Icon--npo Icon--twitter Icon--facebook Icon--instagram Icon--mail Icon--search Icon--video Icon--image Icon--audio Icon--EO Icon--whatsapp Icon--linkedin Icon--snapchat Icon--youtube Icon--quote arrow-right Icon--menu Icon--background Icon--backgroundContent Icon--overlayBottom Icon--overlayTop

Op zoek naar mijn biologische moeder

in Geloven

Ruchama Bom kwam als baby bij haar adoptieouders in Nederland. Toen ze ouder werd, wilde ze op zoek naar haar biologische moeder. Onlangs ging ze terug naar haar geboorteland Sri Lanka en ontmoette daar haar moeder.

Rond haar zestiende ging Ruchama (20) zich afvragen waar ze nu eigenlijk vandaan kwam. Ze wist dat ze uit Sri Lanka kwam, en dat haar moeder niet voor haar kon zorgen. Maar ze wist niet wie haar moeder was en waarom zij Ruchama had afgestaan. „Ik wilde weten wat voor vrouw ze was.“
En dus riepen Ruchama en haar ouders de hulp in van een organisatie die haar zou helpen bij het zoeken naar haar biologische moeder. Al na drie maanden kreeg ze bericht dat haar moeder gevonden was. Ruchama: „Dat was heel snel. We waren voorbereid op een zoektocht van vier maanden tot een jaar. Maar mijn moeder bleek nog in haar geboortedorp te wonen, waardoor ze makkelijk te achterhalen was.“
Vanaf dat moment wilde Ruchama maar één ding: Zo snel mogelijk naar Sri Lanka om haar moeder te ontmoeten. „Ik dacht elke dag: ‘mijn moeder weet dat ik leef’. Via onze contactpersoon in dat land wist ik ook dat mijn moeder heel erg blij was dat ik nog leef en dat ze me graag wilde zien. Dat was heel bijzonder voor mij, want daar had ik naar uitgekeken.“ Toen kon het allemaal beginnen. Na twee jaar stapte Ruchama met haar ouders en zus eindelijk op het vliegtuig, op weg naar haar moeder.

Zenuwachtig
Ruchama had thuis al een lijstje gemaakt met vragen die ze haar moeder wilde stellen. „Ik wilde weten waarom ik ben geadopteerd, wie mijn broertjes en zusjes zijn en hoe het met mijn moeder gaat.“ Ook kocht ze cadeautjes voor haar moeder, zoals een mooie zijden blouse en foto’s.
Eerst toerde ze drie weken door Sri Lanka om haar geboorteland te bewonderen. Daarna stond de ontmoeting met haar moeder op het programma. Ze zouden elkaar op een bepaald punt in Sri Lanka ontmoeten. „Ik was heel erg zenuwachtig. Ik had een voorstelling van hoe de ontmoeting zou zijn. Ik stelde me voor dat we aan een tafel zouden zitten en we elkaar een hand zouden geven. Maar mijn moeder kwam huilend op me af. Het was heel emotioneel. Ik kan het gevoel niet echt omschrijven. Maar dát was mijn moeder.“
Enkele uren kon Ruchama haar moeder zien, horen en voelen. Eigenlijk veel te kort, vindt ze zelf. „Ik had haar veel langer willen zien. Maar ik heb gelukkig wel antwoord op mijn vragen. Ik weet dat mijn moeder niet voor mij kon zorgen, omdat ze heel erg arm was. Dat is ze nog steeds. Bovendien heb ik een handicap, wat de zorg voor mij nog moeilijker maakte.
Ze vertelde ook dat ze het heel erg moeilijk vond om mij af te staan. En daarom was ze denk ik ook zo blij om mij weer te zien. Ze keek steeds naar me en raakte me dan aan. Alsof ze het niet kon geloven dat ik naast haar zat. Dat gevoel had ik ook; is ze het wel echt? Ik lijk heel erg op haar. Dat vind ik echt leuk.“
Het afscheid was voor Ruchama en haar moeder erg moeilijk. Ruchama wilde haar moeder niet achter laten en haar moeder wilde Ruchama niet laten gaan. „Maar we moesten wel. Mijn leven is hier en dat gaat ook door. Maar het was een geweldige reis, om nooit te vergeten.“

Verliefd-zijn
Terug in Nederland denkt Ruchama nog steeds veel aan haar moeder. Ze vertelt: „Ik mis haar, maar aan de andere kant, ik heb hier mijn leven. Ik ben dankbaar dat ik hier op kon groeien, juist als christen. Want mijn moeder is nu boeddhist en ik hoop en bid dat zij ook christen wordt.
Maar ik vraag me wel vaak af hoe het met haar zou zijn. Want ik houd echt van haar. Soms zou ik gewoon eens lekker met haar willen praten. Dan denk ik: ‘Hier zou ik het wel eens met je over willen hebben’. Dingen die ik heb meegemaakt, verliefd-zijn, of verdriet.
Ik ben blij dat ze weet hoe ik het hier heb. Dat ze weet dat het goed met mij gaat, want daar maakte ze zich zorgen over. En het liefst zou ik haar net zo’n leven willen geven als ik heb. Ik zou haar bijvoorbeeld best naar Nederland willen halen, maar ik denk dat ze hier nooit kan wennen. Ze woont daar tenslotte al heel haar leven. Wel ondersteunen we haar financieel en we willen ook zorgen dat ze betere huisvesting krijgt.“

Twee moeders
Ruchama heeft nu eigenlijk twee moeders. Maar dat vindt ze geen probleem. „Ze zijn allebei mijn moeder en allebei houden ze van mij. En dat vind ik het belangrijkste. Ik dacht in het begin wel dat mijn ouders het misschien moeilijk zouden vinden dat ik nu ook een moeder in Sri Lanka heb. Maar dat is niet zo. Ik kan er met hen eerlijk en open over praten en ze zijn eigenlijk van begin af aan heel open geweest over mijn adoptie. Ze lieten me vrij als ik op zoek wilde naar mijn moeder.“
Zou ze ooit terug willen? Haar ogen lichten op: „O, ja, als het kon volgend jaar weer. Zeker weten! Ook omdat het land zo heel erg mooi is. Ik zou niet voor altijd terug willen. Ik denk dat dat ook niet kan vanwege mijn handicap. Maar ik zou er wel graag een paar maanden vrijwilligerswerk willen doen in een weeshuis bijvoorbeeld.“

Tip voor de redactie?

Of heb je een foutje gezien? Mail ons