Icon--npo Icon--twitter Icon--facebook Icon--instagram Icon--mail Icon--search Icon--video Icon--image Icon--audio Icon--EO Icon--whatsapp Icon--linkedin Icon--snapchat Icon--youtube Icon--quote arrow-right Icon--menu Icon--background Icon--backgroundContent Icon--overlayBottom Icon--overlayTop

Groot professor in het piepkleine

in Geloven

Prof. dr. Cees Dekker houdt zich bezig met de kleinste aardse materie. De fysicus en nanotechnoloog ontvangt in februari de prestigieuze Spinozapremie voor zijn baanbrekende werk. „Ik word op grond van moderne natuurwetenschappelijke kennis meer en meer bevestigd in mijn conclusie dat er een Schepper moet zijn.“

Wie natuurkundige is en in God gelooft, moet wel een gespleten persoonlijkheid hebben, zei Nobelprijswinnaar Simon van der Meer. „Ik stoor me aan zo’n uitspraak,“ zegt prof. dr. Cees Dekker (44). Ik ervaar het volstrekt niet zo. Ik zou het eerder omdraaien; als je atheïst bent, ontken je namelijk een heel stuk van de werkelijkheid om je heen. Het is voor mij juist heel natuurlijk om wetenschapper en gelovige te zijn.“

Ook hoogleraren hebben wel eens een dagje vrij. Al komt dat niet vaak voor, benadrukt de joviale Dekker. Vandaag is hij met zijn vrouw naar het strand geweest. Nu, op zijn dakterras in Delft, vertelt hij enthousiast over zijn vakgebied, de moleculaire biofysica. „Dat mag wel, hè? Het is namelijk zo ontzettend boeiend.“ Volgens Dekker, die aan de Technische Universiteit Delft een onderzoeksgroep van bijna veertig personen leidt, stelt iedereen de vraag wat er dan zo leuk aan is en waar je het voor kunt gebruiken. De eerste vraag gaat hem makkelijk af. „Het is intrigerend hoe dingen in elkaar zitten. Het is mooi als je zoiets begrijpt.“ Zijn vingers maken een friemelende beweging. „Tot in het allerkleinste detail kunnen we bekijken hoe bijvoorbeeld een cel in je lichaam in elkaar zit en hoe elk onderdeel daarvan werkt. Sinds een jaar of tien hebben we de gereedschappen om zelfs één atoom beet te pakken, te verschuiven en daaraan te meten. Eén zo’n atoom! Kleiner dan een miljoenste van een millimeter. Nou, dat vind ik fascinerend.“

Nieuwsgierigheid
Dekker is geen duffe professor die op eenzame hoogte leeft. Als vader van drie kinderen en diaken in een evangelische gemeente staat hij met twee benen in de maatschappij. Moedig doet hij een poging om zijn dagelijks onderzoekswerk aan zijn kinderen uit te leggen. „Met sterke microscopen kunnen we kleiner en kleiner inzoomen en kijken hoe bijvoorbeeld het stukje hout van deze tafel in elkaar zit...“
„Ik word vooral gedreven door nieuwsgierigheid,“ bekent Dekker. „Het begrijpen op zich is voor mij al een prima doel voor mijn onderzoek.“ Ten diepste is dit een soort verwondering voor de wereld en hoe die in elkaar steekt. „Dat is een diepe drijfveer voor mij. Het raakt ook zeker aan mijn geloof in een scheppende God Die alles iedere seconde in stand houdt. Het is overigens niet iets dat dagelijks naar voren komt in contacten met je collega’s op de vakgroep.“ In de praktische uitvoering van het werk – zoals overleg over onderzoeksresultaten of de aanschaf van een nieuw apparaat – heb je het daar volgens de prof niet vaak over. „Toch zijn er altijd weer gelegenheden waar dit wel ter sprake komt.“

Dat een christen de hoogste prijs in wetenschappelijk Nederland wint, noemt Dekker niet heel bijzonder. „Op mijn afdeling is misschien een kleine helft van de hoogleraren christen.“ In de natuurkunde is de spanning tussen geloof en wetenschap niet heel groot, beweert hij. „In de biologie, waar evolutie zo’n overkoepelend concept is, is dat anders. Waar er overlap is, gaat het vaak over de filosofische grondslagen van de wetenschap. Geloof je dat alles door toeval is ontstaan of heb je een christelijk wereldbeeld waarin God deze wereld op een prachtige, rationele en geordende manier in elkaar heeft gezet? Daar gaan de wegen wel uiteen en kun je interessante discussies voeren.“

Conclusie
Dekker groeide op in een gereformeerd milieu, ging twee keer per zondag naar de kerk. „In mijn tienerjaren ben ik zelf met de grote vragen aan de gang gegaan. Als ik nu terugkijk, denk ik dat ik toen al bezig was met vragen als: waar komt het heelal vandaan en hoe kan alles in elkaar zitten zoals het zit? Op een rationele manier daarover nadenkend kwam ik daarbij tot de conclusie dat er een God moest zijn,“ overpeinst hij. „Later werd ik actief in een koffiebar van Youth for Christ en heb daar een persoonlijke keus voor God gemaakt. Toen ben ik gaan studeren en werd ik kerkelijk actief op allerlei fronten. Sinds een jaar of tien wonen we in Delft. Met de verhuizing zijn we overgegaan naar een evangelische gemeente.“ ‘s Avonds is Dekker vaak op pad voor de gemeente.

Als nanowetenschapper staat Dekker wereldwijd hoog aangeschreven. En dat is te begrijpen. Zijn onderzoek is baanbrekend en wordt alom geroemd. Met zijn groep deed hij „heel erg mooi werk aan koolstof nanobuisjes.“ Bij deze moleculen ontdekten ze in Delft zeer bijzondere elektrische eigenschappen. Op het niveau van een enkel molecuul, „door een soort draadje met een doorsnede van een miljoenste millimeter,“ kan nu elektrische stroom geleid worden. Daar was lang naar gezocht, maar het was nooit eerder ontdekt. „Wat je ervan leert, is hoe elektronen op het aller-allerkleinste niveau beschreven kunnen worden.“ De nanobuismoleculen kunnen hierdoor gebruikt worden als transistors, de schakelelementen in microchips van computers. Mogelijk voor de computers van de toekomst. De anderhalf miljoen euro die de Spinozapremie met zich meebracht, gebruikt Dekker voor verder onderzoek.

Wonderbaar
Toch wordt Dekker naast alle erkenning ook heftig bekritiseerd. Niet vanwege zijn wetenschappelijke prestaties, maar omdat hij zich naast zijn vakgebied ook ‘bemoeit’ met de evolutiebiologie en het ontstaan van leven. De aftrap daarvoor gaf hij al met zijn inaugurele rede in november 2000. Daarin stelde de kersverse hoogleraar onder andere dat er voor het alom geaccepteerde mechanisme van Darwins evolutietheorie – als verklaring voor het ontstaan van nieuw leven – verbazend weinig wetenschappelijke onderbouwing is. Volgens Dekker kunnen bepaalde, onherleidbaar complexe biologische systemen onmogelijk door de combinatie van mutaties en natuurlijke selectie zijn geëvolueerd, zelfs niet in de lange periode van onze vier miljard jaar oude aarde. De wetenschapper sloot zijn oratie af met een duidelijk getuigenis: „De verwondering over de ontzagwekkende nanowereld kan mij alleen maar brengen tot een diep ontzag voor de Schepper Die dit alles uitgedacht en gemaakt heeft. Ofwel, in de drieduizend jaar oude woorden van David, dichter en koning van Israël: ‘Mijn lichaam werd door U geweven. Ik wil U loven omdat ik verbazend wonderbaar gevormd ben. Wonderbaar zijn Uw werken’, en ik erken dit van ganser harte.“

Dekker geeft aan dat hij altijd zoekende is waar de nieuwe uitdagingen liggen in de wetenschap. Hij heeft een lange lijst van open vragen in zijn eigen vakgebied van de moleculaire biofysica. Maar grote en interessante uitdagingen liggen er volgens hem zeker ook op het gebied van de evolutiebiologie. „Het is eigenlijk geïnitieerd door boeken van professor Arie van den Beukel (emeritus hoogleraar bij de TU Delft, red.), met name door zijn tweede boek, dat terecht aangeeft dat er daar nog heel veel grote vragen liggen en er heel veel onbekend is. Als wetenschapper is het interessant als je zo’n situatie hebt.“

Dekkers interesse voor het gebied van de evolutiebiologie heeft een diepe oorzaak. „Eigenlijk heeft het te maken met die oervraag: bestaat God?
Ik ben zoals gezegd een gelovig mens, ervaar dat God er is. Maar er zijn van die luidruchtige mensen als Richard Dawkins die zeggen dat wie Darwin ontkent, onwetend, dom of gek is. Dat soort stellige statements heeft me tot nadenken gezet: Heeft hij nu gelijk of niet?“
Hij aarzelt. „Het was een soort twijfel op een diep, existentieel niveau. Dat was een jaar of zes geleden. Ik ben daar heel veel over gaan nadenken en gaan lezen. Wat valt er natuurwetenschappelijk over te zeggen? Ik heb toen ontdekt dat zulke soort stellingen zeker niet op natuurwetenschappelijke feiten is gegrond, maar dat het ten diepste geloofsuitspraken van Richard Dawkins zelf zijn. Hij suggereert wel sterk dat hij die op natuurwetenschappelijke gronden doet, maar dat is onzin.“ Stellig: „Het is namelijk niet zo. Ik word op grond van moderne natuurwetenschappelijke kennis meer en meer bevestigd in mijn conclusie dat er een Schepper moet zijn.“

Noodzaak
In de hele maatschappij zie je volgens Dekker dat het evolutionistisch denken de overheersende cultuur is. „In de geest van de Verlichting past Darwins theorie natuurlijk erg goed. Als je een atheïstisch-materialistisch wereldbeeld hebt, móet er wel iets dergelijks zijn gebeurd. Het is gewoon noodzaak. We zijn hier tenslotte, we bestaan. In de biologie is het overheersende paradigma dat alles door Darwins toevalsmechanisme voor evolutie moet zijn ontstaan. Als je daar enige aanmerkingen op hebt, krijg je inderdaad veel kritiek over je heen.“

Dit heeft toch niets met wetenschap te maken?
„Nee, dat klopt. Het is vooral een filosofische discussie, maar het is interessant hoe je dat koppelt aan wetenschappelijke waarnemingen. Uiteindelijk is het een discussie over wereldbeelden. Als je één punt centraal zou moeten stellen, is het je wereldbeeld. Het kernpunt daarvan is het al dan niet bestaan van een God, een Ontwerper, Die deze wereld met een doel heeft geschapen. Ik vind zelf het christelijke wereldbeeld de meest consistente manier om naar de werkelijkheid te kijken. Een atheïstisch wereldbeeld met ten diepste alleen maar atomen en natuurwetten, vind ik een erg beperkt, arm wereldbeeld.“
Binnen een christelijk wereldbeeld zijn er allerlei mogelijkheden voor theorievorming rond de geschiedenis van onze aarde, aldus Dekker. „God kan ‘ploeps’ alles hebben laten ontstaan of Hij kan evolutionaire processen hebben gebruikt. Alles is mogelijk binnen datzelfde wereldbeeld. In het atheïstisch wereldbeeld is dat niet zo. Daarin is geen plaats voor God, dus alles moet logischerwijs wel door toeval zijn ontstaan. Dus als je vragen stelt, kritische notities plaatst bij het Darwinistisch model, dan schud je eigenlijk direct aan de grondvesten van het atheïstisch wereldbeeld.“ Dat verklaart volgens Dekker wellicht ook de heftige emoties in sommige reacties op zulke kritiek.

Wie wetenschap vermeerdert, vermeerdert smart?
„Jazeker. Als je al deze vragen niet hebt, hoef je je er ook niet druk over te maken. Dat is wellicht een stuk makkelijker. Maar het is niet alleen maar smart hoor, het kan ook zeer bevredigend zijn.“

Niels Eckhardt

Tip voor de redactie?

Of heb je een foutje gezien? Mail ons