Icon--npo Icon--twitter Icon--facebook Icon--instagram Icon--mail Icon--search Icon--video Icon--image Icon--audio Icon--EO Icon--whatsapp Icon--linkedin Icon--snapchat Icon--youtube Icon--quote arrow-right Icon--arrow-down Icon--chevron-right Icon--menu clock Icon--background Icon--backgroundContent Icon--overlayBottom Icon--overlayTop Icon--girl Icon--boy Icon--cross

Angst!

Als angst je leven beheerst

in Geloven

Iedereen is wel eens bang. Bang voor spinnen, een ziekte of de dood. Wat is angst eigenlijk? Is het normaal? En wat als angst je verlamt en je leven onleefbaar maakt?

Meneer Visser (39) kampt met fobische angsten. Zijn voortdurende angst andere mensen door zijn toedoen in gevaar te brengen, beheerst zijn hele leven. Sinds zijn dertiende heeft hij smetvrees en in de loop van de jaren hebben straatangst, vergiftigingsangst, controledwang en dwanggedachten zijn leven langzaamaan tot een nauwelijks leefbare situatie gemaakt. Hij vertelt: “Alle fobieën spelen zich door elkaar in mijn leven af. Dat maakt het ook zo complex. Smetvrees in combinatie met controledwang maakt dat je niet alleen alles tot in het extreme schoonhoudt, maar ook dat je het dwangmatig controleert.”
Tot in het absurde, blijkt. Tweeënhalf uur onder de douche staan, tien, twintig keer per dag controleren of het toilet wel schoon is. Door zijn vergiftigingsangst, de angst om anderen te vergiftigen, is hij bovendien voortdurend bang dat hij bijvoorbeeld terpentine in het koffiezetapparaat doet, in plaats van water. “Ik weet dat er geen terpentine in het apparaat zit en toch geloof ik het niet. Dus gooi ik het eruit en vul hem opnieuw met water. Maar niet een keer, soms wel vijf keer. En als iemand dan de koffie drinkt, ben ik alleen maar bang dat de persoon het niet overleeft. Want er zat toch echt terpentine in.”

Normale reactie

Volgens Peter Roelofsma, psycholoog aan de Vrije Universiteit in Amsterdam en tevens campuspastor, is angst een normale reactie op een dreiging of op een stresssituatie.
Hij legt uit: “Angst hoort bij het leven op aarde. Als er bijvoorbeeld een brand is, zijn mensen angstig. Het zou raar zijn als je dan niet angstig zou worden. Zo is angst voor bijvoorbeeld ziekte een heel normale reactie. Ziekte kan een afschuwelijke dreiging voor je leven zijn. En wanneer wordt dat irreëel? Dat is moeilijk te bepalen. Op het moment dat het je hele leven gaat beheersen, terwijl er nog helemaal geen indicatie is voor dreiging of stress, gaat het irrationele vormen aannemen en kan het zelfs een stoornis worden.”
De psycholoog onderscheidt vier soorten angst. Zo is er de diffuse angst. Deze soort komt voor bij mensen die voortdurend last hebben van een knagend angstig gevoel, maar eigenlijk niet goed weten waar dat vandaan komt. Vijf procent van de mensen lijdt hieraan.
Andere angsten maken deel uit van het natuurlijke beschermingssysteem van ons lichaam. Roelofsma: “In de psychologie noemen we dat vrees. Het is de normale reactie om je leven te beschermen. Een natuurlijk systeem dat in werking treedt, zodra er gevaar is of dreiging. Als je een beer tegenkomt, is je normale, ingebouwde reactie: wegrennen.
Om die reden onderscheiden we ook aangeleerde angst: Je hebt geleerd bang te zijn voor dingen, waar je van nature niet angstig voor hoeft te zijn. Als je een slechte verhouding hebt met je vader, kan het zijn dat je angst gaat ontwikkelen voor hem. Je hebt ‘vrees’ voor hem gekregen, door de manier waarop hij jou behandelt. Terwijl dat natuurlijk niet zo hoort.”
De laatste categorie is die van de fobieën. Intense angstgevoelens die vaak ook irrationeel zijn. Angst neemt dan storende vormen aan, waarom ook gesproken wordt over angststoornissen.

Schuld

Door de dood van Vissers moeder, die ook straatangst en smetvrees had, kwam voor Visser alles in een stroomversnelling. Hij was toen twintig en op de een of andere manier was er vanaf die tijd een leegte in zijn leven die opgevuld moest worden. Hij had geen zelfvertrouwen, was eenzaam. Als kind eigenlijk al. Want hij mocht geen vriendjes mee naar huis nemen, niet in de zandbak spelen, en als hij in huis al mocht spelen, moest hij het ook gelijk weer opruimen. “Ik denk dat ik als een soort tegenreactie die fobieën ontwikkelde.”
Visser leeft voortdurend met de angst dat hij ergens de schuld van is. “Stel dat ik het gas aan laat staan als ik wegga. Ik ben dan weg, maar de buurman ontploft. Dat is dan mijn schuld. Het draait eigenlijk allemaal om de dood en mijn schuld. Ik leef met de angst dat als ik op straat loop, mensen voor mij uit moeten wijken en bijvoorbeeld in de sloot belanden, zonder dat ik dat merk. In het begin moest ik van mijzelf de stukken die ik gelopen had, weer helemaal teruglopen, ook al was het aan de andere kant van de wijk, om te kijken of er met iemand iets gebeurd was. Maar tijdens het teruglopen, kon er wel weer wat gebeuren, dus dan bleef ik bezig. Soms stond ik een kwartier bij een kruispunt. Ik stond er als een blok, verstijfd van angst om een ander iets aan te doen. En als ik overstak, moest ik gelijk weer terug om te zien of er niets gebeurd was.”
Uiteindelijk zag hij zelf in dat het zo niet langer kon en zocht hij hulp. Nu heeft hij medicijnen, waarmee hij de angsten redelijk onder controle kan houden. “Alleen de controledwang kan ik er niet mee stoppen. En dat is moeilijk, want dat betekent bijvoorbeeld dat als ik de deur op slot doe, ik dat steeds moet controleren. Ik hoor en zie dat de deur op slot gaat, maar het kwartje valt niet om te weten dat het echt zo is. En hoe langer ik van huis wegga, hoe erger het wordt. Want als ik een uurtje weg ben, kan er minder gebeuren, dan wanneer ik de hele dag weg ben. Het gekke is dat ik met mijn verstand heel goed weet dat het allemaal onzin is. Maar mijn gevoel gaat met mijn verstand op de loop.
Toch ben ik niet bang voor bijvoorbeeld de dood of voor een ernstige ziekte. Ik weet dat er na dit leven een nieuw leven komt, dus waarom zou ik bang zijn voor de dood?”

Visser werd vier jaar geleden in een baptistengemeente gedoopt. Sinds die tijd kan hij zijn ziektes beter accepteren en heeft hij meer rust. Hij vertelt: “Voor die tijd werd ik altijd ontzettend boos als ik weer een kwartier voor de deur stond en niet weg kon komen. Nu ben ik de rust zelf. De dwang is er nog wel, maar ik leer ermee omgaan, hoewel ik nog wel mijn vragen heb. Want waarom moet ik hiermee leven? Maar ik denk niet dat ik daar in dit leven een antwoord op krijg.”

Alleen-zijn

Roelofsma heeft het idee dat het aantal typen angst toeneemt. Enerzijds omdat de wetenschap steeds meer te weten komt over de verschillende soorten angststoornissen in westerse en niet-westerse culturen, anderzijds omdat het leven complexer wordt. “Het leven is dynamisch, er is voortdurend verandering, veel mensen ervaren tijdsdruk en stress,” meent hij. “Er is veel keuzevrijheid gekomen. Dat lijkt heel mooi, maar keus baart ook angst. Op technologisch gebied zijn we beter af dan vroeger, maar in de sociale structuur zijn we er op achteruit gegaan. De sociale omgeving is uiteengevallen, iedereen leeft voor zich. Alleen-zijn, maakt angstig. Het idee dat je alleen op de wereld bent, zonder dat je controle over de dingen hebt, speelt bij heel veel mensen een grote rol in hun angsten. De maatschappij is seculierder geworden, God is verder weg van mensen en de mens is verder komen te staan van zijn mede-mens. Dat is het meest lugubere scenario van angst.
Dé manier om met angst om te gaan, is daarom mensen om je heen hebben bij wie je je veilig voelt. Maar ook: om goed contact met mensen te hebben, heb je goed contact met God nodig. God vraagt ons van Hem te houden en van onze naaste als onszelf. Die twee kun je niet los van elkaar zien. Als je er voor je medemens wilt zijn, moet ook die relatie met God goed zijn.
Om uit te vinden waar je angst vandaan komt en hoe je daar mee om kunt gaan, is het goed jezelf vragen te stellen als: In hoeverre accepteer ik mijzelf, mijn uiterlijk en wie ik ben? In hoeverre accepteer ik de ander, mijn vader, broer, buurvrouw? Accepteer ik de situatie waarin ik zit? En in hoeverre accepteer ik Jezus?”

Zekerheid

De psycholoog benadrukt het belang van het zeker zijn over jezelf en anderen en de talenten die God gegeven heeft, maar bovenal de zekerheid van je redding. “Als je ergens wilt komen, moet je wel weten waar je staat. Dat is acceptatie. En realiseren we ons dat wie twijfelt aan Jezus, niet verbaasd moet zijn dat hij angstig is?” Betekent dat ook dat als je angstig bent, je dus onvoldoende geloof hebt? “Nee,” antwoordt hij resoluut. “Dat is oorzaak en gevolg omdraaien. Dat gaat te ver. Er kunnen meer redenen zijn om angstig te zijn. Maar als je het vaste geloof in Jezus niet hebt, ontbreekt er wel een zekerheid die essentieel is om met vertrouwen in het leven te staan. Want de vijand, de duivel zal er alles aan doen om ons angstig te maken en ons van God af te keren, misschien wel juist als het einde van de vijand nadert. En zolang we dan maar met de materialistische maatschappij mee hobbelen en eigenlijk geen goed antwoord hebben op de vraag waarom we hier op aarde zijn, blijven we angstig. Terwijl we als christenen toch mogen geloven dat ons heil in het hiernamaals is. Daarom: geloof je dat je God nodig hebt en dat je je angst bij het kruis mag brengen in het geloof dat je acceptatie in God ligt?”

Tip voor de redactie?

Of heb je een foutje gezien? Mail ons