Icon--npo Icon--twitter Icon--facebook Icon--instagram Icon--mail Icon--search Icon--video Icon--image Icon--audio Icon--EO Icon--whatsapp Icon--linkedin Icon--snapchat Icon--youtube Icon--quote arrow-right Icon--menu Icon--background Icon--backgroundContent Icon--overlayBottom Icon--overlayTop

'Het is te belangrijk om te onderscheiden of iets van God komt'

Nieuwe geesten vragen om onderscheid

in Geloven

‘Bid toch om de onderscheiding van geesten’! De laatste tijd hoor je regelmatig deze oproep rondom allerlei gebeurtenissen en personen in binnen- en buitenland. Ds. Kees van Velzen: „In Gods Koninkrijk kan iemand op de brede weg een ander op de smalle brengen, omdat het Gods Geest is Die mensen overhaalt.“

Wat bedoelt de Bijbel met de uitdrukking ‘Onderscheid de geesten, of zij van God zijn’. Ds. Kees van Velzen, hoofd Nazorg bij de Evangelische Omroep, vindt het opvallend dat deze gave, want dat is het, vermeld staat in het rijtje Geestesgaven uit 1 Korinthe 12. „Niemand moet alles voor zoete koek slikken, maar ik denk dat in elke gemeente wel mensen zijn die aanvoelen of iets wel of niet de verkeerde weg op gaat. Onderscheiding van geesten begint met een vaag gevoel dat iets niet deugt. Het is zaak om die gevoelens dan heel serieus te nemen en goed te onderzoeken.“

Internet
De moeilijkheid is alleen wat je moet onderzoeken en hoe. Zodra Van Velzen ergens zijn vragen over heeft, gaat hij internet op. „Internet biedt tegenwoordig gouden uitkomsten, maar laat je ook persoonlijk breed informeren door verschillende mensen. Op een bepaald moment krijg je dan een bepaald beeld. Ik vind het wel belangrijk in principe positief tegenover bijvoorbeeld iets nieuws te staan. De gemeente van Berea ‘nam deze dingen met alle bereidwilligheid aan en ging dagelijks de Schriften na of deze dingen zo waren’. Zij beseften dat iets dat in de kerk nog nooit is voorgekomen daarmee nog niet verkeerd is. Ik heb een positieve houding naar mensen die iets nieuws brengen, maar ik adviseer wel de Bijbel er op na te slaan of het klopt.“

En als er dan niets over in de Bijbel staat, „kun je altijd kijken of er iets is dat richtlijnen geeft. Je kunt in de Bijbel niet lezen dat door rood rijden niet mag, maar wel dat je de overheid moet gehoorzamen. Dan heb je een afgeleide. Als de overheid die regels oplegt, moet je je daaraan houden. Bepaalde dingen kom je echter niet te weten en dan kom je op het terrein dat je aan de vruchten de boom herkent. Bovendien mag je ook veel overlaten aan God. Gamaliël raadde de hogepriester aan de groep die achter Jezus aan liep het voordeel van de tijd te geven: ‘Als dit uit God is, zullen we het niet kapot kunnen maken’.“

Recentelijk is geregeld op ‘de vruchten’ gewezen als bewijs dat iets deugt of niet. Is de lijn zo eenvoudig te trekken?
„In sommige christelijke groepen komen geen mensen meer tot geloof. Dat is een teken dat er iets mis is. Ergens anders vinden wel veel bekeringen plaats, maar kun je je afvragen of die bekering echt wedergeboorte is of groot enthousiasme voor een leider. Stel dat het echte bekeringen zijn die levens veranderen, dan is dat typisch een goede vrucht. Ik vind het opmerkelijk dat Paulus in de Filippenzenbrief zegt dat hij tot verdediging van het Evangelie is gesteld. Hij zegt: ‘Ik doe dat uit liefde, maar sommigen uit eigenbelang, met de onzuivere bedoeling mij de gevangenschap zwaar te maken’. Er zijn dus mensen die prediken, maar zij hebben ook de bedoeling hem het leven zuur te maken. Wat Paulus betreft, doet de motivatie van de prediking er niet zoveel toe, als het maar om Christus draait.“

En Paulus maar niet in het middelpunt staat…
„Ja, en dat is een belangrijk criterium voor het onderscheiden van geesten. Het valt mij op dat Paulus in Handelingen zegt dat er na zijn vertrek mensen zullen zijn die de kudde niet zullen sparen. En dan een belangrijk kenmerk: ‘Ze zullen de mensen achter zìch trekken’, dus achter de prediker. De vraag voor ons: ‘Over wie zijn we nu meer enthousiast: De predikant, de voorganger of de Here Jezus?“
Van Velzen is van mening dat iemand die zichzelf voorop stelt, desondanks toch de goede richting op kan wijzen. „Ik geloof niet in het cliché dat je iemand niet verder kunt brengen dan je zelf bent. Je kunt buiten Christus leven en toch mensen tot Jezus leiden. In Gods Koninkrijk kan iemand op de brede weg een ander op de smalle brengen, omdat het Gods Geest is Die mensen overhaalt.“

Dan kun je aan de geestelijke boom zowel goede als kwade vruchten aantreffen?
„Het geloof in God is iets heel kwetsbaars. In bepaalde godsdiensten of stromingen zie je wetticisme. Je doet iets, of laat iets na en het is goed. Je hartsgesteldheid is minder belangrijk. Het christelijk geloof is echter niet in regels te vangen. Je kunt niet zeggen dat jouw dagelijkse gebed je relatie met God ‘goed’ maakt. Het heeft ten diepste te maken met in oprechtheid omgaan met de Here God. Als je in Hem blijft, draag je veel vrucht. Of dat nu werkelijk gebeurt, weet alleen God en misschien de persoon zelf.
Zodra je zonde toelaat, krijg je snel namaakgeloof. Als de diepe, tere relatie met God er niet meer is, komen de werken van het vlees erbij. Iets dat heel goed begonnen is, eindigt dan in het vlees en er komen kwade vruchten. Slechts door Gods genade zijn er dan tussen de kwade vruchten ook nog goede te vinden.“

Dat betekent dat je aan de vruchten nog niet eens de boom hoeft te kennen.
„Paulus zegt in 1 Korinthe: ‘Mijn spreken kwam niet met meeslepende woorden van wijsheid, maar met betoon van Geest en kracht’. Niet de woordkeus, maar Gods Geest bepaalt de kracht. ‘Opdat uw geloof niet zou rusten op wijsheid van mensen, maar op kracht van God’. En ik denk dat Paulus met ‘kracht’ ook de vrucht op lange termijn bedoelt. Als iedereen ineens met iets of iemand wegloopt, denk ik altijd: ‘Het zal wel, je kunt pas op langere termijn zien wat die vruchten gedaan hebben. Maar als God iets doet, is het voor eeuwig’.“

Sluipend
De moeilijkheid is echter dat wanneer er opgeroepen wordt geesten te onderscheiden het altijd gaat om figuren die opvallen. Automatisch hebben deze mensen voor- en tegenstanders. Vaak zijn het werkelijke of pseudo-gebedsgenezers. Wellicht veel sluipender is Schriftkritiek of een gewijzigde en zogenaamd menslievender visie op bepaalde maatschappelijke vraagstukken: „Juist dan moeten we bidden voor onderscheiding van geesten. Momenteel worden in veel kerken dingen normaal gevonden die dat in het licht van de Bijbel niet zijn. Vaak gaan wij pas aan de bel hangen als iemand uit het buitenland vreemde dingen verkondigt. Op zich is het goed ook deze dingen te onderzoeken en het goede te behouden, maar als we ook in orthodox Nederland allerlei zaken steeds vaker ter discussie gaan stellen onder het mom ‘dat we het vroeger allemaal wel zo zagen, maar nu niet meer’ is er meer reden onze energie daar in te stoppen. Daar is nog veel sterker onderscheiding van geesten nodig. Meer dan bij allerlei spectaculaire campagnes.“

Bij dwalende opwekkingspredikers of gebedsgenezers gaat het vaak specifieke personen aan, terwijl bijvoorbeeld moderne theologie veel minder direct alarmbellen doet rinkelen?
„Stel dat de koppelingskabel van je auto breekt, dan sta je ineens stil langs de weg. Dat lijkt een dure reparatie, maar is goedkoop. Als echter je koppelingsplaten versleten raken, merk je dat nauwelijks, meestal pas als je zwaar beladen bent. Dan kom je ineens niet verder meer. Dan sta je ook aan de kant en de reparatie betekent een financiële aderlating.
Sommige zaken springen onmiddellijk in het oog en laten alarmbellen rinkelen, andere zaken worden geleidelijk aan ons gepresenteerd en uiteindelijke normaal gevonden.
Terug naar de vraag: Ik heb een aantal gebedsgenezers onderzocht en inderdaad zijn er bij die zeggen dat een bewijs van geloof is dat je je medicijnen weg gooit. Dat vind ik zeer twijfelachtig. De meeste gebedsgenezers sturen je persoonlijk naar een arts en erkennen het wonder ook pas als het medisch bevestigd is. Dat is hetzelfde als de Here Jezus deed: ‘Ga heen en vertoon u aan de priester’. Geloof blijkt niet uit het laten staan van je medicijnen, maar uit het eer geven aan Jezus.“

Raad
Aan de ene kant moet je dus vertrouwen geven aan mensen die iets nieuws leren of doen, en dat onderzoeken, aan de andere kant kan enige argwaan ook geen kwaad…
„Als ik bijvoorbeeld naar een genezingssamenkomst zou gaan, zou ik eerst meer willen weten over de organisatie en de persoon. Doen er schandaalverhalen de ronde, zijn er financiële onduidelijkheden? Kortom, is de figuur te vertrouwen en goed bekend bij de buitenwacht? Dat is een belangrijk gegeven. En ga je erheen, bid dan: „Here ik sta open voor wat U doet. U bent de Almachtige en kunt alles. Ik kan niet alles controleren. Ik ben Uw kind, wilt U mij beschermen’? Dat is de Vader kind-relatie, zo werkt het bij God, ‘Die eenvoudig geeft, aan allen, zonder verwijt’.“

Tip voor de redactie?

Of heb je een foutje gezien? Mail ons