Icon--npo Icon--twitter Icon--facebook Icon--instagram Icon--mail Icon--search Icon--video Icon--image Icon--audio Icon--EO Icon--whatsapp Icon--linkedin Icon--snapchat Icon--youtube Icon--quote arrow-right Icon--menu Icon--background Icon--backgroundContent Icon--overlayBottom Icon--overlayTop

Grenzen stellen en consequent zijn

‘Moeders hebben soms het gevoel er alleen te zijn voor de was en het eten’

in Geloven

Welke ontwikkeling maakt een kind in de leeftijd van peuter tot puber door en hoe stel je je daar als ouders op in? Hoe stel je grenzen en hoe blijf je consequent? En wat doe je als je kind jouw grenzen met voeten treedt? Liefde en tijd zijn onontbeerlijk in de opvoeding van opgroeiende kinderen, stelt ontwikkelingspsycholoog Heleen Niemeijer.

Heleen (46) is moeder van drie kinderen in de leeftijd van 22, 20 en 17 en als ontwikkelingspsycholoog werkzaam bij stichting gereformeerde geestelijke gezondheidszorg Eleos. Een van de dingen die haar in haar werk opvallen, is dat ouders steeds onzekerder lijken te worden. Ouders durven geen grenzen te stellen en niet duidelijk en consequent te zijn, zodat het kind gaat zoeken naar hoe ver het kan gaan. Heleen noemt een paar oorzaken van die onzekerheid.

"Het kan zijn dat ouders zelf erg begrensd zijn in hun jeugd en dat absoluut niet op de kinderen over willen brengen, maar dan daarin doorslaan. Het kan ook een compensatie zijn van het feit dat je te weinig tijd hebt voor je kind. Dus dat ouders zo druk zijn dat ze in de uurtjes die er zijn, de zogenaamde ‘kwaliteitsuurtjes’, geen stress of conflicten willen en dan maar toegeven. Dan loopt het ook uit de hand."

Consequent zijn
De onzekerheid is ook maatschappelijk te verklaren. Tot ongeveer de jaren vijftig kregen de meeste kinderen een autoritaire opvoeding. Toen die had afgedaan, was ‘vrije opvoeding’ de manier. Maar die bleek ook niet goed te zijn, dus hoe moet het dan wel?

Heleen: "Aan de ene kant moet je duidelijk kunnen en durven zijn, maar aan de andere kant moet je niet op alle slakken zout leggen. Je moet hoofd- en bijzaken onderscheiden in de opvoeding. Je hebt ouders die overal een punt van maken. Ja, dan krijg je geen gezellige sfeer in huis. Maar als je voor jezelf de belangrijke zaken kunt vaststellen, waar je consequent in blijft en die volhoudt, vang je al veel moeilijkheden op. En natuurlijk kun je dan daarnaast best flexibel zijn en dingen door de vingers zien." 

Consequent zijn, is duidelijk zijn. En dat betekent volgens de pedagoge dat je soms ook ‘nee’ moet zeggen. "Na verloop van tijd weet het kind dat het geen zin heeft om verder te zeuren, want dan is ‘nee’ ook ‘nee’."

(Peuter)puberteit
Heleen geeft aan dat ouders vooral in de eerste jaren van een kind moeten investeren. "Die investering is het wel waard, als je kijkt naar het nut ervan als het kind ouder is." Ze legt uit: "Een jong kind denkt niet na over zijn emoties en is heel primair in het uiten ervan. Als iets tegen zit, wordt het gewoon boos, en als het iets krijgt, is het blij. Het is als het ware een open boek. Ik denk dat die emoties in de peutertijd heel heftig kunnen zijn. Dat is ook de koppigheidsfase.
Daarna, als het kind eenmaal naar school gaat, komt zijn leven in wat rustiger vaarwater. Totdat het in de puberteit komt, wat eigenlijk de herhaling is van die peuterpuberteit. Dan kunnen kinderen heel dwars en koppig zijn. Maar omdat ze ook met zichzelf in de knoop zitten, zie je die labiliteit ook in de emoties. De ene keer is alles gaaf en cool en de andere keer is het allemaal niks.
Heb je je kind goed leren kennen als peuter, dan weet je hoe hij als puber in elkaar zit en kun je begrijpen waarom hij zich bijvoorbeeld terugtrekt als er problemen zijn. Dat deed hij namelijk vroeger ook al zo."

Vriendschappen
De hele ontwikkeling van een kind is gericht op loslaten en losmaken. De eerste stap daarvoor wordt gezet als de navelstreng doorgeknipt wordt. Heleen: "In die eerste jaren ben je alles voor het kind en het kind is alles voor jou, dus die relatie is heel hecht. Maar zo gauw het kind naar de peuterspeelzaal gaat, ontmoet het andere kinderen. Dan gaat het naar de basisschool en wordt de juf heel belangrijk. Dan moet je als ouders soms een stapje terug doen, want wat de juf zegt, dat is het. En niet meer wat mama of papa zegt. Vriendschappen worden dan ook belangrijker.
Totdat de puberteit komt en vrienden echt heel belangrijk worden en waarin je als moeder echt het gevoel kunt hebben: ‘Ben ik alleen nog voor de was en het eten’? Maar waarin je toch emotioneel nog heel betrokken kunt blijven bij je kinderen."

De pedagoge denkt dat het in deze fase vaak mis gaat. "Ouders kunnen het gevoel krijgen dat ze niet meer nodig zijn en trekken zich emotioneel wat terug van hun kind. "Maar," waarschuwt ze, "dat moet je nooit doen. Want als je niet meer op de hoogte bent van je kind, niet meer weet waar je kind mee bezig is en met wie het omgaat, dan gaat er iets verkeerd. Zeker als een kind een jaar of twaalf is, gaat hij om met kinderen die roken, drinken, misschien al drugs gebruiken, en rondhangen in winkelcentra. Dus houd die interesse in je kind. Vraag niet alleen hoe het was op school, maar ook wat het gedaan heeft, naar wie het toegaat en wanneer het thuiskomt. Je blijft als ouders een sturende taak houden voor je kinderen. Dus af en toe moet je daarover gesprekken hebben. Wij zeggen ook wel eens tegen de kinderen: ‘Leuk dat jullie zoveel contacten hebben, maar er is ook een taak in het gezin. Wij kunnen het niet alleen voor jullie gezellig maken, dat doen we met elkaar’. Aan de andere kant; probeer te relativeren, gebruik je gevoel voor humor. De puberteit gaat ook snel voorbij."

Tot welke leeftijd kun je nog duidelijk grenzen stellen en mag je van een kind verwachten dat het je gehoorzaamt, ‘omdat jij het zegt’?
"Als je een kind van jongs af aan grenzen leert, komt hij erachter dat grenzen ook veiligheid en duidelijkheid bieden. Tot een jaar of zes hoef je niet te onderhandelen over die grenzen. Dan moet hij gewoon duidelijk weten dat dingen zo zijn omdat papa en mama dat zeggen. Eindeloos onderhandelen heeft dan helemaal geen zin. Je kunt bepaalde dingen een keer uitleggen, dan kunnen ze kiezen of ze het begrijpen of niet. Op een gegeven moment kun je ook zeggen: ‘Ik heb die ervaring, neem dat nu maar van me aan’. 

Als het kind een jaar of twaalf is, zal het die grenzen op gaan rekken en zul je ook als ouders moeten kijken of je grenzen nog passen bij de leeftijd van het kind, of dat je je grenzen zelf ook moet verleggen. Bovendien mag je als ouders ook best eens toegeven dat je ergens naast zat. Of je excuses aanbieden als je ergens te strak in bent geweest. Die open communicatie is heel belangrijk."

En als een puber weigert je grenzen te accepteren?
"Ik kan me voorstellen dat je afspraken maakt over iets. Als een kind dan toch over jouw grenzen heengaat, kun je hem confronteren met de afspraken die je gemaakt hebt. Het ene kind zal er erg van balen als je hem verbiedt om uit te gaan bijvoorbeeld, het andere kind is gevoeliger voor het inhouden van zakgeld. Dat kun je als ouder wel heel kinderachtig vinden, maar het kind gedraagt zich ook heel kinderachtig. Het kan zich blijkbaar niet aan afspraken houden, dus zal daar de gevolgen van moeten ondervinden."

Identificatiefiguur
Heleen krijgt in haar praktijk nogal eens met moeders te maken die moe zijn van al die conflicten en confrontaties met hun kinderen en die wat dat betreft aan hun top zitten. "Dan vraag ik mij wel eens af: ‘Waar is de vader’? Meestal komt er dan een verontschuldiging, want vader heeft het zo druk met zijn werk, zit in de kerkenraad en moet huisbezoeken doen. Maar waar liggen dan je prioriteiten? Kinderen heb je van God gekregen en je hebt ze maar een aantal jaren onder je hoede. Je hebt daar je eerste verantwoordelijkheid voor en dan is het de taak van de vader om de moeder te ondersteunen. Zo ervaart het kind ook dat zijn ouders op één lijn zitten.

Bovendien is een vader vooral voor zijn zoon een identificatiefiguur. Een vader die alleen maar opgaat in zijn werk, de kerk en zijn eigen hobby’s, moet niet verwachten dat hij nog veel invloed uit kan oefenen op zijn kind. Het kan er in de opvoeding best eens heftig aan toe gaan, maar als je kunt luisteren naar elkaar en respect voor elkaar blijft houden, kom je er echt wel weer uit."

Liefde en tijd
Heleen ziet in de opvoeding duidelijk de rol van het geloof. "Je hebt als ouders veel wijsheid van God nodig. We kunnen het allemaal zo mooi bedenken, maar zonder God gaat het heel moeilijk. Daarnaast hebben kinderen heel veel liefde en tijd nodig, ook op momenten dat het jou eigenlijk niet uitkomt. Vooral met tieners. Ik merk dat zelf ook. Soms denk ik om negen uur ’s avonds: ‘Ik ben zo moe, ik ga lekker naar bed’. Maar dan komen de kinderen juist, want dan ben ik even rustig. En dan zeg ik ook wel eens: ‘Jongens, ik wil nu even rust’. Maar aan de andere kant, blijkbaar ervaren zij die tijden als momenten waarop ik er even helemaal ben. En dan luister ik toch maar. 

Ik denk dat je je als ouders moet realiseren dat je niet op de momenten dat jij als ouder tijd hebt, kunt verwachten dat je kind dan ook naar je toe komt. En dat is in deze drukke maatschappij wel eens lastig."

Tekst: Mirjam Hollebrandse
Visie 20 | 2003

Drie verschillende opvoedingsstijlen en hun resultaten

Autoritair; een beperkende stijl, ouders’ wil is wet en er wordt weinig rekening gehouden met het kind. Niet luisteren betekent straffen. Resultaat: kinderen zijn sneller geïrriteerd, humeurig, soms bijna vijandig en kennen weinig innerlijke motivatie. Ze zijn bovendien gevoelig voor stress en zijn snel in conflict met anderen.

Permissief; de zogenaamde laissez faire stijl, de laat-maar-waaienhouding. Kinderen krijgen veel ruimte voor emoties, maar er is niet veel toezicht en controle op hun gedrag en worden niet of nauwelijks begrensd. Resultaat: kinderen zijn dominant, hebben een laag prestatieniveau, beschikken over weinig zelfcontrole en vermijden problemen zo lang mogelijk.

Authoritatief; een flexibele stijl gebaseerd op love & limits. Er is veel vrijheid, maar er zijn ook duidelijke regels met een uit- en overlegsfeer. Resultaat: kinderen met deze opvoeding zijn vaak doelgericht, vriendelijk, nieuwsgierig en hebben veel zelfcontrole.

Overigens zijn er meerdere factoren, zoals het eigen karakter en vrienden, die een kind maken tot wie het is. De opvoedingsstijl is uiteraard niet de enige bepalende factor.

Tip voor de redactie?

Of heb je een foutje gezien? Mail ons