchtbaarheid aangevallen. Vooral het uitstellen van de eerste zwangerschap heeft een negatieve invloed (veel vrouwen wachten tot ze boven de 35 jaar en dus minder vruchtbaar zijn). Overgewicht is een andere, snel toenemende oorzaak. Datzelfde geldt voor chlamydia-infecties en andere seksueel overdraagbare aandoeningen (soa’s). Het aantal chlamydia-gevallen is de afgelopen tien jaar verdubbeld. “Later, als deze meisjes moeder willen worden, ondervinden zij dat ze niet vruchtbaar zijn,” stelt Ledger. Ten slotte zijn er duidelijke aanwijzingen dat de spermakwaliteit achteruitgaat.

Opvallende bevinding
“Ik ben niet geschrokken van de cijfers, maar het is wel een opvallende bevinding,” zegt dr. Jan Kremer, hoofd van het IVF-team van het UMC St. Radboud in Nijmegen en bestuurslid van de Nederlandse Vereniging voor Obstetrie en Gynaecologie (NVOG). “Ledger heeft voor dit congres een aantal tendensen van de laatste jaren geëxtrapoleerd naar de toekomst. Afgaande op de toename van de leeftijd waarop vrouwen hun eerste kind krijgen, de groei van met name chlamydia, de afname van de zaadkwaliteit en de snelle toename van overgewicht in Europa, kwam hij tot de schatting dat het aantal vruchtbaarheidsproblemen over tien jaar verdubbeld is.”
Kremer vindt dit een opmerkelijke bewering. “Nu al is ongeveer een op de vijfentwintig kinderen in Nederland geboren na een vruchtbaarheidsbehandeling. Daarom is het in ieder geval zorgwekkend dat we met z’n allen minder vruchtbaar worden. Als we niet uitkijken, kan het inderdaad dramatisch worden. Nu al heeft ongeveer een op de zes paren met een kinderwens te maken met vruchtbaarheidsproblemen. Dat aantal zal toenemen. Daarover zijn we het allemaal wel eens. Maar het is onduidelijk met welke factor.”
Tijdens de conferentie stelde Ledger gekscherend dat in het jaar 2100 “iedereen ovruchtbaar is als we zo doorgaan”. Kremer: “Dat is natuurlijk zwaar overdreven, maar het is wel zorgwekkend dat bijvoorbeeld de zaadkwaliteit in een aantal West-Europese landen behoorlijk achteruitgaat. Het vervelende is dat wij hiervan in Nederland helemaal geen cijfers hebben; we weten dus niet of dit ook voor ons geldt.”

Weinig solidair
Prof. Bart Fauser, hoogleraar voortplantingskunde aan het UMC Utrecht en autoriteit in Nederland op het gebied van onvruchtbaarheid, noemde het in het Algemeen Dagblad wrang dat onvruchtbaarheid door de overheid, subsidieverstrekkers en de zorgverzekeraars als “een triviaal probleem” wordt gezien. Kremer is het hartgrondig met hem eens: “In onze individualistische maatschappij is de houding van anderen vaak: het is je eigen probleem; zoek het maar uit! Mijn ervaring is dat men er vaak weinig solidair mee is. Dat merk je nu ook aan vergoedingsregelingen. Zo wordt de eerste IVF-behandeling niet langer vergoed. Maar ik denk ook aan alle vruchtbaarheidsmedicijnen die niet meer worden vergoed. Dat is heel triest voor mensen die geen kinderen kunnen krijgen. Voor hen is het vaak een existentieel probleem. Daarom is solidariteit zo belangrijk.”
Kremer benadrukt dat we het krijgen van kinderen vaak zien als iets individueels, terwijl het ook een maatschappelijke betekenis heeft. Dat wordt volgens hem te vaak vergeten. “Zonder kinderen houdt alles op. In deze tijd van vergrijzing zou enige vergroening welkom zijn. Het krijgen van kinderen wordt in onze samenleving te vaak gezien als je eigen keus, als iets wat je zelf maar moet beoordelen. Deze maatschappelijke betekenis wordt vaak ontkend door overheden en zorgverzekeraars. Maar vruchtbaarheid is een individuele én een maatschappelijke kwestie.”

Gaan u en andere Nederlandse onderzoekers stappen ondernemen om dit probleem aan te pakken?
“Mede naar aanleiding van de presentatie van prof. Ledger hebben we tegen elkaar gezegd dat we hier inderdaad iets mee moeten doen. In het UMC Utrecht doet men onderzoek naar de relatie tussen de leeftijd van de vrouw waarop zij haar eerste kind krijgt en de vruchtbaarheid. Waar wij de komende jaren in het UMC Nijmegen vooral op willen inzetten, is het onderzoek naar de verminderde zaadkwaliteit. We willen onderzoeken of we daar ook Nederlandse cijfers over kunnen krijgen, want die zijn er niet. En of we oorzaken kunnen achterhalen die hierbij van belang zijn.”

Waar moet het geld voor dit onderzoek vandaan komen?
“Zelf kunnen we het niet betalen. De regering of instanties die het geld verdelen, zullen op dit vlak prioriteiten moeten stellen. We hebben te maken met een echt zorgwekkende ontwikkeling. Ook hier geldt: voorkomen is beter dan genezen.”

17 jaar wachten op een kind

Marjan en Theo Stouten uit Hilversum trouwden in 1982. Ze hoopten vurig op kinderen, maar de zwangerschap bleef uit. In 1984 lieten ze medisch onderzoek doen door een gynaecoloog. “We waren beiden medisch gezond, dus er was geen directe oorzaak vast te stellen,” zegt Theo (47). “Dat was frustrerend. Aan de andere kant hielp het ons wel, omdat je niet ergens ‘de schuld’ kunt neerleggen. Die onvruchtbaarheid zorgde voor veel stress in ons huwelijk. Een stuk verwachting werd afgesneden. Voor mij als man was dat overigens wel anders dan voor mijn vrouw.” Marjan: “Mijn maandelijkse cyclus herinnerde me steeds aan onze onvervulde kinderwens. Dat is heel teleurstellend.”
Theo: “We kregen wel enkele adviezen mee. Je kunt bijvoorbeeld de temperatuur meten om te weten of er een eisprong heeft plaatsgevonden. Op dat moment moet je gemeenschap hebben. Na enkele jaren wordt je die ‘routine’ ook een beetje beu. Gelukkig konden we dit samen overgeven aan God. We hebben ontdekt dat het niet zo is dat je het doel van je leven mist als je geen kinderen hebt.”
“Toen we in 1984 bij de dokter waren geweest, wilden we ons probleem terugleggen in Gods handen,” vertelt Marjan. “Het toenmalige oudstenteam heeft met ons gebeden om de zegen van God en om vruchtbaarheid. Daarbij kreeg een van hen een soort droom, die erop leek te wijzen dat we kinderen zouden krijgen. Dat hebben we vastgehouden – niet krampachtig, maar wel als een soort Eben-Haëzer: ‘Here God, we zijn bij de arts en bij de oudsten geweest. Meer kunnen wij niet doen’.”
Elf jaar later bleek Marjan zwanger. Na drie maanden kreeg ze echter een miskraam. In 1999 herhaalde dit drama zich. Alle hoop op een kind leek voorgoed de bodem ingeslagen, totdat in 2001 een gezonde zoon het levenslicht zag: Daniël Jozef.
Marjan en Theo kennen ook echtparen in hun omgeving bij wie er geen sprake is van een ‘happy end’. Theo: “Sommige stellen bleven bevriend, anderen haakten af. Het is ook heel confronterend. We weten waar zij doorheen moeten gaan. Dus we nemen het niemand kwalijk. Maar we staan het onszelf wel toe ontzettend blij met Daan te zijn, juist omdat we zeventien jaar lang hebben moeten wachten. Daan is onze ‘Everyday Joy’!”

‘Sla die meest vruchtbare periode niet over!'

Christelijke echtparen die met vruchtbaarheidsproblemen worstelen, zien zich voor de vraag gesteld welke behandelingen bijbels-ethisch gezien verantwoord zijn. De bekende christenarts en publiciste drs. Alie Hoek-van Kooten uit Veenendaal heeft daar een heldere visie op: “Datgene is verantwoord wat binnen het kader van het huwelijk tussen man en vrouw gedaan wordt én waarbij ervoor wordt gezorgd – in overleg met de gynaecoloog – dat er geen overtollige vruchtjes komen.” Binnen die twee grenzen ziet ze ruimte voor de volgende behandelingen:

• IUI (Intra Uterine Inseminatie): Hierbij wordt het sperma van de eigen man rond de tijd van de eisprong hoog in de baarmoeder van de vrouw gebracht, in de hoop dat een natuurlijke bevruchting beter tot stand kan komen.
• IVF (In Vitro Fertilisatie): Eicellen die bij de vrouw zijn weggenomen, worden bevrucht met zaadcellen van de man. Zodra een bevruchting is ontstaan, wordt dit vruchtje teruggeplaatst in de baarmoeder, in de hoop dat het zal innestelen.
• ICSI (Intra Cytoplasmatische Sperma Injectie): Hierbij wordt een spermacel in de eicel zelf geïnjecteerd. Ook dit vruchtje wordt na bevruchting teruggeplaatst, in de hoop op innesteling.

“Laat vrouwen asjeblieft niet te lang wachten met het openstaan voor het krijgen van kinderen,” besluit ze. “Tot je dertigste jaar ben je echt het meest vruchtbaar. Veel echtparen die nu 33 of 34 jaar zijn en kinderen willen, krijgen ze niet spontaan. Velen van hen zouden ze wél spontaan gehad hebben als ze er op jongere leeftijd voor open hadden gestaan. Sla die meest vruchtbare periode niet over!”

Tip voor de redactie?

Of heb je een foutje gezien? Mail ons

Lees ook

Onderzoek: echtscheiding jaagt jongeren kerk uit

Onderzoek: echtscheiding jaagt jongeren kerk uit

Door scheiding twijfelen kinderen aan Gods onvoorwaardelijke liefde

Bewijs geleverd | Zoenen is gezond!

Bewijs geleverd | Zoenen is gezond!

Aanmoediging van Paulus eindelijk onderbouwd

'Dit wordt mijn laatste Kerst'

'Dit wordt mijn laatste Kerst'

"Mevrouw, ik kan u niet meer genezen." EO-medewerker Myriam de Jong-Rensen (59) hoorde deze schokkende woorden op 16 januari 2014: exact 9 maanden...