Icon--npo Icon--twitter Icon--facebook Icon--instagram Icon--mail Icon--search Icon--video Icon--image Icon--audio Icon--EO Icon--whatsapp Icon--linkedin Icon--snapchat Icon--youtube Icon--quote arrow-right Icon--menu clock Icon--background Icon--backgroundContent Icon--overlayBottom Icon--overlayTop

Bolletjes slikken:een dodelijk spel

in Geloven

Op vrijwel elke vlucht van Paramaribo naar Amsterdam zitten wel ‘bolletjesslikkers’. Meestal gaat het om jonge mannen die de verleiding om risicovol snel geld te verdienen niet kunnen weerstaan. De gevolgen zijn soms dodelijk.

De risico’s van het slikken van bolletjes cocaïne komt politiebrigadier Naarden uitleggen aan de jongens die op TANA training volgen. TANA (Towards a new alternative) is een project voor voortijdige schoolverlaters (populair gezegd: de drop-outs) en is gesitueerd in Paramaribo. Het project voorziet in een training in taal, rekenen en vaktechnische en sociale vaardigheden.
Het Nederlandse echtpaar Wim en Elly van den Berg coördineert het project dat Surinaamse jongeren binnen een jaar een vakopleiding aan de vakschool SAO wil bieden. Het is de laatste kans voor notoire zittenblijvers.

Alternatief
Meestal kunnen leerlingen na herhaald zittenblijven, niet doorleren omdat hun leeftijd een belemmering vormt voor de afronding van hun schoolopleiding. Rondhangen met leeftijdgenoten op straat lijkt dan de aangewezen optie en de stap naar drugssmokkel is dan snel gemaakt. TANA voorziet in een alternatief; een training die de jongere bewust maakt van de keuzes die hij heeft in het leven.

Geen doekjes
Omdat juist de jongeren die TANA bezoeken vatbaar zijn voor druggsmokkel, windt Naarden geen doekjes om de risico’s. Geïllustreerd met schokkende foto’s („anders landt het niet“) toont hij de gevaren aan van het bolletjes slikken. Een foto van een volledig opengesneden lichaam passeert de tafeltjes. Een close-up van de maag laat zien hoe een opengebarsten bolletje een einde maakte aan het leven van deze bolletjesslikker. „It ‘s a deadly game.“

Cynisme
„Maar dat is niet het enige gevaar,“ vervolgt Naarden niet zonder gevoel voor cynisme. Hij tekent een risico dat regelmatig voorkomt: „Stel, jij komt in Nederland en je bent niet doodgegaan. Dan kun je op Schiphol ook opgewacht worden door iemand die zich voordoet als degene aan wie je de drugs moet afleveren. Ze pikken je er zo uit. Je gaat met hem mee en bij hem thuis moet je gedwongen tegen de centrale verwarming gaan zitten. Het is daar altijd koud, dus die dingen zijn bloedheet en daardoor moet je poepen. Pas een paar dagen later krijg je telefoon van degene aan wie je de drugs had moeten afleveren. Je zit dus in de rats, want de drugswereld houdt niet van deze grappen. We hebben eens een hele familie moeten evacueren vanwege bedreigingen. Hun hele huis werd doorzeefd met kogels omdat iemand uit de familie zijn drugs niet op de afgesproken plaats had afgeleverd.“

‘Hoe zien ze dat je drugs bij je hebt’? vraagt één van de jongens die het TANA-project volgt. Omstandig legt politiebrigadier Naarden uit dat agenten erop getraind zijn opvallend gedrag te analyseren. „Hier op onze luchthaven kom je er al nauwelijks door, maar op Schiphol is het helemaal moeilijk. Dat is veel groter en ze kunnen je nog veel beter controleren. Als ze je pakken, ga je zo met het vliegtuig weer naar Paramaribo en kom je in Santa Boma terecht.“ Volgens Wim van den Berg is Santa Boma (een gevangenis waar onder anderen jongens tot 18 jaar vastzitten) voor deze jongens het absolute doemscenario. „Het gevolg van een verkeerde keuze is een stigma voor je verdere toekomst.“

Volgens Van den Berg zijn drop-outs voor drugsdealers extra interessant. Ze zijn een gemakkelijke prooi, omdat hetgeen niet haalbaar is door gebrek aan opleiding, wel haalbaar lijkt als je gaat smokkelen. Het verkrijgen van goud en terreinwagens is favoriet. Wie dus gouden bergen kan beloven, spiegelt hun een mooie toekomst voor.“ De jongens zijn ermee bekend. Op de vraag van de brigadier of ze jongens kennen die bolletjes geslikt hebben, wordt druk gegniffeld. Naarden: „Jullie kunnen nu nog kiezen: Een vak leren, of het risico lopen dat je door een keer te slikken je leven lang de gevolgen merkt.“

Geldnood
In totaal gaat via de Surinaamse luchthaven Zanderij jaarlijks zeven ton cocaïne de lucht in op weg naar Nederland. Veel drugs wordt gesmokkeld door jongeren in geldnood. ‘Waarom zou je zo lang werken als je met een retourtje Amsterdam Paramaribo evenveel verdient als normaal in een half jaar’?
De oorzaak van de onweerstaanbare drang drugs te smokkelen wordt in TANA bestreden. Gebeurt dat niet, dan vallen veel van deze jongeren voor de verleiding om drugs te gaan smokkelen. Elly: „Onze boodschap aan de jongeren is dat ze zich niet moeten laten verblinden door de rijkdom van anderen, maar aan hun eigen toekomst moeten werken.“ Het is dan ook de bedoeling dat elke schoolverlater die zich voor de Vakschool meldt TANA gaat volgen. Een kostbaar project dat gelukkig wordt gesponsord door organisaties als de Meursgroep in Woerden en Stichting Kinderpostzegels. In de toekomst zijn er plannen om TANA tot een nationaal instituut te vormen om nog meer drop-outs te trainen.

Verschillende bronnen binnen Suriname zien het „slechte“ onderwijssysteem als grote oorzaak voor het feit dat jongeren hun opleiding niet afmaken en aan lager wal raken. Het onderwijs blijkt niet aangepast aan de Surinaamse situatie. Nog steeds leert de Surinaamse jeugd rekenen aan de hand van stuivers en dubbeltjes. Dit is slechts een klein signaal hoe gestandaardiseerd en achterhaald het onderwijs is. Uit onderzoek van Van den Berg blijkt dat van de 13.502 leerlingen die in 1995 aan het lager onderwijs begonnen, er 4.654 de lagere school niet of niet op het verwachte tijdstip haalden. In de binnenlandse districten haalt nog niet de helft de eindstreep. Wim van den Berg: „Er zijn hier geen bijzondere scholen zoals in Nederland. Zodra daar een leerling buiten de boot dreigt te vallen, gaat men van alles met het kind ondernemen. Hier zijn scholen en leraren daar nog niet op voorbereid. Men kan de lessen niet aanpassen aan een kind dat simpelweg niet geschikt is voor de stof.“ Uit een citaat in Van den Bergs onderzoek blijkt dat niet elke meester of juffrouw door heeft hoe het werkt: ‘Op school werden de verschillende kinderen in domme en knappe rijen gezet. Als je een keer slecht had gewerkt, zette de juf je gelijk terug in de domme groep. Dat maakte me bang’.

Te oud
Sommige jongens zitten op hun vijftiende nog maar in groep 7 van de lagere school en dan moeten ze er echt af. Anderen zijn bijna zeventien en te oud om door te stromen naar een volgende klas van de middelbare school. Zij kunnen naar de vakschool SAO gaan, waar de jongeren nog een beroep leren. De praktijk leert dat het een grote sprong in het diepe is voor de voortijdige schoolverlater. Hij mist vaardigheden in het rekenen, maar ook in de omgang met mensen en regels. Vanuit die nood is TANA geboren

Wim: „Door allerlei oorzaken hebben veel voortijdige schoolverlaters een gebrek aan verantwoordelijkheidsbesef voor hun eigen toekomst. Daar hebben ze simpelweg te weinig over nagedacht. Veel kinderen blijven, meerdere keren, zitten op de lagere school. Samen met de invloeden van de thuissituatie heeft dat een negatief effect op de verdere ontwikkeling van een kind. Er is dus meer nodig om die laatste kans, een vak leren, goed te benutten. Elly: „Eigenlijk is het een soort motivatietraining, waarbij jongeren leren dat ze zelf moeten bouwen aan hun toekomst en verantwoordelijk zijn voor eigen keuzes. Het welslagen van de vakschool is voor hen van levensbelang! Geen jongere wil zonder diploma leven, want geen vak, betekent geen werk, geen werk betekent geen inkomen, dus levenslange armoede.“
„Voor deze jongens is het echt heel moeilijk niet aan de verleiding van het bolletjes slikken toe te geven. Het is een snelle manier om geld te verdienen, maar over de risico’s wordt niet gesproken. Je moet sterk in je schoenen staan om te kiezen voor een vak, een baan.“

De toename van het aantal jongeren dat zijn toevlucht zoekt in het slikken van bolletjes is voor ds. Glenn Blom, directeur van Word en Music Ministries en presentator bij de radiozender ‘Het Alternatief’ tekenend voor het feit dat „grote groepen Surinamers verlamd raken in hun denken en initiatiefloos worden. Jongeren doen niets meer voor niets en willen snel rijk worden en uit de ellende komen. De economische teruggang is haast niet bij te benen.“

Toch zijn Glenn Blom en Wim en Elly van den Berg positief over de Surinamers zelf. Blom: „Ik sta verbaasd over de veerkracht van de Surinaamse bevolking. Het goed opgeleide kader van de Surinaamse beroepsbevolking gaat naar het buitenland, maar als je ziet wat ze hier nog voor elkaar krijgen, staat het beeld dat in de media wordt voorgeschoteld, ver van de werkelijkheid. Dit land is nog maar 27 jaar onafhankelijk. Dan kun je niet verwachten dat het ineens goed functioneert.“

Tip voor de redactie?

Of heb je een foutje gezien? Mail ons

Meer over