Icon--npo Icon--twitter Icon--facebook Icon--instagram Icon--mail Icon--search Icon--video Icon--image Icon--audio Icon--EO Icon--whatsapp Icon--linkedin Icon--snapchat Icon--youtube Icon--quote arrow-right Icon--menu Icon--background Icon--backgroundContent Icon--overlayBottom Icon--overlayTop

Help! Ik word net als mijn moeder!

Over karakter en erfenis van de genen

in Geloven

‘Ik heb altijd gezegd dat ik niet op mijn moeder wilde lijken en nu word ik precies als zij’. Of: ‘Ik heb me stellig voorgenomen nooit zo gierig te worden als mijn ouders, maar nu lijkt het wel of ik een gat in mijn hand heb’.

Bovenstaande uitspraken klinken veel mensen bekend in de oren. Mensen die zich stellig hadden voorgenomen anders te gaan leven dan hun ouders, maar toch terugvallen in die oude, maar bekende leefwijze. Of juist het tegenovergestelde gedrag in extreme mate vertonen. Hoe komt dit? En valt dat proces te doorbreken?

Scheefgroei

Het kan ook gebeuren dat het ene kind uit een gezin prima functioneert, terwijl het andere kind, dat dezelfde opvoeding heeft gehad, psychische klachten krijgt. Hoe komt dat?
Jetty van Dijk, gezondheidszorgpsycholoog bij Eleos en gespecialiseerd in de behandeling van persoonlijkheidsproblemen: “Ik denk dat dat komt omdat mensen ook een bepaalde aanleg in de persoonlijkheid, een bepaalde gevoeligheid hebben, die de kans groter maakt dat er spanningen ontstaan of zelfs dingen scheef groeien, bijvoorbeeld in de relatie tussen ouder en kind.
Ook kan het zijn dat als ouders voortdurend conflicten hebben, of als er een zorgenkind in het gezin is, in combinatie met het karakter de kans op scheefgroei groter wordt.
Een derde mogelijkheid is dat het kind zelf ingrijpende dingen heeft meegemaakt, zoals misbruik, emotioneel of lichamelijk. Dat maakt het risico op problemen bij een bepaalde persoonlijkheid groter.”

Aanpassen of vastlopen

Ieder mens heeft een eigen karakter, een eigen persoonlijkheid. Deze persoonlijkheid ligt voor een deel al vast bij de geboorte, maar wordt ook mede gevormd door opvoeding, vrienden, gebeurtenissen en keuzes die gemaakt worden.
De basis van de persoonlijkheid wordt gelegd in de kinderjaren. Wat overigens niet wil zeggen dat als die basis in de eerste jaren verkeerd gelegd wordt, het automatisch bij het ouder worden fout gaat. Evenmin is een goede basis een garantie voor een probleemloze volwassenheid. Ad Drewes, psychotherapeut bij Eleos (stichting gereformeerde geestelijke gezondheidszorg) zegt daarover: “Ieder kind heeft een aantal basisbehoeften, waaraan voldoende tegemoet gekomen moet worden. Denk bijvoorbeeld aan veiligheid, je verbonden weten of gewaardeerd worden. Als dat niet gebeurt, ontwikkelen mensen een bepaald patroon om toch te overleven. Mensen kiezen bepaalde oplossingen voor problemen die ze tegenkomen. Ze leren een bepaalde manier van leven aan, die goed past bij de situatie.
Er zijn mensen die daar prima mee kunnen leven en die van moeilijkheden alleen maar sterker en wijzer worden. Maar er zijn ook mensen bij wie later, in een nieuwe situatie, blijkt, dat wat ze aangeleerd hebben helemaal niet zo super-ideaal is. Zo iemand kan volledig onderuit gaan.
Of het in je verdere leven goed of fout gaat, hangt dus niet alleen af van je opvoeding, de manier waarop de basis is gelegd, maar ook van wisselwerkingen in de omgeving. Kan iemand zich aanpassen of loopt hij vast?”

Alcoholist

Maar dan het misschien wel klassieke voorbeeld van mensen die zich, alle goede voornemens ten spijt, toch net zo gedragen als hun ouders. Drewes: “Stel dat iemand zegt: ‘Ik ben thuis geslagen, dus later wordt er bij mij thuis absoluut geen geweld gebruikt. Ik laat mijn kinderen vrij’. Je kinderen halen je op een gegeven moment het bloed onder je nagels vandaan, waardoor je uit machteloosheid toch gaat slaan.” Van Dijk vult aan: “Ook omdat je niet geleerd hebt hoe het anders moet en je vanuit je eigen beschadiging misschien toch eerder boos raakt.”
Drewes: “Kijk, er is een Japans spreekwoord: ‘Een vis heeft geen woord voor water’. Het is zo gewoon, het zit er zo ingebakken, dat je niet door hebt hoe je het dan anders moet doen. Je ziet dat ook bij meisjes die een aan alcohol verslaafde vader hebben. Hoe vreselijk hun leven ook kan zijn, toch trouwen ze vaak weer met een alcoholist. Gewoon omdat ze geleerd hebben daarmee te leven en niet weten hoe ze met een ‘normaal’ iemand moeten leven. Hoe bizar het ook klinkt, ergens is het leven met een alcoholist toch veilig voor hen, omdat het bekend is.”
Het kan ook zijn dat iemand doorslaat naar de andere kant. Zoals in het geval van iemand die heel benauwd en close opgegroeid is en besluit een partner te kiezen die heel zelfstandig is en zijn eigen gang kan gaan. Drewes: “Maar dan blijkt dat die partner eigenlijk in het andere uiterste van hetzelfde probleem zit. Want diegene laat je vrijer dan je zou willen. En dus kom je toch ook weer in de problemen.”

Zijn deze processen dan te doorbreken? Van Dijk: “Er is een gezegde dat als je de stenen op je pad niet opruimt, je kinderen er ook over zullen struikelen. Dus als je problemen in je leven hebt, is het belangrijk die te erkennen en ermee aan de gang te gaan om ze op te lossen. Anders is de kans groot dat je kinderen jouw patroon gaan herhalen.”

Angst

Kan je persoonlijkheid een goede relatie met God in de weg staan? Volgens Drewes wel. Hij licht toe: “Als je bijvoorbeeld heel perfectionistisch bent, ben je dat ook naar God toe. Dan kan het zijn dat je alleen maar volgens regeltjes leeft, dat je hoge eisen aan jezelf stelt, zonder dat er een levende relatie is.”
Van Dijk vult aan: “Karaktereigenschappen kunnen er ook voor zorgen dat je een eenzijdige kijk op God hebt. Als je zelf perfectionistisch bent, zie je God ook als Iemand Die veel eisen stelt, Die er voortdurend op let of je het wel goed doet. Daardoor ontstaat er angst voor God. Zo iemand leest vaak ook alleen maar die teksten in de Bijbel die dat gevoel bevestigen, bijvoorbeeld teksten die gaan over het gebruik van talenten.
Er zijn ook mensen van wie het vertrouwen ernstig beschadigd is. Zij staan heel wantrouwig in het leven en vaak ook naar God toe. Mensen moeten dan leren anderen te gaan vertrouwen om daardoor ook een ander beeld van God te krijgen, om Hem van een andere kant te leren kennen.”

De cirkel doorbreken

De Canadese voorganger John Visser laat in zijn boek De cirkel doorbreken; gezonde kinderen uit disfunctionele gezinnen (Uitgeverij Navigator Boeken) zien op welke punten het al bij de basis, het gezin, fout kan gaan, maar ook hoe mensen disfuncties kunnen opheffen.
Zo schrijft hij op bladzijde 59 over wat hij de ouderlijke agenda noemt: ‘Sommige ouders proberen hun kinderen te dwingen om iets anders te zijn dan datgene waarvoor God hen ontworpen heeft. We kennen allemaal dat tafereel: vader of moeder kregen nooit de kans om naar school te gaan en daarom moet hun kind de universitaire studie doen die zij misgelopen zijn, ook al is hij of zij niet geboren om wetenschapper te zijn.
(...) Het spreekt vanzelf dat kinderen hun ouders graag een plezier doen en hun goedkeuring verlangen; daarom zal een kind maar al te vaak toegeven aan de verwachtingen en aan de druk die op hem wordt uitgeoefend.’
En verderop: ‘Er zijn ouders die hun kinderen mishandelen. Dat kan variëren van niet kwaad bedoelde verwaarlozing van fundamentele emotionele, lichamelijke en geestelijke behoeften tot wrede pesterijen en ernstige emotionele, lichamelijke en seksuele mishandeling. (...) Gebeurt dat in de tijd waarin onze persoonlijkheid nog gevormd moet worden, dan kan de schade aanzienlijk zijn. We houden ermee op normaal te functioneren en onze persoonlijkheid raakt gewond en misvormd.’
Visser ontdekt daarin een patroon dat van generatie op generatie kan doorgaan. Iemand zal overlevingsmechanismen ontwikkelen; een gebrekkige manier van in het leven staan. Zo iemand zal aangetrokken worden door iemand die even gebrekkig functioneert. Dit kan ervoor zorgen dat de disfunctie van de ene op de andere generatie wordt doorgegeven. Wel wijst Visser daarbij op het goede nieuws van Jezus Christus Die deze cirkel kan doorbreken.

Schuld

Toch kan volgens de auteur de schuld niet volledig bij de ouders gelegd worden. Hij schrijft op bladzijde 156: ‘Het is echter belangrijk dat we ons realiseren dat we niet kunnen veranderen wat anderen ons hebben aangedaan. Evenmin kunnen we hun de schuld geven van alle problemen die we hebben ondervonden. Wat er van ons leven terechtkomt, is niet eenvoudigweg een direct gevolg van de pijn of mishandeling die we ervaren hebben. Velen zijn door onzeglijke mishandeling gegaan en toch, dankzij Gods genade, liefhebbende en verantwoordelijke individuen geworden. Waarin zit het verschil? Het gaat erom hoe we reageren op de pijn die we ervaren. Als we alles binnenin ons opslaan en ons leven vullen met woede en bitterheid, zal de mishandeling zeker ons leven vernietigen. Als we daarentegen de zaak eerlijk onder ogen zien en haar overgeven aan God, terwijl we de verantwoordelijkheid voor onze eigen verkeerde reacties op ons nemen, is Hij zeker in staat om het ten goede te keren.
(...) Dat is moeilijk. Alles in mij roept dat het de schuld is van die ander. En misschien was dat ook zo. Maar mijn probleem wordt er niet mee opgelost als ik me daarop blind blijf staren. Ik zal juist steeds bozer worden, omdat de kans groot is dat de ander zijn fout niet zal willen toegeven. Wat ik het hardst nodig heb, is dat ik mijn eigen tekortkomingen in deze zaak onder ogen zie en mijn eigen falen in vertrouwen en gehoorzaamheid erken. Als ik in de juiste verhouding tot God sta, zal Hij voor al het andere zorgen, op Zijn eigen tijd en op Zijn eigen manier.’

Tip voor de redactie?

Of heb je een foutje gezien? Mail ons

Meer over