Icon--npo Icon--twitter Icon--facebook Icon--instagram Icon--mail Icon--search Icon--video Icon--image Icon--audio Icon--EO Icon--whatsapp Icon--linkedin Icon--snapchat Icon--youtube Icon--quote arrow-right Icon--menu Icon--background Icon--backgroundContent Icon--overlayBottom Icon--overlayTop

Nina Aström: 'Muziek is bijzonder, grappig en vreemd'

in Geloven

Rustig en bedeesd. Het zijn woorden die de Finse zangeres Nina Aström als geen ander typeren. Ze is lerares, artiest, maar vooral vrouw en moeder van twee tieners. Deze week kwam haar nieuwe cd Real Life uit. Ondertussen treedt ze op: van koffiebar tot zwaarbewaakte gevangenis in Rusland.

De muzikale carrière van Nina Aström begint als zij – als moeder en lerares Engels – eind jaren 80 optredens gaat geven in eigen land. Een jaar later komt Europa in beeld als Nina met de Nederlander Gerrit aan ‘t Goor in contact komt. Gerrit wordt Nina’s manager en vaste tekstschrijver. In 2000 krijgt haar carrière een flinke impuls als ze meedoet aan het Eurovisie Songfestival in Stockholm. Ze wint niet, maar het zorgt er wel voor dat ruim 100 miljoen mensen kennis maken met haar muziek. Tegenwoordig treedt ze veel op, in binnen- en buitenland, op scholen, in kerken, in sporthallen en gevangenissen. Deze week kwam haar zevende cd Real Life uit, met medewerking van onder meer Phil Keaggy. Het resultaat is een cd met zeer rustige en gerijpte muziek, met juweeltjes van songs en ook enkele gecoverde songs. „De cd is voor het grootste gedeelte in Finland opgenomen,“ vertelt Nina. „Het resultaat is een album dat echt naar mijn smaak is, met een aantal heel rustige nummers. Ik houd van deze muziek en ik denk dat ik ook een stem heb voor rustige nummers. Met deze muziek kan ik goed communiceren en verschillende dingen muzikaal gezien verwoorden.“

Je bent getrouwd, moeder van een tweeling, je geeft Engels op een Finse school en je zit in de muziek. Red je het nog een beetje?
„Ik denk dat ik meer artiest ben dan lerares. De laatste tien jaren is de muziek het voornaamste waar ik me mee bezighoudt. Maar ik mag het allebei graag doen: zingen en lesgeven. Dat komt omdat ik van communiceren houd. Ik houd ervan om dingen te delen met andere mensen, of dat nu zingen, spreken of lesgeven is. De laatste tijd spreek ik vaker tijdens seminars en workshops en ik houd daarvan. Maar ik ben en blijf vooral moeder en vrouw, dat is mijn eerste prioriteit, hoewel ik erg houd van het werk wat ik mag doen.“

Zing je ook wel eens voor je leerlingen in de klas?
„Eehm, het is meer gebruikelijk dat zíj zingen en dat ik met ze meezing. Maar soms zeggen ze: ‘Please, zing wat voor ons...’ Dan doe ik dat wel, maar ik heb het liefst dat ze met me meezingen.“

Voel je je anders opgelaten?
„O nee! In het algemeen maakt het me ook niet uit of ik voor een klein of groot publiek zing, hoewel ik me thuisvoel bij de intimiteit van een klein publiek. Nee, het is meer dat ik mezelf in de klas niet zo op de voorgrond wil plaatsen.“

Je zingt en begeleidt jezelf vaak op de piano. Wat doet dat met je?
„Het geeft me vooral vreugde. Maar het zingen op zichzelf is voor mij meer communicatie, het is als spreken. Ik heb iemand nodig om ‘tegenaan te zingen’ als het ware. Dus die vreugde ervaar ik vooral in het contact hebben met iemand. Ik zing niet veel voor mezelf of als ik alleen ben, ik zing het liefst voor mensen.“

Mensen worden vaak geraakt door wat je zingt of zegt, maar ook vooral door de intimiteit die rond jouw muziek en optreden hangt. Hoe komt dat?
„Ik weet het niet. Wel weet ik dat ik van die intieme sfeer houd. Ik denk dat mensen ook niet het gevoel hebben ‘ik zit hier met 200 anderen’, het is meer jij en degene die iets via muziek communiceert. Ik wil ook graag zingen en praten over onderwerpen die belangrijk zijn en er toe doen. Dat kan over Jezus zijn of over andere zaken die echt belangrijk zijn. Ik zou niet achter de piano kunnen zitten en onzin vertellen, omdat communicatie waardevol is.“

Het lied ‘Child Without A Face’ (Kind zonder gezicht) gaat onder meer over de gevoelens van verdriet die loskomen als een vrouw een miskraam heeft gehad. En elke keer is het opnieuw indrukwekkend als je het zingt en mensen worden er vaak door ontroerd. Komt dat omdat je hier zelf doorheen gegaan bent?
„Ik denk het wel. Ik vertel in dit lied wat me is overkomen toen ik een miskraam had. Tegelijkertijd weet ik – statistisch gezien alleen al – dat er zo ontzettend veel vrouwen zijn die door datzelfde zijn heengegaan. Want een miskraam krijgen, is een groot en moeilijk iets voor vrouwen, maar ook voor hun mannen, maar mensen praten er niet over. In dat opzicht wil ik mensen op hun hart drukken: je moet er iets mee doen, ook richting God. Want ik weet zeker dat God er ook van weet, dat Hij er verdriet van heeft en dat het voor Hem ook belangrijk is.“

Helpt muziek om over deze tere onderwerpen te communiceren?
„Oh ja. Muziek is een bijzonder, grappig en vreemd iets. Ik werk er al zo lang mee en ik weet nog steeds niet hoe het werkt. Ik denk dat muziek een grote gift is. Want muziek bereikt een persoon op een andere manier dan bijvoorbeeld het gesproken woord. Iemand die bijvoorbeeld totaal geblokkeerd is voor woorden, kan geraakt worden – diep van binnen – door muziek. Muziek staat ook boven de talen. Ik heb wel eens in Rusland gespeeld en gezongen. Dan weet je: men verstaat niets van wat ik zing en toch zie je dat mensen geraakt worden of genieten van de muziek. Ik heb meer en meer geleerd dat ik God kan vertrouwen, dat Hij kan communiceren in muziek, wat Hij wil, als ik maar volhard in mijn werk.“

Je zingt af en toe ook in gevangenissen. Je hebt in Rusland gespeeld, in gevangenissen in Finland, in Nederland, enzovoort. Is het spelen in gevangenissen niet meer iets voor christelijke rockbands?
„Toen ze me voor het eerst vroegen om zoiets te doen, was ik daar vrij sceptisch over. Ik heb niet dezelfde achtergrond als veel gevangenen, ik ben niet al te fors van postuur en maak geen ruige muziek en ik voelde me niet zo op m’n gemak omdat ik een vrouw ben. Uiteindelijk hebben ze me overgehaald om te komen en toen ik voor het eerst in een gevangenis had gespeeld, heb ik het daarna vele malen gedaan. De eerste keer dat ik daar speelde, voelde ik dat het klikte, dat het werkte. Ik wist niet wat God deed met mij of met hen, maar ik zag de mensen en ik zag hun ogen. Ik zag dat ze luisterden. Alle mensen, binnen en buiten de gevangenis, willen hetzelfde. Uiteindelijk wil iedereen zich geaccepteerd weten en zich geliefd voelen. En veel mensen doen stomme dingen om geaccepteerd te worden. Dat heb ik de afgelopen jaren geleerd, ook in de confrontatie met meer glamourachtige zaken, zoals het Eurovisie Songfestival, of andere dingen. Het maakt niet uit waar je komt: mensen willen hetzelfde: zich geliefd voelen. En sommige mensen hebben meer geld, anderen hebben niets en zitten vast, maar die basisbehoefte blijft.“

Wat gebeurt er als je optreedt in een gevangenis?
„Ze zijn heel stil, ze kijken en luisteren en zuigen elk woord op wat je zingt of zegt. Je moet niet vergeten dat het soms moeilijk is in gevangenissen. Zeker in gevangenissen in Rusland of de Oekraïne, waar het eten slecht is, waar het koud is. Mensen komen daar tot op de bodem van hun bestaan. En al het goede wat aangeboden wordt, wordt opgeslorpt als het ware. Vaak kun je aan de ogen zien dat er iets met ze gebeurt. Ik kijk graag naar ogen. Soms worden mensen christen in de gevangenis. Maar het belangrijkste zijn de mensen die mij uitnodigen. Ik bedoel: ik kom één keer in zo’n gevangenis voor een optreden, maar zij komen er elke week. Met het Evangelie en met andere vormen van hulp. En je ziet gewoon levens veranderen. Maar ook gevangenissen waar dit soort dingen gebeuren, zie je veranderen: de sfeer wordt minder hard, meer menselijk. Het is het zo ongelooflijk waard om daar je steentje aan bij te dragen.“

Tip voor de redactie?

Of heb je een foutje gezien? Mail ons